Usinor moet fuseren om voorop te blijven

De armzalige resultaten van het Franse staalconcern Usinor over het eerste kwartaal hebben tenminste één verdienste: ze laten zien waarom de geplande fusie met Arbed en Aceralia een goed idee is en waarom zelfs dat misschien nog niet genoeg zal zijn.

De resultaten en de winstmarges van Usinor zijn bijna gehalveerd, nu de staalindustrie in het langste conjunctuurdal van de laatste tien jaar terecht is gekomen. Voor het einde van het jaar wordt geen verbetering meer verwacht. Het probleem is dat de bedrijfstak zó versplinterd is, dat er geen vuist gemaakt kan worden tegenover de steeds verder consoliderende toeleveranciers uit de mijnbouw en tegenover de klanten, zoals de autoproducenten, die de kosten aan het terugdringen zijn nu hun markt inzakt. Bovendien hebben de staalbedrijven weinig discipline getoond bij hun voorraadbeheer. Als de prijzen goed zijn, draaien ze op volle toeren, waardoor de voorraden te groot worden en de prijzen instorten. Het goede nieuws is dat de tegen het eind van het jaar verwachte fusie van Usinor met zijn twee concurrenten zulke grote kostenbesparingen zal opleveren, dat de combinatie voor beleggers op de wereldwijde staalmarkt waarschijnlijk de beste optie vormt. Sinds de fusiegesprekken op gang zijn gekomen, is de koers van Usinor met 8 procent gestegen. Op grond van de te betalen premie en de 700 miljoen euro aan jaarlijkse synergie-effecten, zal hij nog verder omhoog gaan. Beleggers kunnen hun winsten nog vergroten door aandelen van Arbed en Aceralia te kopen, die verhandeld worden tegen een aanzienlijke korting ten opzichte van het bod van Usinor. Het slechte nieuws is dat het marktaandeel van Usinor op de wereldmarkt slechts een kleine 6 procent bedraagt, ook al beheerst het bedrijf straks 27 procent van de Europese staalmarkt. Dat aandeel is te klein, omdat zijn klanten uit de auto-industrie hun grondstoffen tegenwoordig overal vandaan halen. Een regionale dominantie is daarom niet veel meer dan een opstapje naar wereldwijd succes. Het Japanse NKK en Kawasaki Steel hebben bekendgemaakt dat ze van plan zijn te fuseren, waardoor ze na Usinor het tweede staalbedrijf ter wereld zullen vormen. Een fusie tussen Thyssen Krupp en Corus ligt ook in het verschiet. Voor de bedrijfstak is dat prima. Maar als Usinor de toon wil blijven aangeven, doet het er goed aan om dichter op te schuiven naar zijn Japanse partner Nippon Steel.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld