De laatste (2001)

Dit is mijn laatste column in NRC Handelsblad. Na bijna twintig jaar en genaderd tot de leeftijd der zeer sterken is het welletjes. Ik vermoed dat de sportredactie wel eens met tegenstrijdige gevoelens kennis heeft genomen van mijn stukjes. Ten tijde dat Arjen Ribbens de sportredactie aanvoerde, belde hij mij eens met het verzoek `eens wat vaker kwaad te worden', want dan ontstonden mijn lezenswaardigste epistels. Helaas zag ik geen kans kunstmatige woede te doen ontstaan.

Gelukkig liet de tegenwoordige chef sportredactie Guus van Holland recentelijk blijken de manier te waarderen waarop ik weergaf hoe mijns inziens de sportwereld in elkaar stak. Daarbij meen ik vooral mijn interesse in mensen te hebben aangetoond, daarbij misschien de zakelijke dingen wel eens verwaarlozend. Wat ik slecht kon accepteren was de verzakelijking en verloedering in de sport, die helaas hevige vormen heeft aangenomen en die een kwarteeuw geleden lang niet zo ver was doorgedrongen.

Ik blijf tamelijk hevig in sport geïnteresseerd en hoop daarvan nog wel eens blijk te geven. Het is een tamelijk – aangename – ziekte waartegen weinig te doen valt. De tijd dat ik hartstochtelijk juichte als Nederland de jaarlijkse interland tegen de Belgen weer eens gewonnen had, ligt al heel lang achter mij. Zegevierend opgesprongen (zoals Ad van Emmenes) ben ik zelden, maar naar iets van dat kinderlijk enthousiasme kan ik diep in mijn bejaarde hart nog wel eens terugverlangen. Niettemin is het een mooie tijd geweest.