Bush komt op bezoek in Europa

De Amerikaanse president Bush komt volgende week kennismaken met Europa. Het bezoek kan duidelijk maken hoe eenzijdig Bush de rol van de laatste wereldmacht wil definiëren. Toespreken of overleggen, dat wordt de kwestie.

Kan George W. Bush over zijn eigen schaduw springen en Europa verrassen door niet alleen te spreken maar ook te luisteren? Dat wordt de kwestie. Vanaf dinsdag ontmoet hij de leiders van een continent dat met stijgende verbazing heeft aangezien hoe een nieuwe Amerikaanse regering opstond die zich de luxe van overleg niet lijkt te kunnen permitteren.

De vijfdaagse reis voert de Amerikaanse president langs Madrid, Brussel (Navo en België), Göteborg (Amerikaans-Europese top), Warschau en Ljubljana (Slovenië en een eerste ontmoeting met de Russische president Poetin). Zaterdagavond is Bush weer thuis. Na enkele semi-thuiswedstrijden (Canada en vier keer Mexico) wordt dit de eerste echte test van president Bush als internationaal staatsman.

Hij maakt zelf vaak grapjes over de lage verwachtingen die men van hem koestert. Dat geeft Bush op deze reis naar de Oude Wereld een kans een onverwacht gunstige indruk te maken. Bijvoorbeeld door het Europese streven naar een eigen defensie-identiteit van harte te steunen. Zijn binnenlandse methode (honkbalgrappen, iedereen bijnamen geven en veel armen over schouders) zal niet werken, dat beseft men in Washington terdege. Na vier maanden stoere taal is de toon ten opzichte van de buitenwereld sowieso aan het veranderen. Rusland wordt niet langer als sombere erfgenaam van de Sovjet-Unie afgeschilderd. Woensdag gaf Bush zonder fanfare een verklaring uit waarin hij de eerder door hem zelf afgebroken ontwapenings-onderhandelingen met Noord-Korea weer oppakte.

En donderdag kwam de National Academy of Sciences met een door het Witte Huis besteld rapport waarin werd vastgesteld dat het broeikaseffect bestaat, en dat het hoofdzakelijk van menselijke makelij is. Het had niet op een actueler moment kunnen komen. Bush stootte Europa en de rest van de wereld in maart voor het hoofd door het moeizaam in Rio en Kyoto bereikte internationale regime tot terugdringing van de vervuiling en verwarming van de aarde eenvoudigweg `dood' te verklaren. Het zou op wetenschappelijk drijfzand berusten. Bovendien waren de vereiste maatregelen slecht voor de Amerikaanse economie en die ging voor alles.

De verontwaardiging over dat standpunt was ook in eigen land groot genoeg om Bush opinieschade te berokkenen. Daarom doet het Witte Huis de laatste weken moeite zich milieubewuster te presenteren. Vice-president Dick Cheney, de drijvende kracht achter het `meer olie en gas boren'-energie-plan van de regering-Bush, sprak voor het eerst met grote milieu-organisaties. Hij verliet de bijeenkomst, die anderhalf uur duurde, na 20 minuten, maar het was een begin.

Ter voorbereiding op de reis naar Europa had men van de week al laten uitlekken dat de fine fleur van ministers die gaan over energie, milieu en de rest van de wereld aan een Amerikaans alternatief voor Kyoto werken. De eerste geluiden wezen op een vrijwillig beperkingsregime. Na het rapport van de National Academy of Sciences houdt de president niet meer vol dat er niets aan de hand is, al onderstreept zijn woordvoerder twijfel over de oorzaken. Het is dus de vraag of Bush in Europa met een concreet alternatief voor Kyoto komt. Misschien dwingt tijdgebrek hem die lancering te bewaren voor de G-8 top in Genua in juli.

De Europese Navo-leden hebben een zeer afwachtende houding ingenomen tegenover Bush' stellige voornemen een ruimteschild te bouwen tegen raketaanvallen van `schurkenstaten', zoals Irak, Iran en Noord Korea.

Omdat die missile defense-plannen nog weinig concreet zijn en omdat de belastingverlagingen, die deze week wet werden, de financiële ruimte ervoor danig hebben beperkt, kan Kyoto de voornaamste lakmoesproef worden van de transatlantische betrekkingen.

Iedereen wist dat het Kyoto-regime moeilijk te halen was. Maar de manier waarop Bush de hele inspanning naar de prullenmand verwees schokte. Zoals Russen en West-Europeanen de eenzijdige mededeling dat het ABM-verdrag achterhaald is, ernstiger vinden dan de inhoud van de boodschap. Over alles is te onderhandelen. Maar juist dat is iets waar de wereldvisie van de regering-Bush zich kennelijk tegen verzet. De rol van de laatste wereldmacht is anders.

De haviken in de regering-Bush handelen naar wat de columnist Charles Krauthammer deze week in de conservatieve Weekly Standard bepleitte: herstel van Amerika's vrijheid van handelen in de unipolaire wereld van de 21ste eeuw. Die vrijheid is nodig om de dominantie van de Verenigde Staten te verzekeren. Multilateraal krijgt Amerika dat niet voor elkaar. Maar unilateralisme is ook goed voor de anderen. ,,De wereld als geheel heeft veel meer kans op vrede onder één oppermachtige. Bovendien, wij zijn niet zomaar een oppermachtige. Wij drijven een imperium dat van een unieke goedaardigheid is ... Anders dan andere oppermachtigen hebben wij geen grootse visie voor de wereld. Geen Duizendjarig Rijk. Geen Nieuwe Sovjet-mens. Door onze ligging en aard zijn wij een status quo macht.''

Noch Bush noch zijn ministers en adviseurs hebben zo openlijk en duidelijk een unilateralistisch pleidooi gehouden, maar een aantal daden en uitspraken van de president en de hardliners rond Rumsfeld (minister van Defensie) vertonen er verwantschap mee. Het is duidelijk dat minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell op dat front nederlagen heeft moeten incasseren, maar hij geeft zich niet gewonnen. Nationale Veiligheidsadviseur Condoleezza Rice onderstreepte deze week dat Washington zijn verplichtingen in de Balkan zal nakomen. Zij lijkt meer een technische dan een dogmatische rol te vervullen. Het moet al met al nog blijken hoe eenzijdig Bush Amerika's rol in de wereld wil definiëren. Ook wat dat betreft kan de reis van volgende week aanwijzingen geven.

Ondanks de vriendelijke woorden over gemeenschappelijke waarden die zullen klinken, de verhouding tussen Europa en de Verenigde Staten is aan erosie onderhevig. Ivo Daalder, senior fellow aan de Brookings Institution in Washington ziet zich een scheiding der geesten voltrekken. Juist omdat Europa minder een economisch of een veiligheidsprobleem is, verlegt Amerika de aandacht naar Azië. Terwijl de EU zich bezighoudt met haar eigen eenwording en uitbreiding, en zorgen heeft over milieu en voedselveiligheid, wil Amerika zijn economie onverminderd toeren laten maken en zich wapenen tegen de laatste wilden in de wereld.

,,Het verschil in aanpak multilateraal of unilateraal verdeelt Europa en de Verenigde Staten steeds meer. Als deze tendensen doorzetten, zullen de EU en de VS verder uit elkaar drijven. Niet dramatisch, het hoeft niet tot een breuk te komen. Integendeel: het heeft zo ver kunnen komen omdat Europa na vijftig jaar transatlantische inspanning vreedzamer, minder verdeeld en democratischer is dan ooit tevoren. De partners kunnen zich veroorloven in toenemende mate hun eigen weg te gaan.''