Uitkeringen Amsterdam wanordelijk

De Amsterdamse sociale dienst controleert te weinig op fraude met uitkeringen, kampt met grote achterstanden en legt onvoldoende boetes op als fraude vaststaat of blijkt dat de uitkeringsgerechtigde te weinig doet om een baan te vinden. Op basis van eigen onderzoek concludeert het ministerie van Sociale Zaken daarom dat in Amsterdam ,,de rechtmatigheid van de bijstandsverlening onvoldoende is gewaarborgd''. Amsterdam erkent de kritiek, maar verwacht niet dat de problemen binnen een jaar zijn opgelost.

Accountants van het departement onderzochten afgelopen maanden 1.200 dossiers. In 62 procent van de dossiers werd geen boete opgelegd waar dit wel had gemoeten. Een maatregel (het inhouden van een deel van de uitkering) voor bijvoorbeeld het niet naleven van de sollicitatieplicht werd in 45 procent van de gevallen niet opgelegd. Uit bijna de helft van de dossiers bleek dat de sociale dienst helemaal geen onderzoek doet of de uitkeringsgerechtigde wel probeert aan het werk te komen. In 5 procent van de dossiers bestond twijfel over de rechtmatigheid van de uitkering en bij 11 procent was hoogte en ingangsdatum niet juist bepaald.

Ook volgens interne informatie van de sociale dienst zelf zijn afgelopen vijf jaar circa 50.000 signalen van fraude of onrechtmatigheden wegens tijdgebrek niet onderzocht. Hiermee is naar schatting in totaal een bedrag van 65 miljoen gulden gemoeid, op jaarbasis 1 procent van de uitkeringen.

Minister Vermeend gaf eigen accountants eind april opdracht onderzoek te doen of Amsterdam de bijstandswet wel naar behoren uitvoert. Volgens hem stond de sociale dienst hiermee ,,feitelijk onder curatele''.

Hoofdstedelijk wethouder Van der Aa van sociale zaken gaf de conclusies uit het rapport van Vermeend vanmorgen toe. Het schort met name aan de activering van uitkeringsgerechtigden om werk te zoeken. Drie weken geleden leidde een plan om dit te verbeteren – door de begeleiding komende tijd uit te besteden aan derden – tot een crisis in het college. Verantwoordelijk wethouder Köhler (GroenLinks) trad af omdat hij zich niet kon verenigen met het beleid van de collegepartners PvdA, VVD en D66. Zijn opvolger Van der Aa (PvdA) voorspelde dat het nieuwe beleid niet snel succes zal hebben. ,,Je kan er gif op innemen dat de sociale dienst volgend voorjaar nog niet op orde is.''