Doordouwer

,,Rotterdam heeft me meer geënerveerd en uit het lood geslagen dan me lief was.' Wim Thomassen, de zaterdag op 91-jarige leeftijd overleden oud-burgemeester van Rotterdam, vatte zo bij zijn afscheid eind 1974 negen jaar bestuur van de Maasstad samen.

Thomassen stond model voor de klassieke naoorlogse bestuurder waaraan Rotterdam na Van Walsum behoefte had. Veel energie had hij gestoken in partijvernieuwing in Nederland. Voor de oorlog als voorzitter van de Arbeiders Jeugd Centrale (AJC), aan het eind van de Tweede Wereldoorlog en kort daarna als een van de wegbereiders voor de PvdA, die in 1946 werd opgericht. Hij was een van de partijsecretarissen en werd tot Kamerlid gekozen.

Het échte bestuurswerk trok Thomassen echter meer en twee jaar later al werd hij burgemeester van Zaandam, waar hij tien jaar bleef. Van 1958 tot 1965 was hij burgemeester van Enschede, waarvan hij zich moeilijk kon losmaken, vooral omdat hij opzag tegen de overstap van een stad met 135.000 inwoners naar Rotterdam met 700.000. Eenmaal in Rotterdam raakte hij snel door de stad bevlogen. De haven moest worden uitgebreid, het industriële complex moest expanderen.

Hij zelf beheerde de havenportefeuille om er op toe te zien dat Rotterdam geen enkele boot zou missen. Rotterdam moest maximaal profiteren van zijn geografische ligging en een substantiële bijdrage leveren aan de lokale en nationale werkgelegenheid.

Mét de stapel rapporten die beschreven hoe Rotterdam verder kon uitbreiden, naar het westen maar ook naar het zuiden, groeide ook de tegenzin onder bevolkingsgroepen die vonden dat het woord milieu wel met heel kleine lettertjes in de plannen voorkwam. Thomassen kwam regelmatig in botsing met het Rotterdamse actiewezen. De verpaupering van de oude stadsdelen, waarvan Thomassen de schuld kreeg, was een geliefd thema.

De doordouwer Thomassen moest het ook opnemen tegen zijn eigen PvdA, die de expansie van Rotterdam langzamerhand wel welletjes vond. Twee jaar voordat hij met pensioen ging en zich in Schoorl terugtrok, moest Thomassen het beleven dat hem de havenportefeuille werd ontnomen.

Na zijn pensionering was Thomassen zeer actief als onbezoldigd ambassadeur voor Antarctica. Hij ijverde succesvol voor grotere betrokkenheid van Nederland bij pogingen om het zuidpoolcontinent te vrijwaren van economische activiteiten. In de avonduren gaf hij lezingen over de zuidpool waarbij hij veel bewondering oogstte met zelfgemaakte foto's van weddell-zeehonden, keelbandpinguïns en ijsbergen.

Rectificeerd

Necrologie Thomassen

In de necrologie van burgemeester Thomassen, getiteld Doordouwer, (in de krant van maandag 18 juni, pagina 3) wordt vermeld dat hij voorzitter van de Arbeiders Jeugd Centrale is geweest. Thomassen was echter secretaris van de AJC, zoals ook in het nieuwsbericht over zijn overlijden op pagina 1 van dezelfde krant staat.