Liever namaak

Ik heb me vaak afgevraagd of ze wel echt zijn, de diva's van het witte doek. De sterren in televisieseries, de popidolen. Natuurlijk zijn Ally McBeal, Naomi Campbell, Cher en Madonna niet echt. Na talloze cosmetische operaties aan hun lichamen toucheert de editor de laatste oneffenheden weg, zodat perfecte schoonheid ons via het scherm kan betoveren. Met uitzondering wellicht van Roseanne, zijn alle sterren too good to be true. Maar natuurlijk zijn ze ook wél echt: ze hebben echte fans, hebben een leven buiten het witte doek (als we tenminste de roddelbladen mogen geloven) en hebben menselijke eigenschappen. Zo kunnen ze slechts in één productie tegelijk spelen en een salaris eisen dat evenredig is aan hun sterstatus.

Binnenkort krijgt de filmster er een concurrent bij die haar positie wel eens danig zou kunnen aantasten. Op 11 juli gaat in Amerika Final Fantasy in première, een film waarin Aki Ross de hoofdrol speelt. Al maanden voor de première poseert Aki als covergirl, verkoopt ze parfum, promoot ze een kledinglijn en doet ze haar best om het publiek op te warmen voor haar eerste grote rol. De producenten zijn in hun nopjes met Aki. Ze kan op wel twintig plaatsen tegelijk zijn, werkt 24 uur per dag, 7 dagen per week, is nooit moe en stelt geen salariseisen. Sterker nog, je kunt copyright op haar aanvragen en dus veel geld aan haar verdienen.

Aki is echt noch onecht. Ze is een virtuele reconstructie, een animatie die niet lijkt op een animatie, maar op een echte ster van vlees en bloed. Motion capture heet het proces waarmee ze tot stand gekomen is. Echte actrices zijn gefilmd met pingpongballen op scharnierpunten van hun lichaam; bewegingen en uiterlijk zijn door digitale camera's geregistreerd en opgeslagen in de computer. Vervolgens is Aki samengesteld uit talloze projecties die samen een personage vormen dat heel natuurlijk beweegt en praat. De virtuele filmster is de animatie voorbij: alleen de oplettende kijker ziet nog verschil tussen een gefilmde actrice van vlees en bloed en deze replica.

Om Aki nog echter te laten lijken hebben haar scheppers wat moedervlekjes en cosmetische onvolkomenheden aangebracht. Het onderscheid tussen echte en onechte sterren is nooit zo haarscherp geweest als we denken. De virtuele filmster is in feite de ultieme emancipatie van Max Headroom en Popeye, animatiekarakters die bijna een status als ster verwierven. En hoeveel sterren, zoals Lucille Ball, werden op den duur geen karikatuur van zichzelf? Madonna verandert zo vaak van uiterlijk en imago dat je je soms serieus afvraagt of ze wel een en dezelfde persoon is. Cosmetische operaties en retouch-fotografie hebben de woorden `uiterlijk' en `imago' tot synoniemen gemaakt. Kortom, een `echte' filmster is een contradictio in terminis. Ze bestaat alleen bij de gratie van het witte doek. Postmoderne kijkers zijn al helemaal gewend aan het door elkaar lopen van echt en fake.

En toch roept de virtualisering van de filmster serieuze vragen op over de toekomst van de film- en televisie-industrie. De komst van Aki betekent dat de Hollywood-actrice zich moet bezinnen op de bescherming van haar rechtspositie. Mag een zieke actrice vervangen worden door haar digitale equivalent? Kun je op een imago patent aanvragen? Ook de relatie tussen filmster en fan zal danig veranderen. Hebben fans recht op echte idolen? En mogen producenten verbergen of een filmster echt is of een virtuele reanimatie?

Vooral de roddelbladen zullen een heel andere koers moeten gaan varen. Als een ster geen leven meer buiten het witte doek heeft, waarover moeten ze dan schrijven? Wellicht kunnen de Story en Privé de rol van detective gaan vervullen: in plaats van te schrijven over de borstvergroting van Katja Schuurman, kunnen ze uitzoeken welke personen voor deze creatie van Katja geposeerd hebben.

De meest prangende vraag lijkt vooralsnog onoplosbaar: wie gaat het beeldje ophalen in Los Angelos als Aki de Oscar voor de beste vrouwelijke hoofdrol wint?