Kamer gaat akkoord met aanpassing basisvorming

De Tweede Kamer heeft gisteren ingestemd met een wet van staatssecretaris Adelmund (PvdA, Onderwijs) om de basisvorming aan te passen. Coalitiegenoten VVD en D66 stemden als enige partijen tegen het voorstel om scholen toe te staan hun leerlingen niet meer alle verplichte lesstof te laten volgen.

Adelmund wil met de aanpassingswet legaliseren wat op middelbare scholen nu al gebeurt. Omdat het aanbod voor leerlingen vaak te overladen is en er te weinig differentiatie is naar niveau, is volgens de staatssecretaris ,,de praktijk van de wet afgeweken''.

VVD en D66 wilden hun steun niet uitspreken voor het wetsvoorstel van Adelmund. Volgens de VVD verliest de overheid hiermee de greep op de basisvorming. D66 vindt dat alleen het drastisch terugdringen van het aantal verplichte vakken volstaat.

De gisteren aangenomen wet is een `noodwet', bedoeld om de grootste problemen rond de basisvorming op te lossen. In 2004 moet de basisvorming ingrijpend worden gewijzigd. Tegen die tijd is de Onderwijsraad, het hoogste adviesorgaan op onderwijsgebied, met wijzigingsvoorstellen gekomen.

De basisvorming werd in 1993 ingevoerd. Leerlingen in de onderbouw van de middelbare school moesten voortaan een basispakket aan kennis krijgen en `actief leren'. Een definitieve keuze van schoolrichting moest worden uitgesteld. Het verplichte lespakket van vijftien vakken bleek voor veel mavo-leerlingen te zwaar. Voor havo- en vwo-leerlingen was het vaak weer te licht. De Onderwijsinspectie en de Onderwijsraad signaleerden de laatste paar jaar beide tekortkomingen in de basisvorming, wat een reden voor de fracties van VVD en D66 is om de basisvorming in de huidige vorm als ,,mislukt'' te beschouwen.