Napels en de hoop op het onmogelijke

Zondag werd het beladenvoetbalduel Napoli-Roma gespeeld, ook wel de `Derby van de Zon' genoemd. Bij een zege zou Roma kampioen zijn en zou Napoli zijn gedegradeerd. Het werd 2-2. Na afloop veranderden de straten rondom het San Paolo-stadion in een slagveld.

Het eindsignaal had amper geklonken of rondom de voetbaltempel van Napels ontspon zich een ware guerrilla. Aanhangers van Napoli en AS Roma vochten tegen elkaar en tegen de politie. Auto's werden in de brand gestoken, winkelruiten sneuvelden en uiteindelijk was de poltie gedwongen het pistool te trekken. Doden vielen er niet, maar de balans van de geweldplegingen was schrikbarend: 58 gewonden, waaronder 13 carabinieri en 10 politieagenten.

Op de terugreis zetten de vandalen de plundercampagne voort met als grootste slachtoffer de Italiaanse spoorwegen. Het station Campi Flegrei, dat zich tegenover het stadion bevindt, werd verwoest en grote schade werd aangericht in het station van Formia, halverwege het traject Napels-Rome. De voorzitter van AS Roma, Franco Sensi, en trainer Fabio Capello spraken hun diepe teleurstelling en verontwaardiging uit over het wangedrag van hun supporters.

Waar is de tijd dat de mooiste rituelen in Napels werden gecreëerd? Ruim tien jaar geleden, tijdens het bewind van Diego Maradona, was het een feest om aanhanger van Napoli te zijn. Bij de viering van de tweede landstitel droegen duizenden honden de krullenpruik van het Argentijnse genie en overal in de stad werden flessen met de tranen van de voorzitter van AC Milan, Silvio Berlusconi, verkocht.

Maradona is sinds lange tijd vertrokken, Napoli bungelt ergens onderaan de ranglijst en Berlusconi is zojuist voor de tweede keer beedigd als minister-president van Italië. Eens, onder aanvoering van Maradona, wist Napoli te betoveren zoals Partenope, de sirene op wier graf volgens de mythe de stad is gesticht. Nu zorgt de club slechts voor ontgoocheling. Degradatie naar de Serie B, dreigt wanneer zondag in Florence niet van Fiorentina wordt gewonnen.

Een uur voor het begin van het duel met Roma ziet het plein voor het stadion azuurblauw van de Napolitaanse supporters. Ze maken een indrukwekkend kabaal, maar velen blijken weinig vertrouwen te hebben in een goede afloop. Een van hen zegt: ,,De Romeinen zijn sterker. Wij hebben alleen de macht van de wanhoop. Wie weet. In ieder geval zijn we zónder wanhoop nergens.''

In een bar dicht bij het San Paolo-stadion regeren scepsis en moedeloosheid. ,,Ik ga niet naar de wedstrijd'', verzucht een klant. ,,Ik wil me niet vergiftigen door naar het feest van de Rome-aanhangers te kijken, terwijl wij zakken naar de Serie B.'' Een vrouw zegt met bezorgdheid in haar stem: ,,Napoli? Mijn zoon wordt er gek van. Maar waarom zou je je tijd verliezen met die club? Voor mij is het elke zondag weer een zielsangst. Ik bedoel, vechtpartijen, politie, auto's in de brand steken. Hoe zal hij na de wedstrijd thuiskomen?''

Vlak voor het beginsignaal heerst in het San Paolo de grimmige en nerveuze sfeer van het `Laatste Oordeel'. De supporters van beide clubs zingen fel tégen elkaar in. De Ultras, de harde kern van de Roma-aanhang, zitten opgesloten in een kooi van staal en plexiglas. Er worden spandoeken uitgerold om de Napolitanen te provoceren: `Zijn jullie naar het stadion gekomen om te zonnen?' en `Mors tua vita mea' (jouw dood is mijn leven). De teksten waarmee Napoli antwoordt zijn van een desperate eerlijkheid: `90 minuten om niet te sterven' en `Laat ons niet neerdalen in B'. Het San Paolo is een prachtige, suggestieve voetbaltempel en de kleuren zijn overweldigend. Maar het zou allemaal nog mooier zijn zonder traangas in de ogen.

Napoli begint het duel met verrassend snel en goed voetbal, terwijl AS Roma lood in de benen lijkt te hebben. Tegen het einde van de eerste helft scoort Amoruso voor Napoli en de supporters durven uit ongeloof nauwelijks te juichen. De Napolitaanse hoop op een wonder wordt een paar minuten later door Batistuta, de kop in gedrukt: 1-1. Vlak na aanvang van de tweede helft brengt aanvoerder Totti Rome op voorsprong. Het vonnis voor Napels lijkt geveld en het stadion is stil als een graftombe. De Romeinse aanhang begint de vlaggen met de nationale driekleur te ontvouwen. Maar daarmee tarten ze het noodlot: tien minuten voor tijd scoort Pecchia de gelijkmaker. De eindstand is 2-2.

De Romeinen noch de Napolitanen zijn gebaat bij dit resultaat. AS Roma moet het kampioensfeest uitstellen en Napoli blijft tot haar nek in het degradatiegevaar. In de volksbuurt van het oude centrum echter reageren de meeste Napoli-aanhangers met een mengsel van frustratie en nostalgie. Een oudere supporter in een bar van de Quartieri Spagnoli schudt wanhopig het hoofd: ,,De toekomst ziet er zwart uit, het scenario is triest. De club zoals ze nu is verdient de genegenheid van haar supporters niet.' Wat vindt hij van Edmundo, de grillige Braziliaan met de bijnaam `O animal' (het beest) die afgelopen winter als een redder à la Maradona werd binnengehaald? ,,Edmundo is maar een halve kampioen. Aan de ene kant arrogant en aan de andere kant geniaal. Helaas voor ons heeft hij zijn geniale kant in Brazilië gelaten.''

Wanneer er ten slotte, overmijdelijk, over Maradona wordt gepraat, verbetert de stemming in de bar aanmerkelijk. `El pibe de oro' (het gouden kind), daar zijn alle klanten het over eens, was een Napolitaan in het kwadraat, met alle deugden en gebreken. Tegenstrijdig als Napels zelf. Maradona was tegelijkertijd vitaal en altijd moe, vrijgevig en humeurig, vrolijk en melancholiek. Sloeg door de week de trainingen over, verdween zo nu en dan spoorloos, stopte zich vol met drugs. Maar zondagmiddag herrees hij. En Napoli, zal zij herrijzen?

De gasten in het lokaal zijn grotendeels ontmoedigd, maar de man achter de bar toont ondanks alles trots. Hij geeft toe dat het niet gemakkelijk is de stad en de club te ondersteunen en door te gaan met hopen. 'Ma Napule è chesta e storta o morta ce' a tenimme', maar dit is Napels en lelijk of mooi, we houden van haar zoals ze is.