Fini en Bossi in kabinet Berlusconi

Mediamagnaat Silvio Berlusconi is vanmorgen beëdigd als nieuwe premier van Italië. Vice-premier wordt de postfascist Gianfranco Fini. Ook leider Umberto Bossi van protestpartij Lega Nord, zit in het kabinet.

,,Ik zweer trouw te zijn aan de Republiek, haar grondwet en wetten loyaal na te leven, en mijn functie uit te oefenen uitsluitend in het belang van de natie'', zei Berlusconi ernstig. Hij was zaterdag door president Carlo Azeglio Ciampi aangewezen als formateur en maakte gisteren zijn ministers bekend. Hij besteedde geen woord aan zijn belangenconflict als mediamagnaat, ondernemer en premier.

In 1994, toen Berlusconi zeven maanden premier was, zaten zijn bondgenoten niet in het kabinet. Door ze nu wel ministersposten te geven, hoopt Berlusconi zijn regering meer stabiliteit te geven.

Berlusconi maakte zijn belofte van een afgeslankt kabinet niet waar. Om al zijn bondgenoten tevreden te kunnen stellen heeft hij 23 ministersposten gecreëerd. Negen daarvan zijn zonder portefeuille, zoals de minister voor Uitvoering van het regeringsprogram. Dat is toegevallen aan Beppe Pisanu. Hij moet elke twee weken verslag uitbrengen over de voortgang.

De benoemingen op Buitenlandse Zaken van Renato Ruggiero, ex-president van de Wereldhandelsorganisatie, en op Economie van Giulio Tremonti waren al aangekondigd. Binnenlandse Zaken gaat naar Claudio Scajola, die Berlusconi's partij Forza Italia heeft uitgebouwd. Op Defensie komt Antonio Martino, in 1994 minister van Buitenlandse Zaken.

De linkse oppositie heeft felle kritiek op de rol van Bossi. Die wordt minister van Institutionele Hervormingen en Decentralisatie. ,,Het is verontrustend dat zo'n delicaat thema wordt toevertrouwd aan de leider van een politieke beweging die hierover extremistische standpunten heeft gehad en heeft'', zei Piero Fassino van de Linkse Democraten. Bossi heeft in het verleden gepleit voor de afscheiding van Noord-Italië. Fassino had ook kritiek op het feit dat er maar twee vrouwen zitten in het kabinet: Letizia Moratti op Onderwijs, en Stefania Prestigiacomo voor Gelijke Kansen.

Opvallend is de benoeming van de 74-jarige Mirko Tremaglia tot minister voor Italianen in het buitenland. In 1994 hield de toenmalige president Oscar Luigi Scalfaro zijn benoeming tot minister tegen, omdat Tremaglia aan het einde van de Tweede Wereldoorlog actief is geweest in de fascistische Italiaanse Sociale Republiek.