Flirt met de dood

Derevo is een grimmig Russisch theatergezelschap, dat elk jaar te gast is op Oerol. Nu brengen ze `Suicide': `That's a great rock 'n' roll action name'.

Zomaar op een plek in het bos op Terschelling, waar de dennenbomen minder dicht opeen staan en de glooiing voor een amfitheater zorgt, strijkt bijna jaarlijks het Russische gezelschap Derevo neer: twee actrices en een acteur. Derevo betekent `boom'.

Met hun kaalgeschoren hoofd, waardoor alle expressie geconcentreerd wordt in ogen en mond, hebben de spelers iets griezeligs. Lang zijn ze, mager en tanig van gestalte. Ze lijden ontberingen om fysieke en mentale kracht op te bouwen. Legendarisch is het verhaal over het ontstaan van het gezelschap in 1980. Leider en acteur Anton Adassinski, een in 1959 in Siberië geboren clown en rockgitarist, nodigde enkele theater- en dansstudenten uit op een bar en boos landgoed bij St. Petersburg. Zestien uur achter elkaar moesten ze spelen, improviseren, de wals dansen in de sneeuw. Eten was uit den boze. Natuurijs moest er genoten worden. Een afvalrace die tot de juiste houding moest leiden.

Het zijn grimmige acts die Derevo opvoert, gebaad in een surrealistische atmosfeer. Tussen de bomen van het nachtelijk bos wordt hun optreden spookachtig. Commedia dell'arte-figuren die zich transformeren tot Buster Keaton, Charlie Chaplin of The Marx Brothers. Dat was in de voorstelling Süd.Grenze uit 1998. Vaudeville, dans, sfeervolle acts en muziek vertelden woordenloos het verhaal over een vrouw die een ongewisse weg door de wereld maakt. In zulke glasheldere uitvergrotingen van een niet in woorden te vatten tragiek munt het gezelschap uit.

Jarenlang wordt aan een voorstelling gewerkt, elke uitvoering is lange tijd in ontwikkeling. De zeggingskracht schuilt in de scherpte van elk moment, zonder dat er één tel sprake mag zijn van aarzeling of diffuse overgang. Moet een acteur Chaplin zijn, een seconde later ís hij het. Een gedaanteverwisseling voltrekt zich vlak voor je ogen en toch kun je die net niet grijpen.

Het zijn toneelzwervers, deze rusteloze saltimbanks, in de goede betekenis van het woord. Je weet nooit waar ze uithangen. Hun repertoire bouwen ze op een uitspraak, die afkomstig lijkt van een zen-boeddhist: ,,De horizon ligt aan je voeten''.

Spelen bij Derevo is geen vrijblijvende aangelegenheid. De leden zijn aan elkaar uitgeleverd in een levenslange band waarin niets anders bestaat dan het theater zoals Derevo dat als ensemble wil maken en zoals Adam Adassinski het zich droomt.

Een handvol voorstellingen maakte Derevo totnogtoe, goed voor tachtig optredens per jaar. Once, Red Zone, The Rider en Süd.Grenze. Actrice Tanja Chabarova is verantwoordelijk voor haar solo Reflection over een reizende toneelspeelster in bezit van twee koffers. The Rider, ontworpen door Adassinksi, vertelt over de laatste uren van een clown, waarin hij terugblikt op zijn tragische en komische momenten. In een reeks poëtische beelden zie je hoe in het hoofd van de clown herinneringen door elkaar beginnen te lopen. Hij ontmoet een prinses van kristal, een slechte tovenaar en een moedige zeeman, voor wie een zeilschip kinderspeelgoed is. Na deze rite de passage sterft de clown.

Nomadenbestaan

Een telefoonnummer bracht me op het spoor van Derevo. Ooit verbleven ze in Amsterdam, in een verlaten loods op het westelijk havengebied. Plotseling waren ze weer vertrokken. Naar Praag gingen ze, daarna naar Florence. Ze betrokken er een huis op een heuvel, maar in Italië konden ze niet aarden. Geen enkele afspraak werd nagekomen. Derevo's sinistere versie van de commedia dell'arte viel er niet in goede aarde.

Het telefoonnummer verbindt met Dresden in Duitsland, de gebombardeerde, barokke kunstresidentie, de `Landeshauptstadt' van Saksen. Gouden engelen met bazuinen flonkeren hoog boven de zwartgeblakerde gebouwen, sommige nog altijd een ruïne, andere in staat van herbouw.

Het adres is omineus: de Meschwitzstrasse op de Hellerberg tegen een landstreek aan die Hellergau heet. Vanuit de binnenstad van Dresden over de Elbe de Köningsbrücker Strasse door en verder in noordelijke richting. De tram gaat aan het Goethe Institut voorbij, een vierkante witte villa. Aan een kruispunt liggen, schuin tegenover elkaar, een Schauburg en het Societätstheater. Halte Meschwitzstrasse ligt tussen zandhopen en steenbrokken, stukken rails die uit de grond omhoog steken, drie uit 1903 stammende Russische kazernes waarvan de ramen zijn ingegooid, de deuren gebarricadeerd of dichtgemetseld.

