Ruzie over tribunaal in Belgrado

Het overleg over de wet die de uitlevering van Joegoslavische staatsburgers aan het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden moet regelen, zit vast. President Vojislav Koštunica heeft gewaarschuwd dat de toekomst van het land op het spel staat als de impasse niet wordt doorbroken.

Dwarsligger in het overleg is de Socialistische Volkspartij SNP, de Montenegrijnse coalitiepartner van de Democratische oppositie van Servië (DOS), die vorig jaar na de val van president Slobodan Miloševic in Joegoslavië aan de macht kwam. Gisteren kreeg de SNP van de federale regering twee dagen de tijd om zich te schikken. SNP-leider Predrag Bulatovic zei daarop dat er geen verder overleg met coalitiepartner DOS of de federale autoriteiten meer zou komen en dat hij niets wil weten van ,,chantage of ultimatums''.

Een onzer redacteuren voegt hieraan toe: De SNP eist dat de beslissing over de uitlevering van Joegoslaven die door het VN-tribunaal van oorlogsmisdaden worden verdacht op het niveau van de twee deelrepublieken Servië en Montenegro moet worden geregeld. SNP-chef Bulatovic wenst de federale Joegoslavische overheid geen stem te geven in het besluit of een verdachte moet worden uitgeleverd, al heeft hij zich na aanvankelijk verzet inmiddels wel akkoord verklaard met het voornemen een federale wet op te stellen die de uitleveringen mogelijk maakt. Het Montenegrijnse persbureau Montena-fax citeerde gisteren overigens een lid van het Constitutionele Hof in Podgorica, die zei dat alle besluiten over de uitlevering van staatsburgers exclusief op federaal niveau moeten worden genomen.

Op dit moment staat de Joegoslavische wet uitlevering van staatsburgers aan het buitenland niet toe. De internationale gemeenschap dringt er vrijwel dagelijks bij Belgrado op aan dat te veranderen op straffe van sancties die Belgrado zich absoluut niet kan permitteren. Daarom houden, eveneens vrijwel dagelijks, de Joegoslavische president Koštunica en de Servische premier Djindjic de SNP voor dat weigering met het tribunaal samen te werken het overleven van Joegoslavië in gevaar brengt.

De SNP verzet zich tegen een ongelimiteerde samenwerking met het VN-tribunaal, omdat ze reden heeft te vrezen dat ook leden en leiders van de SNP in Den Haag terecht zullen komen. De SNP heeft jarenlang nauw samengewerkt met en zelfs deel uitgemaakt van het bewind van Slobodan Miloševic: zij leverde in een coalitie met de socialisten van Miloševic federale ministers en de federale premier. Pas toen Miloševic viel, in oktober vorig jaar, draaide de SNP als een blad aan de boom om en ging ze met Miloševic' tegenstanders – DOS – een coalitie aan.

Ook politiek minder prominente Montenegrijnen lopen het risico in Den Haag te belanden als de mogelijkheid van uitlevering wordt geschapen. In de oorlogen in Kroatië en Bosnië dienden 70.000 Montenegrijnen in het Joegoslavische Volksleger dat op grote schaal oorlogsmisdaden pleegde. Het waren Montenegrijnen die de Kroatische stad Dubrovnik bombardeerden. In de oorlog om Kosovo in 1999 dienden eveneens 70.000 Montenegrijnen in het Joegoslavische leger.