Uitblijven debat over positie van senaat gehekeld

De Eerste Kamer neemt te veel tijd om haar eigen rol en positie in het staatsbestel onder de loep te nemen. Dit ongenoegen uiten de Tweede-Kamerleden Rehwinkel (PvdA) en Scheltema (D66), nu een debat in de Eerste Kamer over het functioneren van de senaat al bijna anderhalf jaar op zich laat wachten.

Eerste-Kamerlid Ruers heeft gisteren gepoogd een debat over een artikel in NRC Handelsblad (maandblad M, juni) op de agenda van de senaat te plaatsen. Tweede-Kamervoorzitter Van Nieuwenhoven en diverse senatoren pleitten hierin voor opheffing van de Eerste Kamer. De SP-senator kreeg gisteren geen steun voor zo'n debat, omdat zijn collega's niet willen praten ,,over een stuk in de krant'', aldus diverse woordvoerders. Wel willen zij later dit jaar met de regering van gedachten wisselen over een `reflectienotitie' die minister Peper in januari 2000 naar het parlement stuurde. Hierin staan varianten voor een andere werkwijze in de Eerste Kamer.

De Tweede Kamer heeft vorig jaar besloten eerst de senaat te laten oordelen over het eigen functioneren. Sindsdien zijn de Eerste Kamer en de regering verwikkeld in een uitvoerige ronde van schriftelijke vragen. Volgens Tweede-Kamerlid Rehwinkel (PvdA) ,,wekt de senaat de indruk'' een spoedig debat te traineren. D66-collega Scheltema meent dat de Eerste Kamer ,,nu niet lang meer mag treuzelen''. VVD'er Te Veldhuis daarentegen noemt het ,,hoffelijk de senaat zijn eigen tempo te laten bepalen''. Naar verwachting zal de Eerste Kamer komende dinsdag beslissen te beginnen aan een tweede ronde van schriftelijke vragen aan de regering over de notitie-Peper. Een senaatsdebat hierover zou dan op z'n vroegst in de herfst kunnen worden gevoerd.

NOTITIE via www.nrc.nl/denhaag