SOFT- EN WATERIJS

Softijs Verschilt qua receptuur niet wezenlijk van `hard' roomijs. Er zit wat minder eiwit en vet, en iets meer emulgator in en ondergaat als `direct serve'-product een ultrakorte pasteurisatie (2 seconden bij 142° C). Het voornaamste verschil met schepijs is de relatief hoge temperatuur waarbij het wordt genuttigd: tussen de -4,5° en -5° C. Voor schepijs ligt de consumptietemperatuur tussen de -10° en -12°.

Waterijs Verscheen omstreeks 1920 en bestond uit citroenlimonade die rond een houtje was bevroren. Wie zelf een gekleurde suikeroplossing in de diepvries zet, merkt dat niet vanzelf iets genietbaars ontstaat. Meestal treedt een scheiding van ijs en suiker op. De industrie omzeilt dit probleem door de suikeroplossing in een continue ijsmachine voor te vriezen tot een `slush' waarbij ijskristallen als het ware drijven in de suikeroplossing. Wordt deze oplossing, waaraan ook verdikkingsmiddel is toegevoegd, nagevroren, dan groeien de ijskristallen aan elkaar en sluiten ze de suikeroplossing deels in.