Handgeschilderde borden met `Derevo Dresdener Laboratorium' wijzen naar een voormalige `königlich-sächsischen Munitionsfabrik', gebouwd in dezelfde tijd als de grimmige Russische kazernes.

Anton Adassinski ontvangt me op een van de ruwstalen trappen. De fabriek biedt een immense ruimte om theater te brengen, zoals dat de laatste decennia op veel oud-industriële plekken in Europa gebeurt. Bakstenen muren, stalen balken, een buizenstelsel dat buitenom de ruimtes met elkaar verbindt. Adassinksi gebaart naar het golfplaten dak: ,,Tijdens de voorstellingen gebeuren hier vreemde dingen. Elke keer als Tanja speelt en haar stem door de kapotte ramen naar buiten zweeft, komt er een vos over het dak heen aangelopen en blijft luisteren. Hij is er alleen als zij speelt.''

Derevo bereidt Suicide voor dat getoond wordt tijdens Terschellings Oerol 2001. Adassinski waarschuwt: de nieuwe voorstelling is nog `in ontwikkeling'. Hij zegt: ,,Pas na veel aarzelingen kozen we voor Suicide, aanvankelijk vond ik de naam te dwingend. Maar elke scène wijst in die richting. Vanavond, als wij hier voor het eerst Suicide in het openbaar tonen, treedt toevallig Bob Dylan in Dresden op. De `Braveheart van de folk `n' roll' zou eigenlijk naar onze voorstelling moeten kijken. Die gaat over alle rockartiesten die dood zijn. Ik ben zelf gitarist geweest. Het betekende leven op de rand van de dood en dat is me blijven obsederen. Spelen tot diep in de nacht, het drinken en al het andere daarna, de slopende aandacht van fans. Voor mij zijn de protagonisten van de rock `n' roll voor alles de vroeg gestorvenen: Jimi Hendrix, Janis Joplin, Buddy Holly, Jim Morrison, Kurt Cobain, Jeffrey Lee Pierce van The Gun Club. Zij zijn symbolen van een excessief en `selbstmörderisch' leven.''

Overdosis

,,Luister eens naar Morrison van The Doors met zijn uitspraak: `I tell you we must die.' Waarom zong hij dat, wat dreef hem zijn leven zo in de waagschaal te stellen? Janis Joplin ging dood op haar zevenentwintigste. Denk je in hoe verschrikkelijk hard zij gewerkt heeft. De optredens, de tientallen nummers, de plaatopnames. Zij, die grootste blanke blueszangers, sterft eenzaam op een hotelkamer aan een overdosis drank en drugs. Door zo hard te werken, zich helemaal uit te leveren aan de muziek, heeft ze de dood in haar hart uitgenodigd. Zij en ook al die anderen hebben zichzelf opgebrand. Hetzelfde geldt voor Kurt Cobain. Deze rock `n' rollers namen nooit bewust het besluit zelfmoord te plegen, hun leven in één keer wegvagend met mes of pistoolschot. Ze haalden geleidelijk aan de dood in huis. Het mooiste compliment voor Suicide kreeg ik toen iemand reageerde op die titel met: `That's a great rock `n' roll action name.' Onze voorstelling eindigt met Her Majesty's Death van Queen, het afscheidslied van Freddy Mercury.''

Het is van Adassinki's gelaat en gestalte af te lezen dat de trainingen van Derevo veeleisend zijn. Hij legt zichzelf en anderen een rigide leefpatroon op. Boven zijn uitstekende jukbeenderen staan waakzame ogen. Zijn lichaam is soepel en gespierd.

Ik vraag hem naar zijn ervaringen op Terschelling: ,,Oerol-Organisator Joop Mulder dook ineens op in een schier onvindbaar theatertje in St. Petersburg waar we speelden. Hij had het over een eiland, en dat we ergens de boot bij Harlingen moesten nemen. Wij dachten dat `eiland' `Ierland' was. `Nee, hetligt in het noorden van Nederland', legde hij nog uit.

,,We kwamen. En geloofden onze ogen niet; het water, strand, de ruimte. We kenden alleen maar de grauwe `Kulturpaläste' uit Rusland van voor de perestrojka. In de eerste voorstellingen gebruikten we die immense ruimte van het eiland, de duinen, het bos. Maar Suicide heeft beslotenheid nodig, een beschut en afgeschermd toneel. Er zit veel techniek en belichtingskunst in. De anarchistische vrijheid van Oerol was inspirerend. Ik wilde zwart gras als speelvloer. Hoe krijg je zwart gras? Door groen gras te verbranden. Dat deden we. De boswachter was daar niet gelukkig mee. Maar het mocht.

