Zwaaien met je armen, maar hoe?

De Zwembadpas uit Theo Thijssens jeugdboek `Kees de Jongen' spreekt nog altijd tot de verbeelding van velen. Afgelopen zaterdag organiseerden Thijssens grootste fans de eerste `Dag van de Zwembadpas'.

,,Een bijzondere manier van voortbewegen, hollen zonder rennen en lopen zonder vallen'', zo omschreef Bernard Kruithof, bestuursvoorzitter van het Theo Thijssen Museum, zaterdag de `zwembadpas' uit Thijssens legendarische jeugdboek voor alle leeftijden, Kees de Jongen (1923). In de Amsterdamse Westerkerk begon 's middags onder grote belangstelling de eerste `Dag van de Zwembadpas', niet ver van de Leliedwarsstraat waar Theo Thijssen (1879-1943) opgroeide en de Prinsengracht waar hij op school zat, net als zijn personage Kees Bakels. Kees leert de zwembadpas van een vriendje dat bij een gymnastiekvereniging zit. `Als je 's goed opschieten wou, moest je voorover gaan lopen, net of je telkens viel, en dan maar met je armen zwaaien, heen en weer', schrijft Thijssen. Op weg naar het zwembad kwam het Kees en zijn vrienden goed van pas.

Onder Thijssen-liefhebbers is al lang een richtingenstrijd gaande over het armzwaaien: moeten de armen langs het lichaam waaien, van voor naar achter, of voor het lichaam, van links naar rechts? De Zwembadpas-dag moest uitsluitsel geven. Mimespeler Rob van Reijn demonstreerde de eerste variant, terwijl Hans Dagelet, die in 1970 in Gerben Hellinga's toneelbewerking van Kees de Jongen speelde, voorlas uit het boek. Aan de eerste variant bleek na stemming ook de meerderheid van het publiek de voorkeur te geven. De kleindochter van Theo Thijssen, Rik Biesma-Thijssen, vond echter dat de armen van links naar rechts moesten zwaaien.

Dr. Piet van Wieringen, bewegingswetenschapper aan de VU, presenteerde de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek naar de efficiëntie van de zwembadpas. Elf volwassenen en twee jongens in de leeftijd van Kees waren op de lopende band gezet, om te lopen, joggen en de zwempadpas-varianten uit te voeren. Het energieverbruik bleek enorm bij de zwembadpas, en de proefpersonen klaagden over rugpijn. Van Wieringen: ,,De zwembadpas werkt beter in de literatuur dan in de realiteit''.

Historicus Peter-Paul de Baar, voorzitter van het initiatiefcomité van de Dag, hief een `lang zal hij leven' aan, want het was de 122ste geboortedag van Thijssen. Rick de Leeuw van de Tröckener Kecks zong tenslotte zijn `Zwembadpaslied', begeleid door accordeon en gitaar: `En maar zwaaien met zijn armen/ Zwaaien met zijn armen/ Heen en weer, heen en weer, heen en weer'.

Buiten op de Westermarkt werd de dag voortgezet. De kleindochter van Thijssen had eerder gesproken van de `liefde die iedereen voelt als het over Thijssen gaat'. Bij de zwembadpas-kampioenschappen op de markt zagen we de diverse manieren waarop die Thijssen-liefde zich kan uiten: oudere mannen veranderden in jongens, kinderen voelden zich Kees en een zwerfster trok haar kleren uit. Een jury, met daarin de Amsterdamse wethouder voor Cultuur Saskia Bruines, beoordeelde de zwembadpas-lopers op snelheid maar vooral op stijl. Acteurs uit Hellinga's toneelstuk, `mafkezen' en mensen met de naam Kees liepen de race; van de beloofde `prominenten' kwamen alleen Frits Barend en Matthijs van Nieuwkerk opdagen. Ook kinderen van diverse Amsterdamse scholen kwamen tegen elkaar uit; Daphne Graat van de Louis Bouwmeesterschool won de kampioensbeker. De verrichtingen werden gevolgd door een groot aantal fotografen en televisiecamera's, wat Rick de Leeuw de opmerking ontlokte: ,,Dit is de officiële opening van het komkommer-seizoen''.