`Meten is weten' gaat niet op bij duurzaamheid

Voor een serieus oordeel over de ethische opstelling van ondernemingen zijn meer gegevens nodig dan kille cijfers. Maar wie stelt de norm? ,,Belangenorganisaties werken met groene, blauwe en zwarte lijsten, dat riekt naar chantage.''

Langs Unilevers theevelden, in India soms zo groot als de provincie Utrecht, staan meetlatten. Werknemertjes die te klein zijn mogen niet aan de slag. Met deze eenvoudige methode probeert de Nederlandse multinational te voorkomen dat kinderen tewerk gesteld worden, zo vertelde gisteren Frans Timmer, voormalig directeur van Unilever Nederland.

Timmer sprak op een discussiebijeenkomst over maatschappelijk verantwoord ondernemen, gisteren in de marge van twee vergadersessies van de Tweede Kamer. Het fenomeen is niet altijd zo eenvoudig meetbaar als langs de Indiase theeplantages. ,,We zijn er nog lang niet uit waarover en hoe over maatschappelijk verantwoord ondernemen gerapporteerd moet worden'', zei Jacqueline Cramer, kroonlid van de Sociaal Economische Raad. Of in de woorden van het VVD-kamerlid Blok: ,,We hebben bij maatschappelijk verantwoord ondernemen allemaal wel een gevoel, maar geen helderheid.''

Rabobank en Shell waren de bedrijven die gisteren de eer te beurt viel om de Tweede Kamer hun visie te geven over maatschappelijk verantwoord ondernemen en de verslaglegging daarover. Wim van Kooten brak namens Shell een lans voor vrijblijvende verslaglegging op het gebied van mensenrechten, arbeidsomstandigheden en milieu. ,,Als je zou proberen alles gereguleerd te krijgen dan sla je het eigen initiatief dood'', aldus de issuemanager van het olieconcern dat in Nederland met een uitgebreid zogeheten duurzaamheidsverslag tot de voorlopers behoort.

Volgens het PvdA-kamerlid Koenders moeten ondernemers hun vijandbeeld van de overheid opzij zetten. ,,We willen niet alles op dit gebied voorschrijven'', aldus Koenders. ,,De rol van de overheid is wel om te zorgen dat er informatie komt waar die nodig is om de markt te laten werken.'' Shell is juist best tevreden met de rol die het naar zich heeft toegetrokken en het imagovoordeel dat daarbij past. Met geprofileerd duurzaam ondernemen verwerft Shell in de buitenwereld instemming voor de groei van zijn activiteiten, een license to grow, zoals Van Kooten dat noemt. ,,De drang om dat te doen'', zei hij gisteren is het grootst zolang een onderneming zich op dit gebied van de concurrentie kan onderscheiden. Met een verplichting zou zo een deel van de drijfveer verdwijnen.

Transparantie is in de Tweede Kamer het toverwoord in de discussie over de maatschappelijke verantwoording van bedrijven, maar staatssecretaris Ybema (Economische Zaken) is voorlopig niet van plan bedrijven een verplicht milieu of sociaal verslag op bedrijfsniveau op te leggen. De Consumentenbond, een van de non-gouvermentele organisaties die de Tweede Kamer gisteren verslag deed over de praktijk van het maatschappelijk ondernemen, ziet een alternatief. Volgens Peters van de bond is ,,informatie op productniveau'' belangrijker dan verslagen waarin de onderneming als geheel beoordeeld wordt. Zij pleit voor een actief vraagrecht voor consumenten, wat betekent dat zij in de toekomst het recht hebben om precies te weten hoe de productieketen van een winkelartikel in elkaar steekt.

In het debat na afloop van de hoorzitting kaatste Frans Timmer van Unilever de bal van de transparantie terug naar de actiegroepen. Volgens Timmer is het hoog tijd dat non-gouvermentele organisaties die bedrijven aanspreken op hun gedrag duidelijk maken vanuit welk recht zij dat doen. Timmer: ,,Wij krijgen elke dag brieven. lekker dier, red het dier, heerlijk dier, noem maar op. Belangenorganisaties werken met groene, blauwe en zwarte lijsten, dat riekt naar chantage.''

SER-kroonlid Cramer onderschreef dat actiegroepen open en transparant moeten zijn over de manier waarop zij aan hun informatie komen. ,,Maar het lijkt me voor de overheid lastig om ze aan codes te houden.''

Shells issue manager Wim van Kooten ziet de vrije marktwerking die hij voor het bedrijfsleven bepleit ook als een geschikt middel om specifieke belangengroepen in het gareel te houden. Van Kooten: ,,Een actiegroep die twee keer zijn hand overspeelt is weg.'' Hij noemt als voorbeeld de milieuorganisatie Greenpeace, Shells belangrijkste tegenstander in de affaire rond het olieboorplatform Brent Spar. ,,Greenpeace was machtig'', aldus Van Kooten. ,,Maar in de Verenigde Staten zijn ze het contact met hun achterban kwijtgeraakt.''