De sociale trampoline

STELLING: Ons stelsel van sociale zekerheid is nog steeds te ruimhartig

Hef het glas! Lang leve de sociale zekerheid! De wortels van het huidige sociale zekerheidsstelsel reiken een eeuw terug. Reden voor een feestje, aangezien de introductie van deze sociale rechten een taaie strijd is geweest. In het veld van de sociale zekerheid zelf ontbreken echter de slingers: hier wordt strijd gevoerd om de toekomstige houdbaarheid van de sociale zekerheid in het licht van problemen van efficiëntie en effectiviteit.

Verschillende oplossingen zijn vanuit de politiek aangedragen sinds deze problematiek werd erkend. In de jaren tachtig wordt de ruimhartigheid van het stelsel zelf aan de orde gesteld. Ingrepen op de duur en hoogte van de uitkeringen doen hun intrede tijdens de kabinetten-Lubbers. In de jaren negentig wordt betaalbaarheid ingeruild voor beheersbaarheid: de toegang tot het stelsel zou moeten worden ingeperkt. Het eerste Paarse kabinet verschuift de verantwoordelijkheid van de sociale zekerheid gedeeltelijk van het collectieve naar het individuele niveau. Daarnaast wordt momenteel de uitvoeringsstructuur herzien. De relatie tussen sociale zekerheid en arbeidsparticipatie wordt onderstreept.

Heeft dit beleid tot nog toe baat gehad? In het licht van de hedendaagse WAO-problematiek moet het antwoord zijn: nee. Het aantal gerechtigden bereikt bijna de miljoen. Het is ongeloofwaardig dat hier sprake is van rechtmatigheid. Recentelijk heeft de discussie zich toegespitst op preventie en reïntegratie, maar bij uitblijvende resultaten zal die zich verleggen tot de inhoud van het stelsel zelf. Dan wordt gesteld dat activering en privatisering van verantwoordelijkheden de werkelijke oorzaak verzuimen aan te pakken. De ruimhartigheid van de sociale zekerheid zal als schuldige worden aangewezen. Zij vermindert de noodzaak tot het zoeken naar werk. De echte prikkel schuilt aan de wortel: de sociale zekerheid zal moeten worden ingeperkt.

Dit zou in mijn optiek echter de verkeerde insteek zijn. Het uitgangspunt moet juist een ruimhartig stelsel zijn. In de eerste plaats uit oogpunt van sociale rechtvaardigheid, een belangrijke grondslag voor de uitbouw van de verzorgingsstaat. De idee is dat burgers die zelf niet in hun inkomensonderhoud kunnen voorzien, het recht hebben te delen in de welvaartsgroei. In deze geïndividualiseerde en marktgerichte maatschappij dreigt dit gelijkheidsidee te worden ondergraven. Wanneer de nadruk op activering wordt vergezeld van een uitkleding van de sociale zekerheidsregelingen zelf, wordt gekozen voor een samenleving waarin de sociale ongelijkheid zal toenemen. In Groot-Brittannië groeit ten gevolge van deze dubbelstrategie het aantal mensen dat leeft onder het bestaansminimum, en worden problemen van sociale uitsluiting steeds nijpender.

Argumenten ten behoeve van individuele ontplooiing, sociale cohesie en rechtvaardigheid leggen het echter veelal af tegen argumenten van economische aard. De idee is dat sociale zekerheid beslag legt op het nationaal inkomen, en de economische groei verstoort.

Ik wil daar tegen inbrengen dat sociale zekerheid juist een onmisbare functie vervult voor een goed verloop van het economisch leven. In een flexibele arbeidsmarkt waarin mensen in toenemende mate van baan verwisselen, vervult de sociale zekerheid een belangrijke brug van inkomensonderhoud. Gesteld kan worden dat dit de risicobereidheid van de werkende bevolking stimuleert, mits zij ruimhartig genoeg is. De sociale zekerheid zal moeten worden ingekaderd in een uitvoeringsstructuur die op deze trampolinefunctie is geënt.

Dit alles impliceert dat sociale zekerheid meer dan voorheen als een tijdelijk recht moet worden gezien, waar de relatie met de arbeidsmarkt nadrukkelijk aanwezig is. Ook ten aanzien van de WAO moet dit het uitgangspunt zijn. Werknemers, werkgevers, uitvoeringsorganisaties en arbodiensten dienen alle hun inspanning te richten op de terugkeer tot de arbeidsmarkt. Wanneer dit niet langer mogelijk is, moet een beroep kunnen worden gedaan op het recht op sociale zekerheid. Ruimhartigheid is dan zeker geboden, uit oogpunt van solidariteit, uit economische overwegingen maar ook puur uit eigen belang: het kan ons allen overkomen. Een solide en ruimhartig stelsel van sociale zekerheid is de enige manier waarop een onafhankelijk levensbestaan kan worden voortgezet. Hiertoe is niet voor niets zo lang strijd gevoerd.

Hester Kan studeert politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.