Het gaat gebeuren

Het satellietsurfen maakt woelige tijden door. Aan het consumentenfront is het nog rustig, maar buiten beeld zijn grote krachten werkzaam. Op 19 juni wordt vanaf de Amerikaanse basis Cape Canaveral de eerste New ICO satelliet gelanceerd (www.ico.com). Als de hele vloot (12 satellieten op 10.390 km hoogte) operationeel is, eind 2003, kunnen we overal, van Coevorden tot de Kalahari, met 144 kilobit per seconde het internet op en af, door een ICO zaktelefoontje aan een laptop te bevestigen.

ICO (sinds 1995) zou aanvankelijk `gewoon` een systeem voor satelliettelefonie via laagbanige satellieten worden, maar werd in augustus 1999 meegesleurd in de val van concurrent Iridium die toen al een jaar operationeel was maar nauwelijks klanten trok. ICO kreeg de financiering niet meer rond, ging bijna een jaar in surseance, en werd gered door mobiele-telefonie-multimiljardair Craig McCaw die het systeem liet verbuigen richting internet. ICO-voorlichter Michael Johnson meldt dat er nu vier ICO-satellieten lanceerklaar en acht in aanbouw zijn, en dat elf van de twaalf grondstations gereed zijn (waar het satellietsignaal wordt overgezet van en naar internet). Hamvraag is natuurlijk hoeveel ICO straks gaat kosten (per telefoon, per maand en per megabyte). Johnson: ,,Dat weten we nog niet. Maar we beseffen heel goed dat we alleen zullen slagen als we heel goedkoop zijn. Daarom flopte Iridium: de telefoons en het beltarief waren veel te duur.''

Ook het snelle internetten per geostationaire satelliet – via een schotelantenne en dus niet mobiel – staat aan de vooravond van grote ontwikkelingen. Het Ierse Web-Sat systeem (www.web-sat.com) krijgt volgens oprichter/directeur Doug Armstrong deze zomer een twee maal zo hoge downloadsnelheid en een verviervoudiging van de uploadsnelheid (tot 64 kilobit/s). Hij wil nog niet te veel loslaten over een vergevorderd plan om Web-Sat binnen een paar maanden in grote delen van Afrika te introduceren, van Nigeria tot Tsjaad, zodat het hele internet-connectivity-probleem daar in één klap zal zijn opgelost. Met Web-Sat word je voor 4.500 gulden een kleine leverancier van webtoegang, en voor telecenters, scholen en NGO-kantoren in Afrika is het een uitkomst.

Web-Sat bracht goedkoop internetten per satelliet als eerste naar Europa, is nu nog de enige, heeft een paar duizend gebruikers, maar krijgt later dit jaar concurrentie van het Amerikaanse StarBand (www.starband.com) dat in de VS 25.000 gebruikers heeft. Verder is apparatuurbouwer Gilat (www.gilat.com) in gesprek met een niet-gespecificeerde klant (Microsoft, volgens doorgaans welingelichte bronnen) die 100.000 satellietzender/ontvangers nodig heeft voor de Europese internetmarkt. Armstrong: ,,Web-Sat zit met een kip-ei-probleem: als we honderdduizend sets konden verkopen kon de prijs voor de hardware met de helft naar beneden.''

Armstrong ziet de komst van StarBand (50 tot 150 kilobit/s downloadsnelheid tegen 2 megabit/s bij Web-Sat), niet als een groot gevaar voor zijn ruimtebaby. Dat het grote publiek haast geen weet heeft van deze mogelijkheden is veel ernstiger, zegt hij, en de komst van StarBand zou de markt juist kunnen opwarmen.

En dan is er Tachyon (www.tachyon.net) dat nu vooral het bedrijfsleven bedient – in Amerika, en sinds kort in Europa via een Eutelsat satelliet. De apparatuur kost ruim tienduizend gulden en de snelheden gaan tot 2 megabit/s download. Volgens Mary Bulterman van het in Amsterdam gevestigde Tachyon Europe wil Tachyon voorzichtig richting eindgebruiker opschuiven (en dus goedkoper worden) en zijn er plannen om het systeem werelddekkend te maken.