Nieuwe gastarbeiders

Daar komen de Duitsers. Nederlandse bouwbedrijven zijn wanhopig op zoek naar personeel en gaan nu werven onder de werklozen in het voormalige Oost-Duitsland. Ze moeten nog op z'n Hollands leren metselen, maar aan het bakkie koffie om tien uur zijn de nieuwe gastarbeiders snel gewend.

In Glauchau wordt getimmerd en gemetseld alsof het Saksische stadje in Oost-Duitsland één grote bouwput is. Jürgen werkt aan een muur van rode klinkers en drukt geconcentreerd de ene na de andere baksteen op elkaar. Edie schuurt aan een witte houten sierlijst. Steffen maakt nieuwe specie aan terwijl hij de zweetdruppels van zijn hoofd veegt. ,,Het is hard werken geblazen. De Hollanders bouwen anders. De stenen zijn anders, het gereedschap. Ze bouwen vooral sneller dan wij'', zegt Steffen.

Jürgen, Edie en Steffen werken niet echt. Ze oefenen. De drie bouwvakkers zijn werkloos. Samen met een groep van 34 man worden zij in het Opleidingscentrum van Glauchau klaargestoomd voor Nederland. In Oost-Duitsland is geen baan in hun branche te krijgen, terwijl Nederland om bouwvakkers staat te springen.

Jürgen, Edie en Steffen vertegenwoordigen de Duitse variant van de nieuwe gastarbeider. ,,Nog niet zo lang geleden verdienden Nederlandse bouwvakkers hun geld in Duitsland. Inmiddels is het andersom. Hollandse bouwers komen helemaal naar Saksen om personeel te zoeken'', zegt Heinz Hammer, leider van het Opleidingscentrum.

Hammer is 53, heeft donker krullend haar en geldt als routinier. De Oost-Duitser is geboren onder de rook van Karl Marx-Stadt, vlakbij Glauchau. Na de Duitse hereniging werd de stad omgedoopt in Chemnitz, maar het reusachtige monument met de kop van Marx staat nog altijd trots in de Brückenstrasse. ,,We kunnen toch niet ons hele verleden uitgummen'', vindt Hammer. Hij werkt al dertig jaar in de omscholingsbranche. Ook in de vroegere DDR werden werknemers om- en bijgeschoold, al was werkloosheid een nagenoeg onbekend fenomeen. Het kapitalisme is veel Oost-Duitsers volgens Hammer koud op hun dak gevallen.

Ruim elf jaar na de Duitse hereniging is het aantal werklozen in de voormalige DDR nog zo hoog dat steeds meer Oost-Duitsers hun heil in het Westen zoeken.

Sommige arbeidsbureaus betalen werkloze `Ossies' zelfs premies van een paar duizend mark als ze een baan in West-Duitsland accepteren. Oost-Duitse politici waarschuwen voor het ,,leegbloeden'' van hun regio, waar de vorige kanselier, Helmut Kohl, ooit bloeiende landschappen had beloofd. Beter een baan dan geen baan, ook al is het in het Westen, vinden de arbeidsbureaus, ook in Glauchau.

De West-Duitse economie is sterker en de werkloosheid is er de afgelopen jaren zelfs licht gedaald. In het oosten daarentegen stabiliseert de werkloosheid zich op hoog niveau. In sommige regio's sluiten West-Duitse bedrijven hun na de hereniging opgerichte dochters alweer wegens gebrek aan afzet. Gemiddeld 19 procent van de Oost-Duitse beroepsbevolking is werkloos, in het Saksische Glauchau 20 procent. Dat is ruim twee keer zoveel als in West-Duitsland. In de bouw is de crisis het ernstigst. Een op de twee bouwvakkers zit werkloos thuis.

Touwtje

In Nederland daarentegen is de werkloosheid intussen zo sterk gedaald, dat bepaalde bedrijfstakken kampen met een tekort aan arbeidskrachten. Vooral Nederlandse bouwers hebben Oost-Duitsland ontdekt als reservoir van werknemers. Aannemersbedrijf Bots kwam zo moeilijk aan personeel voor de renovatie van 120 woningen, dat het de bouwtekeningen naar Duitsland heeft opgestuurd in de hoop daar het benodigde gespecialiseerde personeel te vinden. Directeur Henk van Gogh van bouwmaatschappij Manders noemt vooral bouwvakkers ,,vaklieden waar je heel zuinig op moet zijn''. Hij wil dan ook het liefst dat de Oost-Duitse bouwvakkers permanent in Nederland komen wonen. Bauflex, het uitzendbureau voor de bouw, speelt hierop in door via moederorganisatie Randstad een geschikte baan voor de partner te zoeken.

