Deel Koenigs collectie naar Teylers Museum

Het Teylers Museum in Haarlem heeft 21 tekeningen ontvangen uit de nalatenschap van Franz Koenigs (1881-1941). Kern van de schenking is een groep 19de-eeuwse tekeningen: studiebladen van David, Delacroix, Corot en Menzel, en werk van de impressionisten Manet, Pissarro, Degas en Toulouse-Lautrec. De vroegste tekening stamt uit de late 15de eeuw en is afkomstig uit de kring rond Van der Goes in Brugge. Het betreft kunstwerken uit de zogenoemde `tweede collectie, het deel van de wereldberoemde verzameling die na het overlijden van Koenigs aan zijn erfgenamen verviel. Het museum wil de schenker niet bekend maken, maar het gaat waarschijnlijk om A.K.M. Boerlage-Koenigs of W.O. Koenigs, respectievelijk dochter en zoon van Franz Koenigs.

De `tweede collectie, die in bezit bleef van de verzamelaar zelf, staat los van de befaamde Koenigs collectie. De Duitse bankier Franz Koenigs vestigde zich in 1921 aan het Florapark in Haarlem. Zijn kunstcollectie moest hij door financiële problemen verpanden aan een Amsterdamse bank, die de collectie in 1940 verkocht aan de Rotterdamse verzamelaar D.G. van Beuningen. Het grootste deel van de Koenigs collectie, bijna 2000 tekeningen, bevindt zich sinds diens schenking in Museum Boijmans Van Beuningen. Een deel van de tekeningen die Van Beuningen aan de nazi''s doorverkocht, bevinden zich sinds 1945 in Moskou en worden al jaren vergeefs geclaimd door de Nederlandse staat.

De schenking betekent een belangrijke uitbreiding van het prentenkabinet van Teylers. Een keuze uit de aanwinsten zal te zien zijn tijdens de afscheidstentoonstelling voor directeur Eric Ebbinge, die op 16 juni opent.