`Irak voert al jaren militair materieel in'

Irak heeft de afgelopen jaren ondanks het handelsembargo van de Verenigde Naties weinig moeite gehad om materiaal te importeren voor de ontwikkeling van raketten en kernwapens.

Dat blijkt uit tot dusverre niet gepubliceerde rapporten van de wapeninspectie van de VN waarop Amerikaanse onderzoekers de hand hebben gelegd. Irak betrekt zijn materiaal volgens deze documenten met name van bedrijven in Oost-Europa en Rusland. De bevindingen van Gary Milhollin, directeur van het in Washington gevestigde Wisconsin Project on Nuclear Arms Control en onderzoeker Kelly Motz worden gepubliceerd in het juli-augustus nummer van het blad Commentary.

De Veiligheidsraad van de VN discussieert op dit moment over een Amerikaans-Brits voorstel voor zogeheten `slimme sancties' tegen Irak, die civiele importen vrijlaten maar maatregelen tegen de invoer van goederen voor militair gebruik en de illegale uitvoer van olie (via Turkije, Syrië, Iran en Jordanië) te verscherpen. Maar Milhollin en Motz schrijven in hun rapport dat dit voorstel ,,weinig kans heeft de Irakezen te verhinderen naar binnen te smokkelen wat zij nodig hebben om hun wapenfaciliteiten te herbouwen en de olie naar buiten te smokkelen om ervoor te betalen''. ,,Zelfs toen het wapeninspectieregime van de VN nog ter plaatse was, hadden de Irakezen al uitgevonden hoe ze dat moesten doen''.

Irak importeerde in de jaren negentig goederen uit ten minste 20 landen, zo citeren de twee onderzoekers uit een rapport van de wapeninspectie UNSCOM voordat deze zich eind 1998 voorgoed uit Irak terugtrok. Op de lijst Iraakse aankopen stonden ,,kant-en-klare faciliteiten, volledige productielijnen, industriële expertise, geavanceerde onderdelen [waaronder raketmotoren] en grondstoffen'', aldus het geciteerde UNSCOM-rapport. UNSCOM is in december 1999 vervangen door de wapeninspectie UNMOVIC.

Irak besloot volgens de onderzoekers begin jaren negentig om zich voor zijn illegale wapenbehoefte op Oost-Europa en Rusland te richten waar na de ineenstorting van het Sovjet-rijk een rijke wapenmarkt was opgebloeid. Zij beschrijven bezoeken van Iraakse delegaties naar bedrijven in Wit-Rusland, de Oekraïne, Roemenië en Rusland. De smokkelwaar wordt bijna altijd naar Jordanië vervoerd, en vervolgens per vrachtwagen Irak binnengebracht.

Om deze toevloed van illegaal materiaal af te snijden zouden de VN de medewerking moeten krijgen van de genoemde landen. Bovendien zouden de landen die nu meewerken aan de smokkel van Iraakse olie, zoals Turkije en Syrië, het geld dat zij nu aan Bagdad betalen aan de VN moeten sturen en ook de smokkelroutes voor andere waar afsnijden. Dat dit alles gebeurt, is hoogst onwaarschijnlijk.