Op het kruispunt

Trams remmen stotend en tingelen hun rails vrij. Bussen openen sissend hun deuren, lozen passagiers en nemen ze op. Overstekers wringen zich langs toeterende auto's, fietsers zoeken hun weg over de stoep.

Een naderende ambulance overstemt met zijn hoorn zo overdonderend alle andere geluiden dat hij na het passeren een moment stilte lijkt achter te laten.

Dan breekt het geweld opnieuw los. Stank van benzine, olie en asfalt klimt tegen de flatgebouwen omhoog.

Onverwachts, aan de voet van de verkeerszuil, een klaproos. Ontsproten aan stenen en straatvuil wiegt zij op de luchtstroom van het optrekkend verkeer. Een stengeltje van niks en bloemblaadjes, zó dun, dat je, als je het rood eruit wegnam, niets over zou houden.