Miljoenendans op weg naar Olympische Spelen 2004

Het bestuur van NOC*NSF verdeelt morgenavond, op voordracht van het Team de Mission, de gelden voor de Olympische Spelen van 2004 in Athene. De te verdelen 42 miljoen gulden voor de olympische ploeg is ontoereikend; de bonden hebben voor ongeveer 30 miljoen gulden overvraagd.

De 25 olympische `zomersportbonden' hebben bij elkaar een slordige 70 miljoen gulden bij NOC*NSF aangevraagd om de programma's tot en met de Olympische Spelen van 2004 te bekostigen. Het Team de Mission Peter Vogelzang, Marcel Sturkenboom en Joop Alberda heeft echter voor dat doel, Performance 2004 genoemd, `slechts' 42 miljoen gulden beschikbaar. Sommige bonden zullen hun olympische ambities moeten bijstellen.

Het laatste decennium is sprake van een spectaculaire groei in fondsenwerving. Waar chef de mission André Bolhuis voor de Olympische Spelen van Barcelona in 1992 maar 300.000 gulden te besteden had, was hij vier jaar later, in aanloop naar de Spelen in Atlanta, de koning te rijk met een verhoging tot drie miljoen gulden. De resultaten waren er naar, want Nederland evenaarde het recordaantal van negentien medailles dat bij de Olympische Spelen van Amsterdam in 1928 was gewonnen.

In Atlanta raakte de toenmalige NOC*NSF-voorzitter Wouter Huibregtsen onder de indruk van coach Joop Alberda, die met de volleyballers goud won. Hij bedacht het Team de Mission, waarin hij de leiding over de olympische ploeg overdroeg aan drie personen met elk een portefeuille. Alberda werd technisch directeur. Gemeten naar de resultaten een gouden greep, want onder zijn impuls nestelde Nederland zich vorig jaar tijdens de Olympische Spelen in Sydney met de recordscore van 25 medailles in de toptien van het medailleklassement. De achtste plaats was een historisch hoogtepunt.

De oud-volleybalcoach introduceerde het begrip `onbegrensd denken' en toverde voor `Sydney' maar liefst dertig miljoen gulden (waarvan 17 miljoen voor de olympische ploeg) uit de hoge hoed. Afgezet tegen budgetten uit het verleden was dat een duizelingwekkend bedrag. Het kostte Alberda en de zijnen ook moeite om het uit te geven, want er bleef ongeveer anderhalf miljoen gulden over. Die som is toegevoegd aan de pot met geld voor `Athene'.

Inmiddels is de cultuuromslag een feit en hebben de meeste sportbonden het idee dat de bomen op Papendal tot in de hemel groeien. Zij hebben Alberda opgezadeld met het luxeprobleem dat er niet met dertig miljoen moet worden geleurd, maar dat het budget met dertig miljoen moet worden ingekrompen. De weelde went snel, want toen de technisch directeur eind 1999 bekend maakte dat het totale budget voor de Spelen in Athene zou worden verdubbeld tot zestig miljoen gulden, werd er alom vol ongeloof gereageerd.

Dat de sportbonden het beschikbare bedrag van 42 miljoen gulden samen fors hebben overschreden, kan het NOC*NSF zichzelf ook aanrekenen. Het Team de Mission had bonden namelijk uitgedaagd om voor `Athene' ambitieuze plannen in te dienen.

De handschoen werd opgepakt door Henk Gemser, de nieuwe technisch directeur van het Koninlijk Nederlands Watersport Verbond (KNWV). Een van zijn eerste daden was het olympische conceptplan te herschrijven tot het duurste van alle bonden. De zeilers zouden totaal graag 13,2 miljoen gulden tegemoet zien om voor acht klassen zestien boten voor te bereiden. Per veld mag weliswaar één boot per land worden ingeschreven, maar Gemser wil met twee boten per klasse een competitieve voorbereiding en een `back-up' in geval van uitvallers.

