Tegen de klok in

Waarom en sinds wanneer lopen atleten op de sintelbaan tegen de klok in? Want wat maakt het tenslotte uit welke kant iemand uit rent? Dit waren vragen waar sporthistorici deze week per e-mail over discussieerden. Er zijn verschillende verklaringen. De eerste is het makkelijkst: tegen de klok in lopen betekent altijd de bocht naar links nemen. Die regel zou zijn ingevoerd op de Spelen van 1908 in Londen. Daar we allemaal weten dat ze daar aan de linkerkant van de weg rijden, weten we ook waarom ze linksom rennen. En omdat in die tijd de spelregels werden vastgelegd, zitten we er nu nog steeds aan vast.

Het boek Athletics and Football van Montague Shearman uit 1888 ondermijnt die verklaring. Hij schrijft over een toen recent aangelegde baan in Cambridge. `Die was gebouwd met de intentie om deelnemers te laten rennen met de linkerhand aan de binnenzijde, ofwel tegen de klok in.' Uit de rest van het boek blijkt dat daarvóór de standaard juist andersom was, zoals dat ook het geval was op de Olympische Spelen in 1896. Er moet dus meer zijn dan alleen een maffe verkeerscultuur, want waar was de omslag?

Het antwoord op de vraag is moeilijk, maar een verklaring voor het waarom komt wel dichterbij. Deze bijvoorbeeld: omdat de meeste mensen rechtshandig en -voetig zijn, is de baan daarop aangepast. De bocht naar links nemen, betekent dat vooral de rechtervoet kracht moet zetten. Zoals onder andere Marnix Koolhaas van de VPRO-radio betoogde, zelf links en daardoor nooit doorgedrongen tot de internationale schaatstop. Want ook schaatsers rijden tegen de klok in.

Dat snijdt hout, maar wanneer is dat standaard geworden? Daarvoor zouden we oude wedstrijdfoto's moeten bekijken en turven in welk jaar ze welke kant opreden. Wie weet is er een omslag vanaf 1908 op de Spelen van Londen en schuiven alle genoemde mogelijkheden in elkaar. Dan is de hypothese dat vóór 1908 niemand zich echt druk maakte over de richting, totdat de Engelsen wegens hun eigenaardige verkeersgedrag (ten tijde van de opkomst van de automobiel) de baan naar links draaiden. Dat vonden de rechtsbenige deelnemers weer prettig in een tijd waarin de regels mondiaal werden gestandaardiseerd. In dat geval hebben we een verklaringscocktail met grote theorieën en domme toevalligheden die tot dit resultaat heeft geleid.

Jammer voor die tien procent die links is georiënteerd, zoals Koolhaas. Het is het onrecht van de minderheid, die over een glanzende sportcarrière alleen heeft mogen dromen. Of het voorstel van Koolhaas om een idee uit 1894 over te nemen, moet alsnog aanslaan. Maak van het parcours een achtbaan, zodat slechts de helft tegen de klok wordt ingereden. Dan maakt iedereen even veel kans.

jurryt@xs4all.nl