Met zevensmijlsstappen door de millennia

Het veldwerk van paleontologen en oudheidkundigen begint vaak pas als het al bijna te laat is. De aanleiding om de bodem te onderzoeken ligt dan in graafwerkzaamheden die een heel ander doel dienen en die leiden tot de onherroepelijke vernietiging van een situatie die sinds mensenheugenis en vaak nog veel langer heeft bestaan. Onderzoek en inventarisatie van alles van oudheidkundig belang in zo'n opgravinggebied, is in die zin een geluk bij het ongeluk, dat een schat aan informatie oplevert over de bodemgesteldheid, de levensvormen en de bewoning ter plekke. Een uitzonderlijk rijk gebied is wat dat betreft de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen, een gebied met vruchtbare grond dat al meer dan veertigduizend jaar wordt bewoond. De bruinkoolwinning in dagbouw die er tegenwoordig op grote schaal wordt bedreven, heeft daar jarenlang geleid tot de verwoesting van kostbaar archeologisch materiaal. Maar sinds een jaar of tien vormen bodemonderzoekers de voorhoede van het leger graafmachines. Dat heeft geleid tot een reeks opzienbarende vondsten, waarvan nu een selectie wordt getoond in Museum Het Valkhof in Nijmegen.

Daar is te zien wat er, bij een mijnbouw die percelen tot veertig meter diep afgraaft, nog te redden valt aan bijvoorbeeld fossielen, skeletten en menselijke werktuigen uit de prehistorie. Maar ook laat de tentoonstelling zien dat veel kleinschaliger spitwerk ook interessant materiaal uit heel andere perioden kan opleveren. In de plaats Werne groef men in de middeleeuwse parochiekerk van Sint Christophorus een gat om verwarmingsbuizen aan te leggen en stuitte men op een aantal graven. Een ervan was van een priester, zoals kon worden opgemaakt uit de aanwezigheid van resten van een liturgisch gewaad dat zijn stoffelijk overschot had omhuld. Het moet in de vroege 14de eeuw zijn gemaakt van roodachtig Italiaans damast, en het is versierd met diermotieven die telkens twee symmetrisch tegenover elkaar geplaatste leeuwen, griffioenen of gazellen tonen. Net als bij een partij middeleeuwse leren schoenen fascineert de aanblik van zulke gebruiksvoorwerpen, misschien vooral omdat ze zo sterk doen denken aan weefwerk en schoeisel dat nu, zes, zeven eeuwen later, nog steeds wordt gemaakt en gebruikt.

Maar hoe herkenbaar ze ook zijn, juist de ouderdom van de kwetsbare objecten maakt ze bijzonder. En wat dat betreft zijn ze een lachertje vergeleken met sommige andere voorwerpen in de expositie. Het eerste deel daarvan behandelt een heel andere wereld, waarin de mens, of iets wat er op lijkt, slechts is vertegenwoordigd door het skelet van de beroemde 'Neanderthaler'. Dit gedeelte van de tentoonstelling is niet te bevatten zonder een danige aanpassing van historisch perspectief en tijdrekening: van eeuwen naar eenheden van tientallen miljoenen jaren. Op een vreemde manier ontroerend zijn de pootafdrukken die dinosauriërs in een miljoenen jaren oude kleilaag hebben achtergelaten. Zulke sporen en teruggevonden botten hebben geleid tot levensgrote reconstructies van de vleesetende Allosaurus en een muskus-os.

Reconstructies zijn er ook in de vitrines met sieraden uit eeuwen ver voor het begin van de jaartelling, die een beeld geven van hoe glimmend en kleurig de verwrongen en verweerde stukjes metaal van de originelen die ernaast liggen, ooit waren. En naast de schamele resten van een middeleeuwse luidklok, afkomstig uit het klooster van Corvey, hangt een puik functionerende replica van dat instrument. De klok beiert je als het ware terug naar het heden: het origineel dateert dan wel uit de 11de eeuw, maar in verhouding tot de tijdspanne die de tentoonstelling beslaat, is dat tenslotte praktisch gisteren. De zevenmijlsstappen waarmee ze je door de tijd slingert, maken de tentoonstelling een fascinerend, maar onsamenhangend geheel. Of het moest zijn dat ze een beeld geeft van het leven van plant, dier en mens in een kleine Europese regio tot in de 17de eeuw, vanaf een bijna onvoorstelbaar ver verleden.

Tentoonstelling: Gevonden: Allosaurus, Neandertaler, Romeinse weg; opgravingen in Noordrijn-Westfalen 1995-2000. Museum Het Valkhof (Kelfkensbos 59, Nijmegen). T/m 19/08. Geopend di-vr: 10-17; za, zon- en feestdagen: 12-17 uur. Catalogus (Duitstalig, uitg. Philipp von Zabern), 452 blz. geb., fl. 30,-. Inl.: (024) 3608805