Toen Hammer op een banenbeurs in Chemnitz een manager van het uitzendbureau Bauflex tegen het lijf liep, waren beide mannen het snel eens. Bauflex beloofde banen als Hammer de Oost-Duitse bouwvakkers klaarstoomde voor de Nederlandse markt. Met collega's van andere Saksische arbeidsbureaus reisde Hammer naar Rotterdam en Eindhoven om te onderzoeken hoe er gebouwd wordt. Vervolgens werden docenten van het opleidingscentrum naar Nederlandse bouwplaatsen gestuurd om het systeem onder de knie te krijgen. Daarna begon Hammer in Glauchau met een speciale cursus `Nederlands bouwen', die zes tot acht weken duurt.

Vrijwel alles bleken de Duitsers anders te doen dan de Hollanders. Niet alleen maken de Nederlanders andere voegen. Ze werken ook zonder het voor een Duitser onmisbare waterpas. Tot hun verbazing zorgt een touw ervoor dat de muren in Nederland mooi recht worden. Hammer: ,,Ook metselen is verschillend. De Duitser smeert specie op een stenen muurtje en drukt de klinker erop. De Nederlander brengt eerst de specie op de steen aan. Hij werkt daardoor sneller en zuiniger.'' Metselt een Hollander achthonderd tot duizend stenen per dag, zijn Duitse vakbroeder komt net aan de helft. Een kwestie van organisatie, meent Hammer. De Duitse bouwvakker krijgt een algemene opleiding. De Nederlander specialiseert zich meteen.

Aanvankelijk waren de bouwvakkers die Hammer voor de cursus bijeen kreeg, sceptisch over werken in Nederland. Met werken in West-Duitsland zijn de ervaringen niet onverdeeld gunstig, zegt Hammer. De Saks is vrolijk van aard, de Wessie een tikkeltje arrogant. Bovendien heeft niet iedereen die tweeduizend mark per maand van het arbeidsbureau krijgt uitgekeerd, zin om 700 kilometer verderop te gaan werken, bekent hij.

Intussen loopt de samenwerking tussen de Nederlanders en de Duitsers gesmeerd. Al tachtig bouwvakkers uit Glauchau zijn naar Nederland vertrokken en de ervaringen zijn prima, weet Hammer. Op de steiger kunnen ze het goed met elkaar vinden, heeft hij vastgesteld na een inspectiebezoek in Nederland. ,,Het werken in Duitsland is hectischer, harder, er is meer hiërarchie. De lossere omgang in Nederland bevalt onze jongens.''

Bakkie koffie

De Nederlandse cultuur van een `bakkie koffie' om tien uur hebben ze zich snel eigen gemaakt. Als het even kan, nemen ze wel hun eigen bruine brood uit Duitsland mee. Bovendien, er wordt goed betaald: gemiddeld 2.500 mark netto. Op veel Oost-Duitse bouwplaatsen betalen firma's in plaats van het officiële CAO-tarief van 25 mark per uur niet eens 10 mark. In Nederland krijgen de vaklieden gratis onderdak in bungalows van vakantieparken en ze zijn sociaal verzekerd, zegt Hammer. Hij beschouwt de Duitse bouwvakkers dan ook als moderne gastarbeiders. ,,In één Europa moet je toch overal tegen goede voorwaarden kunnen werken.''

Moest Hammer aanvankelijk werkloze bouwvakkers zelf ronselen voor zijn cursus, inmiddels loopt het storm. Wekelijks melden zich nieuwe Ossies aan die voelen voor het avontuur. Zoals de 34-jarige metselaar Steffen Ulbricht. In de grote hal waar de groep bouwvakkers ijverig timmert, schuurt en metselt, probeert hij het Nederlandse voegen onder de knie te krijgen. Aan de muur achter Steffen hangt een glanzende affiche van de Amsterdamse grachten, de vroegere koopmanshuizen en de Keukenhof.

Bang is Steffen in geen geval voor de nieuwe Heimat. Nederland kent hij nauwelijks. Maar hij kijkt uit naar het leven dicht bij de zee. Alles is er nieuw voor hem: de mensen, de bouwtechnieken. Vooral de façades van de huizen spreken hem aan. Die doen hem denken aan Mecklenburg-Vorpommern. Steffen hoopt vurig dat hij na afloop van de cursus door een Nederlandse bouwer wordt aangenomen. ,,Werkloos blijven is niets.''

Tot de val van de Berlijnse Muur in 1989 werkte hij bij een Kombinat in Freiberg met honderden arbeiders – in de zinkproductie. Na de privatisering van het bedrijf hoorde Steffen tot de 15 gelukkigen die mochten blijven. Maar in 1999 ging het bergafwaarts met het bedrijf en belandde ook Steffen op straat.

