Bleke Ebi

Eberhard Diepgen (59) moet eraan geloven. Zaterdag ruimde hij het veld als burgemeester van Berlijn. ,,Ik ben crisisbestendig'', had hij eerder nog laten weten. Maar nadat een meerderheid van het Berlijnse parlement instemde met een motie van wantrouwen, was het doek voor `Ebi' gevallen.

,,De breuk in de coalitie zou me niet hebben mogen verrassen, omdat ze lang van tevoren was gepland. Maar ik ben er toch door geraakt'', zei Diepgen nadat de SPD samenwerking met de CDU had opgezegd. Diepgen heeft zich krachtig geweerd. Hij trad avond na avond op in talkshows om de Berlijners ervan te overtuigen, dat hij de stad uit de financiële misère zou halen. Vergeefs.

Te lang had Diepgen zijn partijvriend Klaus Landowsky, voormalig CDU-fractieleider, de hand boven het hoofd gehouden. Te lang ook waren de belangen van de CDU verstrengeld met die van de Berlijnse staatsbank (Bankgesellschaft Berlin). Jarenlang speelde Landowsky als fractieleider en voorzitter van bankendochter Berlin Hyp, partij en bank de bal toe. Toen ook nog aan het licht kwam dat de bank voor zes miljard mark het schip was ingegaan vanwege mismanagement bij onroerend goedtransacties was Landowsky's politieke lot bezegeld.

Maar ook dat van burgemeester Diepgen. Het financiële wanbeheer eiste politieke consequenties op het hoogste niveau. Zestien jaar heeft Diepgen de stad bestuurd; alleen in het bewuste jaar 1989 toen de Muur viel was SPD-er Momper burgemeester. Hoewel de saaie Diepgen ook als ,,bleke Eberhard'' bekend stond, was hij bij de Berlijners populair. Bij de laatste verkiezingen in 1999 kreeg zijn CDU bijna twee keer zoveel stemmen als de SPD. Met rustige hand heeft Diepgen de bewoners van de stad door de roerige tijd geleid, die na de hereniging volgde. De stijging van de werkloosheid, de bouwputten in de stad, de komst van de Bonners – de Berlijners hebben het onder Diepgens leiding zonder grote sociale onrust doorstaan. Des te groter is de ontgoocheling over de financiële puinhoop die hij achterlaat.