,,De stad Dresden hoeft ons slechts te garanderen dat we hier aan de Meschwitzstrasse kunnen blijven. We zijn een vrij gezelschap dat kan bestaan van de recettes. In Duitsland is dat een bijzonderheid. De toeschouwers weten ons te vinden. Aan de noordkant van de rivier de Elbe gebeurt meer dan in de Altstadt. Hier komen de vernieuwingen vandaan door schilders en theatergezelschappen. De Altstadt is gericht op behoud. Lovenswaardig. Maar wij zoeken andere wegen.''

Adassinski betreurt het dat de tijd van rock `n' roll voorbij is; de energie is verdwenen: ,,Dylan heeft de respectabele leeftijd van zestig jaar bereikt. Hij wist te overleven waar de anderen er onderdoor gingen. Ooit was hij een fenomeen, de man die de ziel van zijn tijd doorgrondde en er vorm aan gaf. En nu? Ik aarzel... Een rocker die de dood uitdaagt en tart, is voor mij toch de grootste rocker. Maar verwacht van de voorstelling geen jankende gitaren of imitaties van Joplin of Cobain. Dat is te gemakzuchtig. Het motto van Suicide is: We must kill that word `cool'. Ik hoorde dat in disco's van Parijs of Londen iedereen alleen danst, voor zichzelf, met zichzelf. Het heet cool om zo, in eigen afzondering, te dansen. Ik vind het verwerpelijk. Dansen doe je met elkaar. Ik zoek emoties, energie; als wij optreden boren wij krachten in onszelf aan om de toeschouwers mee te slepen. Maar cool, nee, dat nooit. Lees de boeken van Dostojevski of Boelgakov, herinner je het theater van Stanislavski en Meyerhold. Dat was streng en geëmotioneerd, krachtig en lyrisch. Die synthese wil ik ook bereiken.''

Baksteen

De laagstaande avondzon kleurt het grauwe Duitse baksteen van fabriek en kazernes zachtrood. De bezoekers krijgen het programma waarop de inhoud in kernzinnen wordt weergegeven, zoals: `Thema: De liefde tussen mens en dood.' Of: `Muziek: Melodieën uit de voorbije eeuw.' En: `Boodschap: Yes only love can break your heart. (Neil Young).' Ook de vraag: `Kent iemand een medische definitie voor de liefde tussen Mens en Dood?'

In de voormalige munitiehal is een ronddraaiende piste gebouwd, als het plateau van een ouderwetse platenspeler met een arm die de groef aftast. `Die ganze Welt ist Musik', laat Anton Adassinksi de toeschouwers weten.

In een mengeling van musical, theater en dans komen de melodieën uit de laatste eeuw tot leven. Adassinski gaat gekleed als een ouderwetse clown met jacquet aan, op hoge zwarte schoenen. Flarden muziek klinken op. In de ruimte is een reusachtige trap gebouwd. Hij omarmt een skelet dat uit de hoogte te voorschijn komt, danst ermee op een `stairway to heaven' en klimt langzaam naar de nok. Boven aangekomen laat hij het geraamte zweven boven de diepte, een danse macabre tussen hemel en hel. Het is duister en dreigend wat zich hier afspeelt. Te midden van de gewelddadig stromende klanken valt opeens een stilte, waarin Adassinski zegt: ,,Natürlich könnten wir Hendrix nachspielen, aber das wäre too easy.''

Suicide is geen replica van de rockscene, het is de uitbeelding van de geest van die tijd. Energie. Flirt met de dood. Dans, theater en pure performance, van het soort dat Freddy Mercury op het podium deed, raken hier elkaar in bijna religieuze intensiteit. Brood en wijn worden uitgedeeld aan het publiek. Dit is het theater van de wreedheid, zoals Antonin Artaud het bedacht: grotesk, heftig; meeslepend in zijn onvergelijkbare schoonheid.

Adassinski tilt het geraamte op. Het draagt een rood oplichtend hart, dat zich opent en myriaden zilverglitters dwarrelen omlaag. Onderwijl zingt danseres en actrice Tanja Chabarova stukken van de songs van Janis Joplin. Zij beeldt haar gebaren uit. Haar stem klinkt geschonden. Ze draait pirouettes, zwaait met een wit gazen doek schichten van licht om haar lichaam. Ik denk opeens aan de vos. Zit die stil boven ons op het dak naar haar rock `n' roll zwanenzang te luisteren?

Derevo: Suicide. Terschellings Oerol 2001. Camping Staatsbosbeheer Hoorn, 15 t/m 22/6. Aanvang: 22.30u. Kassa Westerkeyn, Midsland. Inl.: www.oerol.nl