,,Het is gek. In de DDR hadden we niets en we hebben er toch iets van gemaakt. Nu is er volop materiaal en hebben we geen opdrachten.'' Niet alles was slecht in de DDR, vindt hij, en in het verenigde Duitsland is niet alles beter. ,,Weet u wat erg is? Werken en geen loon krijgen.'' Dat is hem en vele kameraden die in Glauchau worden bijgeschoold, overkomen. Het ene na het andere Oost-Duitse bouwbedrijf gaat over de kop – en dan beweert de bondskanselier doodleuk dat er `geen recht op luiheid' bestaat. Dat heeft bij velen in het oosten kwaad bloed gezet, weet Hammer, de leider van het opleidingscentrum. ,,Waar zijn hier de banen? Het worden er almaar minder.''

Terugval

De hoge werkloosheid, die in heel Duitsland rond de vier miljoen zweeft, is niet alleen pijnlijk voor de werklozen. Ook voor kanselier Gerhard Schröder. De SPD-kanselier wil bij de verkiezingen volgend jaar herfst immers afgerekend worden op bestrijding van de werkloosheid. Maar de terugval van de economische groei die dit jaar in Duitsland wordt verwacht, van 3 procent naar minder dan 2 procent, heeft een streep door de rekening gezet. Duitsland geldt zelfs als hekkensluiter van alle eurolanden.

Schröders doel de werkloosheid te verlagen tot onder de 3,5 miljoen lijkt nauwelijks nog haalbaar. De werkloosheid zal volgend jaar beslist hoger uitkomen, zei de econoom Rüdiger Pohl, president van het Instituut voor Economisch Onderzoek in het Oost-Duitse Halle deze week. Het slechte economische nieuws stapelt zich op. De gebruikelijke voorjaarsopleving van de arbeidsmarkt blijft volgens de Bundesanstalt für Arbeit (de overkoepelende arbeidsbureaus) uit. De stemming bij het Duitse bedrijfsleven is al maanden achtereen pessimistisch.

De terugval van de economische bedrijvigheid in Amerika heeft immers directe gevolgen voor Duitsland als krachtige exportnatie. Via massale directe investeringen is de economie in Europa, en vooral de Duitse, veel nauwer verbonden met de Amerikaanse economie dan de handelsstromen weerspiegelen. De omzetten van Amerikaanse dochters in Duitsland overtreffen de Amerikaanse export naar Duitsland vele malen. Bezuinigingen bij de Amerikaanse moederbedrijven zijn in Duitsland direct voelbaar. Grote Duitse bedrijven zagen hun winsten in de eerste maanden van dit jaar al fors dalen.

De regering in Berlijn verwacht van de zwakke Amerikaanse conjunctuur geen impulsen meer voor de Duitse export. Van de binnenlandse vraag moeten Duitse bedrijven het ook niet hebben. Slechts met een schamele 0,1 procent groeide de particuliere consumptie in het eerste kwartaal van dit jaar. Ondanks de miljarden aan lastenverlichting als gevolg van Schröders belastinghervorming, houden de consumenten de hand op de knip. Debet daaraan zijn de hoge olie- en benzineprijzen, die de inflatie tot 3,5 procent in mei opjoegen – de hoogste stand sinds 1993. Bovendien houden de meeste Duitsers rekening met nieuwe prijsverhogingen zodra de euro in januari de D-mark vervangt.

Nu begint zich te wreken dat Schröder de afgelopen jaren niets heeft gedaan om de rigide arbeidsmarkt flexibeler te maken. Het strenge ontslagrecht, het starre korset van de CAO's en de hoge sociale premies bleven intact om de vakbeweging te vriend te houden. Met uitbreiding van de ondernemingsraden en de verplichte invoering van deeltijdwerk zijn bedrijven met meer in plaats van minder regels opgezadeld.

Om het werkloosheidscijfer te drukken heeft de regering plannen voor een strengere aanpak van langdurig werklozen. Arbeidsbureaus moeten strenger optreden, vindt Berlijn. In Glauchau gebeurt dat al, zegt Heinz Hammer, die nauw samenwerkt met het arbeidsbureau. Met zijn project garandeert hij bijna honderd procent kans op werk. ,,Wie wil werken en bereid is zich aan te passen, heeft een dikke kans'', meent hij.

,,We moeten overleven'', valt bouwvakker Edie Wagner hem bij in de werkhal. Veel van z'n vrienden zijn al naar Beieren vertrokken. Zelf heeft Edie de blik vast op het land van Frau Antje gericht. ,,Als het werkt, blijven we. Dan worden we Hollanders.''