ZOVEEL EXTRA MILJARDEN VOOR MEDISCHE ZORG, EN: HELPT HET? GEEN IDEE. PARLEMENT IS ONGEDULDIG...

Dit is een aansporing tot een nationale speurtocht. Het betreft de vele tientallen miljarden die omgaan in de gezondheidszorg. De kwestie is de volgende.

Enerzijds is het budget voor de zorgsector de afgelopen zeven jaar met bijna vijftig procent gestegen – van 59 naar 85 miljard gulden. Plús 26 miljard, kortom. Anderzijds is de maatschappelijke waardering voor de medische zorg niet navenant toegenomen. De stemming in de samenleving is uiterst bedrukt: langere wachtlijsten, loodzware werkdruk in ziekenhuizen, verschraalde verpleging en verzorging voor ouderen en gehandicapten, overbelaste huisartsen, enzovoorts.

De vraag luidt: hoe valt het één met het ander te rijmen? Hoe valt het te verklaren dat er zoveel extra miljarden in `het systeem' zijn gepompt, terwijl dat vooral lijkt te resulteren in kommer en kwel.

Stuur uw antwoorden naar zorg@nrc.nl. De redactie zal de beste inzendingen graag doorsturen naar minister Borst (Volksgezondheid) en de `zorgspecialisten' in de Tweede Kamer. Zij immers zitten met de handen in het haar.

Vorige week is in de Kamer voor de tweede keer een `verantwoordingsdebat' gevoerd, waarin is teruggeblikt op de geboekte resultaten in het afgelopen begrotingsjaar. Het Kamerdebat klonk als een oefening in onmacht. PvdA'er Rob Oudkerk stelde de kernvraag meteen in de eerste minuut van het debat: ,,Krijgen we boter bij de vis?'' In het kort toegelicht: in hoeverre helpen die extra miljarden voor de zorgsector ook werkelijk? In hoeverre wordt de medische hulp er merkbaar en voelbaar beter van?

Bijna twee uur later, aan het einde van het debat, herhaalde Oudkerk exact dezelfde vraag, waarop hij nog steeds geen antwoord had gekregen. Omdat op die ene vraag onmogelijk één antwoord gegeven kan worden. Maar vooral omdat de bewindsvrouwen Borst en Vliegenthart nauwelijks greep kunnen krijgen op deze ondoordringbare sector met vele duizenden verzekeraars, instellingen, zelfstandige bestuursorganen, maatschappen, kleine zelfstandigen, beroepslobby's, enzovoorts.

Enkele cijfers. In het afgesloten boekjaar 2000 is 771 miljoen gulden extra besteed om de werkdruk in de zorgsector te verminderen. Het aantal arbeidsplaatsen is met 36.000 uitgebreid. Helpt het, in termen van minder ziekteverzuim onder medisch personeel, of van kortere wachtlijsten voor patiënten? De vraag is eenvoudig te stellen maar nauwelijks te beantwoorden.

Nog wat cijfers. Het budget voor de zorg mocht vorig jaar met 4,2 miljard gulden toenemen, waarvan 745 miljoen (eenzesde deel) niet is uitgegeven. `Onderuitputting', heet dat. Het geld was er wel, maar personeel was niet te vinden. Bijna eenderde van het `overschot' (235 miljoen) is blijven steken in bouwfondsen voor meer en menswaardiger verpleeghuizen en andere instellingen. Inderdaad, geen aannemer te krijgen.

Minister Borst wond er in de Kamer geen doekjes om: het zal nog jaren duren voordat de balans tussen investeringen enerzijds en geboekte resultaten anderzijds echt kan worden opgemaakt. De sector is namelijk voor het grootste deel `premie-gefinancierd', wat betekent dat de boekhouding buiten de rijksbegroting om gaat. De minister is derhalve, bij het afleggen van verantwoording, sterk afhankelijk van de jaarverslagen die ze uit de sector krijgt. Afspraken en convenanten zijn er volop om de minister sneller te voorzien van betere cijfers. Maar vooralsnog blijft het behelpen, met bijvoorbeeld 30 procent van de ziekenhuizen die – ondanks herhaald aandringen – nog steeds niet in staat zijn geweest informatie te verschaffen over de lengte van hun wachtlijsten.

Het zou te simpel zijn om zoveel onduidelijkheid over zo ontzettend veel geld volledig in de schoenen te schuiven van de bewindslieden op VWS. Maar intussen neemt het ongeduld in het parlement wel toe. De politieke druk komt van twee kanten: uit de Tweede én uit de Eerste Kamer.

De senaatsfractie van het CDA lanceerde vorig jaar het revolutionaire idee een parlementaire enquête in te stellen naar de geldstromen in de gezondheidszorg. De Eerste Kamer heeft, evenals de Tweede Kamer, het `recht van enquête', maar de senatoren hebben hiervan in de bijna tweehonderd jaar parlementaire geschiedenis nog nooit gebruikgemaakt.

Het CDA heeft een krachtige lobby gevoerd om de meerderheid van de Eerste Kamer voor dit idee te winnen, maar dat is uiteraard niet gelukt. Coalitiefracties willen natuurlijk wel kritisch en dualistisch tegenover de bevriende bewindslieden staan, maar het moet natuurlijk niet te dol worden. Geen enquête in de Eerste Kamer, kortom.

Intussen heeft het CDA wel enig succes geboekt met de poging de zorgsector financieel door te lichten. Na het zomerreces moet minister Borst hiertoe voor een afzonderlijk debat in de Eerste Kamer verschijnen. Ook dat is bijzonder. Normaal gesproken debatteert de senaat alleen over begrotingen en wetsvoorstellen. Bewindslieden worden zelden of nooit voor een `algemeen' debat naar de Eerste Kamer geroepen. Ter voorbereiding van dit debat moet minister Borst nog vóór het zomerreces een elf pagina's lange brief met vele tientallen schriftelijke vragen beantwoorden. Het geeft de minister en haar ambtenaren massa's werk, voor een instituut dat volgens de voorzitter van de Tweede Kamer overbodig is.

Vergelijkbare bewegingen zijn inmiddels ook waarneembaar in de Tweede Kamer. Hier is het de VVD-fractie die aanstuurt op een parlementair onderzoek. Het verantwoordingsdebat, zoals vorige week gevoerd, heeft in de ogen van de liberalen onvoldoende helderheid gebracht. Het liefst zou de VVD op korte termijn een aparte werkgroep van Kamerleden installeren om zelf onderzoek te (laten) doen, maar dat gaat met name de coalitiepartners PvdA en D66 toch iets te snel. Dus ook maar eerst een lange brief met vragen naar het kabinet gestuurd, in afwachting van antwoorden die niet in helderheid zullen kunnen uitblinken.

Waarmee de Eerste en de Tweede Kamer in een competitie zijn verwikkeld om de scherpste vragen aan de regering te stellen over de geldstromen in de gezondheidszorg. Het parlementaire stelsel is concurrerend. Nu het zorgstelsel nog.

De Tweede Kamer bespreekt deze week plannen voor een andere organisatie (SUWI) in de uitvoering van de sociale zekerheid.