Jospin geeft trotskistisch verleden toe

De Franse premier, Lionel Jospin, is in opspraak doordat zijn lidmaatschap in de jaren zestig van een trotskistische beweging aan het licht is gekomen, terwijl hij dat altijd heeft ontkend.

Niet zijn lidmaatschap, maar het feit dat hij erover heeft gelogen, kan Jospin, gedoodverfd presidentskandidaat van links, een jaar voor de verkiezingen in ernstige moeilijkheden brengen. Na nieuwe onthullingen in het dagblad Le Monde van gisteren, bevestigde de premier in de Assemblée Nationale, dat hij lid is geweest van ,,een van de groeperingen van deze beweging'' (het trotskisme).

Toen hij presidentskandidaat was, in 1995, sprak hij de geruchten tegen en zei hij tegen Le Monde: ,,Ik ben nooit trotskist geweest. Het gerucht is ontstaan omdat men mij verwart met mijn broer Olivier''. De krant is vanaf 1997 bezig geweest het politieke verleden van de premier in kaart te brengen en haalt nu veelal anonieme zegslieden aan. De geruchten over Jospins trotskistische verleden hebben de afgelopen tijd al tot veel publicaties geleid; ook staan er enkele biografieën op stapel.

De premier zei in de Assemblée dat het ging om ,,een persoonlijke, intellectuele en politieke weg'' die hij was gegaan waarvoor hij zich niet hoefde te schamen. Hij zei er nooit over gesproken te hebben omdat hij ,,eerlijk gezegd'' dacht ,,dat het niemand interesseerde''. Hij zei ook dat in ,,een democratie een mening geen misdrijf is'' en dat hij daarom geen reden had gezien om rekenschap af te leggen.

Onder de schuilnaam ,,Michel'' was Jospin (63) vanaf het begin van de jaren zestig lid van de Organisation Communiste Internationale (OCI), die zich van andere (ultra-)linkse bewegingen van die tijd onderscheidde door een fel antistalinisme. Reden waarom de grondlegger, Pierre Lambert, begin jaren vijftig uit de Communistische Partij werd gezet. Jospin bleef lid van de groep tot hij begin jaren zeventig overstapte naar de Parti Socialiste (PS). Tot 1987 onderhield hij contacten met de groepering of (oud-)leden.

Jospin werd gevormd in de beweging door de nu ruim tachtigjarige Boris Fraenkel, die in Le Monde vertelt hoe besloten werd dat Jospin in het ministerie van Buitenlandse Zaken en in de PS moest infiltreren. Jospin was toen hij toetrad tot de beweging student aan de École Nationale d'Administration, de eliteschool die traditioneel veel Franse gezagsdragers aflevert. De OCI legde zich toe op recrutering van ,,revolutionaire studenten'' van juist dit soort opleidingen in de hoop met hun steun de bestaande staatsinstellingen beter te kunnen ondermijnen.

analyse: pagina 5