`WAO'er hangt aan slachtofferrol'

Het WAO-drama waarover de commissie-Donner onlangs adviseerde, kent een aantal hoofdrolspelers: werkgevers, bureaucraten, rechters, artsen en de zieke werknemers zelf. Wat is hun rol en kunnen de adviezen van Donner daar iets aan veranderen? Vandaag deel 5 van een serie: de zieke werknemer.

Verpleegkundige Joop Kroon (46) geeft na vijftien jaar WAO de moed niet op: hij blijft zeggen dat hij weer wil werken. Zes jaar probeert hij al om weer gedeeltelijk arbeidsgeschikt te worden verklaard, zodat hij zijn oude vak kan oppakken. Maar de keuringsarts gelooft er niet in. Die schreef na de speciaal aangevraagde herkeuring in Kroons dossier: `cliënt is nog steeds 100 procent arbeidsongeschikt'. Kroons verhaal bevestigt het stigma dat volgens Donner aan WAO'ers kleeft. ,,Er zijn er te veel, daar moeten wel fraudeurs tussen zitten, die onterecht een uitkering krijgen'', vat Fedor Klootwijk, algemeen directeur van reïntegratiebedrijf Argonaut, dit stigma samen.

Openlijk wordt getwijfeld aan het arbeidsethos van jonge WAO-vrouwen, die ruim de helft van alle nieuwe WAO'ers vormen en tweederde van de WAO'ers onder de 35 jaar. Zij zouden geen keuzes maken, alles (werk, zorgtaken, persoonlijke ontplooiing) tegelijk willen doen en overbelast in de WAO belanden. Dat vindt Simon Knepper, verzekeringsarts en beleidsmedewerker bij het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen.

Onderzoek wees meermalen uit dat de kans op werk sterk afneemt naarmate de uitkeringsduur stijgt. Daar zijn allerlei redenen voor, waarop de werknemer weinig vat heeft. Op één na: zijn motivatie om weer te werken. Reïntegratiebedrijf Argonaut zegt ten minste vier weken nodig te hebben om bij WAO'ers ,,mentale drempels'' te overstijgen. Die ontstaan door een negatief zelfbeeld en onzekerheid over de eigen capaciteiten, volgens alle betrokken partijen een mechanisme dat zich automatisch voordoet bij mensen die lang niet werken. Klootwijk: ,,Dat betekent dat we hard moeten werken aan hun motivatie. Ze moeten leren naar hun mogelijkheden te kijken, niet naar de onmogelijkheden''. Volgens verzekeringsarts Knepper nemen WAO'ers steeds vaker en overtuigender de slachtofferrol in. Vooral bij aandoeningen als het ME-syndroom en whiplash (vooral vrouwenziektes) ziet hij velen die ,,naar hun beleving niets meer kunnen. Hun hele leven en hun identiteit is doortrokken van het patiënt-zijn''.

Moet de samenleving berusten in een passieve rol van arbeidsongeschikten? Nee, zegt Mascha Oosterbaan, voorzitter van het Landelijk Overleg Vrouwen en Arbeidsongeschiktheid (LOV) en zelf al tien jaar in de WAO. Het is, zegt zij, de taak van groepen als het LOV om mensen die in de slachtofferrol blijven steken, daar op aan te spreken. ,,Vaak zeggen ze: `dáár is de schuld, ik kan er niks aan doen'. Wij stimuleren ze om het heft in eigen handen te nemen.''

Recent onderzoek van het ministerie van Sociale Zaken wees uit dat 16 procent van de WAO'ers het niet meldt als zij zich gezonder gaan voelen. Dit zou voortkomen uit onzekerheid over de capaciteiten en wegens de sociaal-economische zekerheid van de WAO-status ,,Er blijft veel arbeidspotentieel liggen'', erkent Oosterbaan. Ze kent het dilemma: ze doet al jaren tien uur per week vrijwilligerswerk, na een volledige afkeuring tien jaar geleden. Maar ze twijfelt of ze bij de herkeuring zal aangeven dat ze deels weer arbeidsgeschikt is. Wat als de klachten weer verergeren door vast werk?

Keuringsartsen gaven vorige week in deze krant aan dat zij vaak druk ervaren van cliënten om hen zo volledig mogelijk arbeidsongeschikt te verklaren. Volgens Oosterbaan hangt het oordeel bij de keuring grotendeels af van je eigen verhaal: in hoeverre kun je aantonen dat je een redelijke kans hebt op de arbeidsmarkt? Waarom is Joop Kroon onlangs weer voor 100 procent afgekeurd, terwijl hij al zes jaar zegt dat hij ten minste twintig uur per week kan werken? Als officiële reden gelden de oude rugklachten van Kroon, die zijn oude werk als verpleegkundige zouden uitsluiten. Kroon: ,,Ik spit probleemloos mijn moestuin van 600 vierkante meter om. En ik wandel weken met een rugzak van twintig kilo. De artsen willen me, denk ik, beschermen. Vijftien jaar geleden ben ik als manisch-depressief gediagnosticeerd. Van dat label kom ik niet meer af.''

De commissie-Donner wil dat werkgever en werknemer bij ziekte zelf oplossingen zoeken. Nu komen die vaak moeizaam tot stand, doordat allerlei externe instanties langs elkaar heen werken. Kroon vindt het idee sympathiek, maar gelooft er niet in. ,,Je moet het initiatief niet van hen laten afhangen. Niet van de werknemer: die wordt in beslag genomen door zijn ziekte. En óók niet van de werkgever, want die is druk bezig de zaak draaiende te houden''. Argonaut en Knepper hebben wél vertrouwen in een zwaardere rol voor werkgever en werknemer. Op voorwaarde dat er een toezichthouder komt met heldere bevoegdheden. Die ingrijpt als de partijen geen overeenstemming bereiken of plichten verzaken.

Voor Joop Kroon komen de plannen te laat. Hij begon dit jaar met een opleiding sociale dienstverlening. Als hij zijn stage-uren meerekent, heeft hij een 40-urige werkweek. Maar als hij volgend jaar afstudeert, is hij opnieuw verplicht werkloos. Want wie afgekeurd is, mag niet werken. Doet hij dat wel, dan is hij niet verzekerd tegen ziektekosten.

Eerdere delen van deze serie verschenen op 7, 9, 12 en 14 juni. Ze zijn te lezen op www.nrc.nl/denhaag.