Van het boerenfront geen nieuws

De commissie-Wijffels presenteerde haar rapport vorige week onder de naam `Toekomst voor de veehouderij'. De ondertitel – agenda voor een herontwerp van de sector – deed vermoeden dat het rapport een nieuwe weg wijst aan de Nederlandse veehouderij. Niets is minder waar. Het rapport is vaag en vertelt weinig nieuws.

Volgens het rapport behoort dierenwelzijn een `centraal aandachtspunt' te zijn. Maar dat is het al jaren. De vijf vrijheden die de commissie als richtsnoer oppert (dieren zijn vrij van dorst, fysiek ongerief, ziekte, chronische stress en ze zijn vrij om een normaal gedragspatroon te hebben) gelden al lang als uitgangspunt, maar worden met voeten getreden. De commissie laat zich verder niet uit over een wenselijk niveau van welzijn. Zo krijgen batterijkippen over een aantal jaren meer ruimte. Nu is dat 450 cm² per kip. Vanaf 2012 is dat 750 cm², iets meer dan een A4-tje. In die zogenaamde `verrijkte' kooien hebben de leghennen een nest om eieren te leggen, een zitstok en strooisel. Vindt de commissie dat voldoende?

Ook over het mestbeleid vertelt de commissie niets nieuws. Dat de berg met varkens-, koeien- en kippenstront moet krimpen is al decennia duidelijk. Het rapport suggereert dat veehouders via een contract hun mest kunnen afzetten bij akkerbouwers. Dat is inmiddels gangbare praktijk hoewel de vooruitzichten voor deze aanpak nu nog tegenvallen. De schakels in de keten veefokker, veehouder, slachterij en supermarkt zouden beter moeten gaan samenwerken. Maar daar is de sector al tien jaar mee bezig. Supermarkten zouden een vaste relatie moeten aangaan met vleesverwerkers. Ook dat is al aan de gang. Zo werd Nutreco een aantal maanden geleden hofleverancier van vers varkensvlees aan Laurus.

De commissie laat zich niet uit over een eventuele krimp van de veestapel. Dat boeren maar één kant op kunnen om in Nederland te overleven – de weg van de schaalvergroting en de vertechnologisering – wordt niet uitgesproken. Aan de omstreden `varkensflat' wordt geen woord besteed, hoewel dat volgens sommige deskundigen een niet te voorkomen ontwikkeling is. Daarnaast komt de verwachte opkomst van de zero grazing stal niet aan bod. In deze doodgewone stal staan de melkkoeien het hele jaar binnen. De dieren komen niet meer in de wei. Boeren kunnen zo besparen op hun kosten. Vindt de commissie dat een begaanbare weg?

Wel verwacht de commissie-Wijffels dat de melkveehouderij, net als nu, beheerder van de groene ruimte blijft. Maar voor welke prijs? Melkveehouders die hun koeien nog in de wei laten grazen zullen er grond bij moeten kopen de hoeveelheid mest per hectare moet namelijk omlaag, en de melkveestapel zal naar verwachting niet dalen. Maar welke boer kan tegenwoordig nog grond kopen, met prijzen van 80.000 tot 100.000 gulden per hectare? Het gaat al snel om investeringen van miljoenen. Wie betaalt dat?

Het Rathenau Instituut publiceerde twee maanden geleden ook een rapport over de toekomst van de Nederlandse veehouderij. Dit bevatte twintig gesprekken met deskundigen, onder anderen Herman Wijffels. De SER-voorzitter was toen veel duidelijker. Hij zei dat hij de intensieve veehouderij als een sterk krimpende bedrijfstak zag. Volgens hem wint de opvatting terrein dat je ,,andere wezens niet hoort te fokken, te mesten en te slachten.'' Ook prof.dr.ir. G. Meester, landbouwadviseur van minister Brinkhorst en tevens lid van de commissie-Wijffels, had daarin een duidelijk visie. ,,[...] de grote slag valt in de intensieve veehouderij [...] de grondgebonden veehouderij wint het van de intensieve veehouderij.''

Verschil tussen het rapport van het Rathenau Instituut en dat van de commissie-Wijffels is de vertegenwoordiging van de intensieve veehouderij. Die was groot in de 11-koppige commissie-Wijffels. Topmannen van Dumeco (de grootste varkensslachter in Nederland), de Alpuro Group (kalverslachter) en Nutreco (kippen- en varkensslachter) zaten erin. Dat is te merken aan het rapport. Het stelt geen veranderingen voor waar de grote bedrijven al niet op inspelen.

Marcel aan de Brugh is redacteur van NRC Handelsblad.