De euro-operatie

OVER RUIM ZES maanden is het zover, dan begint de grootste wisseltruc die ooit in de geschiedenis heeft plaatsgehad. De introductie van de bankbiljetten en munten van de euro in twaalf lidstaten van de Europese Unie op 1 januari 2001 is een mega-evenement. Overheden, het bedrijfsleven, maar ook criminelen van uiteenlopende aard zijn volop bezig met voorbereidingen voor deze omwisselingsoperatie, waarbij veertien miljard bankbiljetten en vijftig miljard munten in omloop worden gebracht.

Deze operatie begint eigenlijk al op 1 september, als in een aantal landen een begin wordt gemaakt met de aflevering van bankbiljetten die tot het einde van het jaar in kluizen opgeborgen moeten blijven. In september begint ook de pan-Europese campagne voor publieksvoorlichting. De Nederlandse distributie van bankbiljetten aan de banken en de detailhandel begint pas in december en vanaf 14 december krijgen de consumenten de beschikking over setjes euromunten zodat ze aan de nieuwe munten kunnen wennen en kleingeld hebben als het uur-E is aangebroken.

In vergelijking met alle overige eurolanden heeft Nederland gekozen voor de kortste omwisselingsperiode en de kortste periode waarin zowel guldens als euro's wettig betaalmiddel zijn. Dat heeft voordelen als alles volgens plan verloopt, maar de risico's zijn navenant. Die risico's lopen uiteen van verwarring bij het publiek, ongeduldige rijen bij de kassa's tot sneeuw en ijzel op de wegen waardoor het geldtransport problemen ondervindt, van overvallen op winkels tot oplichting van goedgelovige burgers. Er zijn – in Zuid-Frankrijk – onlangs biljetten van duizend euro opgedoken, die in tweeërlei opzichten vals waren: ze waren nep en er komt helemaal geen biljet van duizend euro.

HET NATIONAAL FORUM dat in Nederland de introductie van de euro begeleidt en waarin alle betrokken overheids- en brancheorganisaties onder leiding van het ministerie van Financiën zijn vertegenwoordigd, is vol vertrouwen dat de operatie goed zal verlopen. De voorbereidingen bij het bedrijfsleven zijn goed op gang, kennis over en vertrouwen in de euro bij het publiek zijn redelijk. De Consumentenbond heeft geen aanwijzingen dat in de aanloop naar de euroconversie prijzen op grote schaal naar boven worden bijgesteld. Er wordt gewerkt aan noodscenario's voor als er iets misloopt. Front loading (de beschikbaarheid voor het publiek van bankbiljetten vóór 31 december), waar Tweede-Kamerleden, Europarlementariërs, de Belgische minister van Financiën en de Franse premier herhaaldelijk op hebben aangedrongen, is geen onderwerp van debat meer. De Europese Centrale Bank en, wat Nederland betreft, minister Zalm (Financiën) zien er niets in. Het Nationaal Forum meent dat geen problemen zullen ontstaan.

Voor de publieksacceptatie is het van belang dat de verantwoordelijke autoriteiten vertrouwen uitstralen in de aanloop naar de omwisselingsoperatie. Of dit vertrouwen gerechtvaardigd is geweest, zal in de eerste weken van 2002 blijken. Dan kan de definitieve afrekening van de euro-operatie worden opgesteld, maar tot dat moment is kritische alertheid geboden.