Bemiddelaars helpen rechters

Afgelopen week riepen Rotterdamse rechters mediators te hulp om achterstanden weg te werken: de Rotterdamse mediationweek.

De rechter moet rechttrekken wat in het verleden misliep. Daarbij hanteert hij het recht als norm. Na die correctie is alles weer in orde. Dat blijkt niet altijd waar. Na een rechterlijk vonnis blijft er vaak een levensgroot probleem bestaan. Bovendien heeft niet iedereen de tijd om op de uitkomst van een slepende rechtszaak te wachten. De uit de VS overgewaaide bemiddelingsmethode van mediation kiest een ander uitgangspunt: opportunistisch en toekomstgericht.

Bij de rechtbank in Rotterdam liggen ongeveer 3.000 zaken op de plank van burgers en bedrijven die tegen elkaar procederen (civiele zaken). In de helft van die gevallen heeft bemiddeling geen zin. Dat kan zijn omdat de partijen zelf al weer aan het onderhandelen zijn of omdat het eindvonnis voor de deur staat. Maar ook bij de andere zaken leggen de meeste partijen hun lot liever in handen van de rechter dan een mediatior in te schakelen. Uiteindelijk aanvaardden afgelopen week maar weinig mensen het aanbod van de rechtbank om op kosten van Justitie vrijblijvend over te stappen op mediation. Dertig zaken kwamen terecht in het circuit van de Rotterdamse mediationweek. Evenzoveel ervaren mediators speelden daarbij de rol van neutrale derde.

Een mediator geeft geen oordeel en neemt geen standpunt in maar hij laat de betrokkenen hun huidige en toekomstige belangen inzien. Op die basis moeten ze zelf naar een oplossing voor hun probleem toewerken. Dat gebeurt in een strikt vertrouwelijke sfeer. Mocht de mediation mislukken, dan gaat de rechtszaak gewoon verder. Niets van wat tijdens de mediation aan de orde kwam, mag dan nog te berde worden gebracht. De partijen die tijdens de mediationweek het alternatieve pad insloegen, hebben daar geen spijt van. Nog voor de afloop van de week was bijna de helft van de slepende geschillen al uit de wereld geholpen. De mediators hebben tot oktober de tijd om die score te verbeteren.

Bij de voorgelegde zaken zitten gevallen waarbij twee zakenpartners met elkaar overhoop liggen of waarbij familieleden twisten over de verdeling van een boedel.

De goede samenwerking tussen rechters en mediators is opmerkelijk want beide methoden van geschillenbeslechting zijn fundamenteel verschillend. De rechter toetst wat er in het verleden is gebeurd aan vastliggende rechtsnormen. De zaak eindigt met een bindend vonnis. De juridische situatie speelt in een mediation een ondergeschikte rol. De door de rechtbank ingeschakelde mediators zijn in meerderheid niet eens jurist. De mediator is louter gespreksleider en zijn blik is gericht op de toekomst: de partijen moeten een oplossing uitwerken waar ze beide mee kunnen leven. Bij die aanpak is het niet zo productief lang bij het verleden stil te staan. Wel tellen bij mediation de emoties zwaar mee. Dat geldt ook voor allerhande bijkomstige zaken die niets te maken hebben met de argumenten waarmee de partijen elkaar voor de rechter bestrijden. Dit vormt een ander onderscheid met een rechtszaak. De rechter maakt een geschil hanteerbaar door het te versmallen tot een objectieve rechtsvraag. Mediation zoekt een oplossing door het geschil te verbreden. Alles wat in de verhouding tussen de partijen opspeelt, kan op tafel komen. Door op die manier zaken en emoties uit te praten, komt men bij complexe echtscheidingen of arbeidsconflicten vaak tot een betere oplossing dan met een rechterlijk vonnis.

Maar men kan ook met meer problemen eindigen dan waarmee men begon. Omdat de mediator geen actieve rol heeft bij het formuleren van een oplossing, kan hij niet in het strijdperk treden voor de zwakste partij. Zo kan een echtscheidingsmediation uitkomen op een alimentatiebedrag dat behoorlijk afwijkt van wat een rechter zou hebben toegekend. Dat financiële offer kan voor de betrokkene opwegen tegen bijvoorbeeld het herstellen van de lieve vrede, een passende omgangsregeling met de kinderen of het met modder gooien in de rechtszaal. De advocaat of een andere adviseur die men naar de mediation kan meenemen, kan wel een waarschuwende rol op zich nemen. Vastbesloten zelf de verantwoordelijkheid te nemen voor een volwassen afwikkeling van een stukgelopen huwelijk, lopen sommige mensen eerder naar een mediator dan naar de rechter.

Voorlopig zijn de doorgaans vrij simpele opleidingen tot mediator populairder dan mediation zelf. Als in oktober pakweg 20 van de 3.000 in Rotterdam aanhangige rechtszaken via mediation zijn opgelost, is dat geen spectaculair resultaat. Maar goed, bij het huidige tekort aan rechters is elke druppel op de gloeiende plaat er één. Mede daarom ziet de politiek ziet wel wat in de snelle en goedkope geschillenbeslechting. Aan het eind van de volgende kabinetsperiode is het misschien zo ver dat men met bepaalde geschillen pas na een mediationpoging bij de rechter kan aankloppen. Engeland en Duitsland kennen al dergelijke wetten.

Nederland is volop bezig met wetenschappelijk onderzoek naar de mogelijkheden van mediation om rechtszaken te voorkomen. De Rotterdams mediationweek past als eenmalig project in die onderzoeksopzet. Vanaf maandag is het bij die rechtbank afgelopen met de subsidie voor mediation. Elders lopen nog wel proefprojecten waarbij men aanhangige zaken kan onderbreken om kosteloos een mediation uit te proberen. Dat kan voor civiele zaken, financiële familiezaken en alle kort gedingen bij het gerechtshof, de rechtbank en het kantongerecht in Arnhem. Bij de rechtbank in Zwolle bestaat de mediationoptie voor bestuurszaken. In Utrecht en Assen kan de rechtbank doorverwijzen in civiele gedingen, financiële familiezaken en kort geding. Bij de rechtbank in Amsterdam bestaat de mogelijkheid een conflict in bestuurszaken alsook elk kort geding te onderbreken voor een mediationpoging. Tijdens de proefperiode betaalt Justitie de rekening. Meer gegevens hierover krijgt men bij het landelijk projectbureau mediation voor de rechterlijke macht, telefoon: (026) 359 28 05. De internetsite www.rechtspraak.nl biedt enigszins verscholen ook informatie maar die loopt op dit onderdeel een half jaar achter.

Men kan los van de subsidie van Justitie een mediator inschakelen om een conflict uit te praten. De kosten liggen dan al snel op zo'n 2.500 gulden al bestaan er verschillende subsidieregelingen. Informatie daarover geeft de beroepsorganisatie van mediators op haar website: www.nmi-mediation.nl.