Economie bloeit, Bulgaren klagen

De Bulgaren zijn ontevreden, maar toch heeft de economie het de afgelopen tijd niet slecht gedaan. Dit weekeinde wordt er gestemd.

Vraag een Bulgaar hoe het gaat in zijn land en hij zal zeggen dat het nog nooit zo slecht geweest. De lonen blijven laag, de prijzen hoog en de werkloosheid wil maar niet minder worden. Toch heeft Bulgarije het de laatste vier jaar onder de centrum-rechtse regering van Ivan Kostov niet slecht gedaan.

Toen het team van Kostov na de verkiezingen van april 1997 aantrad, lag de Bulgaarse economie in puin. De regering kon niet meer aan haar buitenlandse verplichtingen voldoen, de inflatie naderde het punt van hyperinflatie en op straat stonden lange rijen burgers tevergeefs te wachten tot de failliete privé-banken die in de eerste helft van de jaren negentig als paddestoelen uit de grond waren geschoten, nog iets van hun spaarcentjes zouden teruggeven.

Inmiddels vertoont de Bulgaarse economie al weer drie jaar achtereen een stijgende lijn. Het bruto binnenlands product is in die tijd met 11 procent toegenomen, de buitenlandse schuld, die in 1997 honderd procent bedroeg van het bbp, is teruggebracht tot tachtig procent daarvan, en de inflatie is teruggedrongen tot minder dan tien procent. Bovendien is Bulgarije een van de landen die op de nominatie staan om lid te worden van de Europese Unie. Er is weer perspectief.

,,Kostov heeft discipline ingevoerd'', vertelt de economisch analist Krassen Stantsjev van het Instituut voor Markteconomie in Sofia. Eerst werd de Bulgaarse economie aan de leiband gelegd van het Internationale Monetaire Fonds door middel van een currency board: de Bulgaarse leva werd gekoppeld aan de Duitse mark en de overheidsuitgaven werden sterk beperkt. De centrale bank mocht geen privé-banken meer financieren en de geldpers mocht niet langer gebruikt worden om de schatkist te spekken. Stantsjev stelt vast dat de regering-Kostov verreweg de beste staat van dienst heeft van alle regeringen die sinds de val van het communisme een poging hebben mogen doen om de Bulgaarse economie op orde te brengen.

Toch heeft Kostov een paar kostbare fouten gemaakt, waar de kiezers zijn Unie van Democratische Krachten (SDS) tijdens de verkiezingen flink voor zullen afstraffen. ,,Ze hebben te veel achter de schermen geregeld en ze hebben niet de moeite genomen om de bevolking uit te leggen wat ze eigenlijk aan het doen waren. Waarom de banken bijvoorbeeld aan buitenlandse banken moeten worden verkocht'', zegt Stantsjev.

Sofia staat aan de vooravond van de verkiezingen bol van sterke economische verhalen. Zoals de onbegrijpelijke verkoop van de nationale luchtvaartmaatschappij Balkan Air aan de Israëlische Zeevi Holding. Iedere Bulgaar weet piekfijn uit te leggen hoe de Israëliërs eerst alle bezittingen van Balkan Air te gelde hebben gemaakt om de maatschappij vervolgens failliet te laten verklaren. Zo werden dure bedrijfspanden op toplocaties over de hele wereld (Regent Street in Londen bijvoorbeeld) verkocht en Boeings en Airbussen van de hand gedaan. De nationale trots heeft letterlijk nog één toestel over waarmee aarzelend op Londen wordt gevlogen.

Verder gonst het in Sofia van de geruchten over hoe de premier zich een Mercedes-Benz heeft laten aanmeten van 450.000 mark en hoe de minister van Buitenlandse Zaken Nadjezjda Michajlova een appartement heeft betrokken van vijfhonderd vierkante meter. En over hoe de overheid de kleine ondernemer uitschudt en ambtenaren de zakken laat vullen in een labyrint van regels en vergunningen. Verhalen die deels wel en deels niet waar zijn – maar dat neemt de kiezer niet zo nauw – en die direct voortkomen uit de plaatselijke folklore van partijkapitalisme. ,,De politieke klasse in ons land ziet de economie eigenlijk altijd als een cake die verdeeld moet worden. De één krijgt nou eenmaal een groter stuk, de ander een kleiner stuk'', zegt Stantsjev. Dat verklaart volgens de econoom ook waarom de slinger telkens heen en weer slaat. Nu eens krijgt de ene partij van de kiezer de gelegenheid de zakken te vullen, dan weer de andere. ,,Politieke partijen worden hier altijd opgebouwd langs lijnen van zakelijke belangen.''

De Nationale Beweging Simeon II (NBS II), de partij van de koning, zou hierop een uitzondering moeten vormen. Eerlijkheid en anti-corruptie staan bovenaan het verkiezingsprogramma. Maar ook de ex-koning, die het grootste deel van zijn leven als balling in het buitenland heeft doorgebracht, ontkomt niet aan de economische spelregels van zijn land.

De koning vertegenwoordigt de belangen van de gewone man, die massaal een proteststem zal uitbrengen op de NBS II. Maar de partij vertegenwoordigt ook het op Russische zakenlieden georiënteerde bedrijfsleven. Het politieke spel rond de koning is wat Stantsjev betreft voor een belangrijk deel een kwestie van `The empire strikes back': zakenlieden met een rood verleden die vier jaar geleden hardhandig buitenspel werden gezet, hopen aan de hand van de koning weer terug te komen op het politieke toneel.