Ideologieën

Arno Visser pleit voor een ironische grondhouding in de politiek (NRC Handelsblad, 2 juni).

Ook vanuit andere dan cultuurfilosofische of liberale overwegingen lijkt dit de enige houding met toekomst.Ik doel daarmee vooral op het activeren van politieke betrokkenheid van jongeren. De civil society van morgen committeert zich minder dan ooit aan ideologische kaders, maar heeft tegelijk wel meningen, kritiek en idealen. Zij heeft geen boodschap aan dogmatisme of cultuurpessimisme van welke kleur dan ook. Haar scepsis over invloed is terecht als men kijkt naar traditionele, op ideologie gegronde partijbolwerken.

Willen politici van nu het (potentiële) engagement van deze generatie niet verliezen, dan moeten zij laten zien dat zij middenin de maatschappij staan en ook buiten de `inner circle' waarover Visser spreekt, helder en vooruitgangsgericht kunnen argumenteren. Dat impliceert geen afwijzing van richtinggevend leiderschap, maar wel een meer fluïde omgang met principes. Een grotere rol van de civil society en het meer on issues in discussie gaan met ongebonden jongeren horen daarbij.

Ideologische reveils zullen over tien, twintig jaar vervallen zijn tot nostalgie in het bejaardentehuis; wie de politiek dan niet ontredderd wil zien moet nu een kritisch-intellectueel vooruitgangsgeloof uitdragen.