Ik schrijf dicht bij mezelf'

De feministische Zweedse jounaliste Liza Marklund besloot haar baan op te geven en schrijfster te worden. Van haar eerste thriller `Springstof' werden twee miljoen exemplaren verkocht. ,,Zweden had nooit een vrouwelijke misdaadheldin.'

In het hoge noorden van Zweden, meer dan duizend kilometer van Stockholm, groeide de schrijfster Liza Marklund op. Als kind werd ze omsloten door bossen en nog eens bossen. Het dichtstbijzijnde theater was driehonderd kilometer ver. Een bibliotheek was niet voorhanden, er was zelfs geen boekwinkel in het naamloze gehucht aan een weg van steenslag. Liza Marklund las alles wat ze kon krijgen en dat waren de meisjesboeken van Nancy Drew en, uit de schappen van een buurtwinkel, Amerikaanse `trash'.

Haar rusteloze leven bracht haar over de hele wereld. Ze was verbonden aan een circus en reed in Amerika voor autoverhuurbedrijven wagens van de ene kust naar de andere. Een golf van blond haar heeft ze, helrood gestifte lippen. Liza Marklund (1963) verwierf in Zweden in 1999 de prestigieuze `beste auteur van het jaar-bekroning' met haar thriller-debuut Springstof (Sprängaren, 1998). Een jaar eerder kreeg de literaire schrijfster Majgull Axelsson voor Aprilheks deze onderscheiding. Literatuur of detective, fictie als `hogere kunst' en de whodunnit als `lagere': dit onderscheid bestaat in de Zweedse literatuur niet. En voor Marklund al helemaal niet.

,,Die Nancy Drew-boeken leerden mij lezen en, uiteindelijk, ook schrijven,' vertelt Marklund in de foyer van een Amsterdams hotel. ,,Nu pas besef ik hoe ongewoon die meisjesavonturen waren. Alles deden ze op eigen initiatief, elk klein misdrijf losten ze samen op, of het nu ging om een verdwenen sieraad of om een zoekgeraakt kind. De een was blond, de ander rood en de derde donker. De blonde was ondeugend, de donkere moederlijk en de rode vooral avontuurlijk aangelegd. Jongens lezen nooit meisjesboeken maar meisjes wel jongensboeken. Ik woonde daar in dat huis alleen met mijn ouders. Pas later, nadat ik de zogenaamde serieuze literatuur begon te lezen, besefte ik hoe uniek die Nancy Drew-reeks was. Meisjes in de hoofdrol en geen jongens! Alles is altijd mannelijk aan zoveel jeugdboeken, zelfs de dieren als honden en katten zijn mannelijk. Ik verzet me daartegen.'

Armzalige wezens

Dat verzet buitte ze creatief uit in haar twee tot nu toe verschenen thrillers, toonbeelden van `het spannende boek': Springstof en, recentelijk, Studio Zes (Studio Sex, 1999). Zoals bijna alle thrillerauteurs hun vaste held hebben, zo introduceert Marklund de jonge, knappe, blonde, snelle, aantrekkelijke, gehuwde, geëmancipeerde misdaadverslaggeefster Annika Bengtzon. ,,Natuurlijk wilde ik dat ze gehuwd is, moeder van kinderen en ook vol levensenergie en daadkracht', licht Marklund toe wanneer ze Bengtzon meteen in het begin ter sprake brengt. ,,In de Zweedse misdaaddromans, zoals die van Sjöwall en Wahlöö, waren vrouwen armzalige wezens, door mannen gedumpt, altijd verwikkeld in kortstondige liefdes, ze hadden geen kinderen en werden nooit verkracht. Hun erotiserende uitstraling was nihil. Tien jaar geleden ontdekte ik dat een vrouwelijke misdaadheldin ontbreekt. Die moest ik zelf creëren. Dat zo'n volwaardige vrouw niet bestaat, maakte me woedend – en eigenlijk ben ik dat nog steeds. De Zweedse maatschappij is een mannenmaatschappij, nog steeds wemelt het van de verkrachtingen, is vernedering aan de orde van de dag. Onlangs las ik een rapport waarin werd gesteld dat jongens meer praten dan meisjes en dat zij op het speelterrein in de Kindergarten meer plaats innemen dan de meisjes. Er wordt tegen meisjes gelogen. We kunnen wel zeggen dat ze gelijkwaardig zijn aan de jongens, maar dat is een leugen. Uiteindelijk trekken jongetjes, hoe klein ze ook zijn, de macht naar zich toe, terroriseren ze de meisjes en, het ergste is, ze worden door hun moeders in die rol bevestigd.'