Goede tweede op de lijst van aanvragers is de Koninklijke Nederlandse Hockeybond (KNHB) met 10,5 miljoen gulden. De verwachting is dat de totale som niet in het kader van Performance 2004 zal worden uitgekeerd, maar deels moet worden overgeheveld naar Stichting Nationale Sporttotalisator (SNS) en het ministerie van VWS. Het forse bedrag van de hockeybond is mede ingegeven door de opvoering van jeugdteams in het kader van talentontwikkeling.

Waar vaste waarden in de olympische ploeg als de Nederlandse Handboog Bond (NHB) in Sydney met Wietse van Alten goed voor brons en de Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie (KNSA) zich bescheiden opstellen, springt de aanvraag van de Koninklijke Nederlands Algemene Schermbond (KNAS) in het oog. Een bedrag van 3,5 miljoen gulden is hoog voor een bond die sinds 1988 niet meer aan de Olympische Spelen heeft deelgenomen. Maar de KNAS zet naast vermeende `zekerheden' als Indra Angad-Gaur (floret) en Sonja Tol (degen) ruim in op twee talentvolle jeugdploegen van in totaal acht schermers.

Vrij pittig is eveneens de 4,3 miljoen gulden waar de Nederlandse Badminton Bond (NBB) om vraagt. Maar dat houdt verband met het plan om op Papendal met twaalf spelers en drie coaches een fulltime-programma af te werken. De badmintonbond heeft zich tot doel gesteld om de drie kwartfinaleplaatsen in Sydney om te zetten in medailleplaatsen.

Een van Alberda's speerpunten wordt atletiek. Hij heeft met de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie (KNAU) een pittige evaluatie over met name de teleurstellende baanprestaties gehad. Gevolg is dat de olympische atleten een programma afwerken dat er op gericht is om in Athene medailles te halen.

De KNAU was samen met Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) overigens de enige die weigerde het aangevraagde bedrag openbaar te maken. De KNVB heeft het elftal dat nu in Argentinië deelneemt aan het WK voor spelers tot 19 jaar, benoemd als ploeg die voor het eerst sinds decennia weer eens kwalificatie voor de Spelen moet afdwingen.

Sporten die er ook uitspringen zijn turnen en baanwielrennen. De Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU) heeft 1,6 miljoen gevraagd om de talentvolle turnsters in Athene te krijgen, terwijl de Koninklijke Nederlandse Wielren Unie (KNWU) voor het traditioneel succesvolle baanwielrennen twaalf renners wil klaarstomen. Het Nederlands Handbal Verbond (NHV) vraagt twee miljoen om met het vrouwenteam kwalificatie af te dwingen.

Het Team de Mission worstelt met de aanvraag van de Koninklijke Nederlandse Roeibond (KNRB) en de Judo bond Nederland (JBN), die traditioneel een grote inbreng hebben in de olympische ploeg. Die twee bonden zijn namelijk gekort op de basisbijdrage van SNS. Met dat geld werd altijd deelname aan worldcupwedstrijden (roeien) en buitenlandse toernooien (judo) bekostigd. Die `oneigenlijke' bedragen hebben beide bonden overgeheveld naar Performance 2004. En Alberda wil daarop niet korten, omdat hij de noodzaak van die competities onderschrijft.

Van de kritiek van de roeibond dat NOC*NSF te laat met de toewijzing komt en hij daardoor in budgettaire problemen is gekomen, ligt de technisch directeur niet wakker. Alberda: ,,De bijdragen van VWS en SNS zijn reeds uitgekeerd, terwijl wij de KNRB al een voorschot op Performance 2004 hebben verstrekt.''

Drie bonden hebben geen plannen ingediend. De Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (KNLTB) zal in een later stadium bij NOC*NSF aankloppen om in overleg te treden over olympische uitzending. De Nederlandse Basketball Bond (NBB) bleek niet in staat om een representatief olympisch programma te kunnen overleggen. En de Stichting Moderne Vijfkamp (SMV) zag wegens het gebrek aan topatleten helemaal van een aanvraag af.