Ongeveer op dit ogenblik gaat, alsof het is geregisseerd, in haar tas de mobiele telefoon over. Het is een van haar kinderen, haar zoon. Nadat ze heeft afgesloten, zegt ze: ,,Het was mijn zoon uit Stockholm – die wilde een zoen van me.'

Niet zonder trots vertelt Marklund dat zijzelf jarenlang de meest omstreden, bekendste en oppermachtigste misdaadverslaggeefster voor krant en televisie was. ,,Ik schrijf nu elke week een column. Toevallig vandaag, vrijdag, verschijnt er een over het feminisme. Niet dat ik elke week daarover schrijf, maar het verbijstert me nog altijd dat de seksen niet gelijk zijn. Vrouwen dragen verantwoordelijkheid, maar bezitten geen macht. Macht – dat bezitten de mannen, sterker: ze eisen het op. Ik heb in mijn werk veel met machtmannen te maken gehad. Ze waren verbaasd dat zo'n jonge blonde vrouw opeens toegang kreeg in de harde wereld van de misdaad en zich daarin bovendien kon handhaven. Ik heb ze verslagen...'

Marklunds thrillers spelen zich af in de kringen van de Stockholmse kranten. Haar ervaring als journaliste moet haar hebben geïnspireerd tot zeer gedetailleerde, romantische en vooral meeslepende beschrijvingen van het krantenvak. Bij nacht en ontij kunnen werken. Een geheime voorliefde hebben voor deadlines en onmogelijke uren. Zo begint Springstof om 03u22, het ogenblik waarop verslaggeefster Bengtzon een telefoontje krijgt dat het Olympisch Stadion in Stockholm is opgeblazen. Het is december, ijskoud.

Het gruwelijke is dat op een van de tribunes van het stadion de voorzitster van het Olympisch Comité aan flarden is geblazen: de moordenaar heeft explosieven aan haar lichaam bevestigd. Het is alleen Annika Bengtzon gegeven deze moord en een tweede op te lossen. Ook Studio Zes opent luguber: er wordt een jong meisje gevonden, verkracht en gewurgd. Iedereen zoekt de dader in een seksclub, totdat Bengtzon ontdekt dat een hooggeplaatste minister bizarre voorkeuren heeft.

Hatelijke post

Het Zweden dat Marklund beschrijft, is allesbehalve een geëmancipeerd land. Volgens Marklund is het de taak de maatschappij te kritiseren: ,,Een maatschappij is niet zomaar een brok nationale ellende, ieder mens heeft de plicht die te veranderen. Daarvoor is de een beter toegerust dan de ander, maar dat neemt besef van verantwoordelijkheid niet weg. Mijn boeken gaan over deze tijd, over mensen in deze tijd, over de maatschappij waarin wij leven. Bovendien gaan ze over de verhoudingen tussen man en vrouw, de relaties binnen een familie. Dat zijn zeer Zweedse onderwerpen. Kijk eens naar Strindberg, hoe hij schreef over de man en de vrouw. Hij verdedigde de eenheid van het gezin. Als een vrouw een man en kind verliet, greep hem dat aan. Als hij een vrouw was geweest in die tijd, dan had hij nooit kunnen publiceren. Ik krijg ongelooflijk veel hatelijke post en e-mail, van zowel mannen als vrouwen. Het is angstaanjagend hoe mijn pleidooi voor gelijkheid bij beide groepen woede wekt. Ik schrijf mijn boeken dicht bij mezelf, want wat mij persoonlijk aangaat gaat iedereen persoonlijk aan. Mijn slechtste eigenschap is ongeduld, rusteloosheid. In mijn kindertijd droomde ik de bomen weg, wilde de wereld in. Dat heb ik gedaan. Boeken had ik verslonden, de volgende stap was de verste uithoeken van de aarde te verkennen. Ik lees tal van biografieën, niet alleen over beroemde of bekende mensen, ook geografische biografieën. Mijn rusteloosheid heeft één voordeel. Ik zie een boek in een flash voor me. In nog geen seconde heb ik het verhaal rond, de plot. In tien minuten schrijf ik de korte inhoud. En daarna gaat al mijn ongedurige energie over in de kracht om te schrijven. Vandaar die razende snelheid van mijn boeken.'

Liza Marklund: Springstof. Vertaald door Ina Sassen, De Geus, ƒ7,50 (speciale uitgave als magazine ter gelegenheid van de Maand van het Spannende Boek) en gebonden, 416 blz. ƒ49,90; Studio Zes. Vertaald door Ina Sassen. De Geus, 360 blz. ƒ49,60