Ik kan taart bakken

Weinig dingen zijn zo feestelijk als een zelfgebakken taart. De ingrediënten mengen, de taart in de oven zetten en de heerlijke geur opsnuiven. En dan: de taart op tafel zetten, hem aansnijden en onder de gasten verdelen. Het is alles bij elkaar een prachtig ritueel dat vol zit met symboliek. Het verwijst naar opoffering en gemeenschapszin, naar toewijding en saamhorigheid. Een geurige taart nestelt zich in het geheugen en wordt een gekoesterde herinnering. Vergelijk dat eens met het openklappen van zo'n kartonnen doos waarin voor iedereen een kledderig gebakje zit. Elke zelfgemaakte pruimentaart kan daar met glans van winnen.

Is een taart bakken moeilijk? Welnee. Is het typisch vrouwenwerk? Dat lijkt wel zo. Terwijl een moderne man niet meer meetelt als hij geen pot au feu of osso buco kan bereiden, wordt hij nog steeds meewarig bekeken als hij de springvorm tevoorschijn haalt. Helemaal niet nodig. Een echte man haalt over zulke stereotiepe denkbeelden trouwens zijn schouders op.

Nu is er met taarten wel iets raars aan de hand: de receptuur oogt voor de niet-ingewijde buitengewoon onoverzichtelijk. Wie onder `Taart' in het kookboek kijkt, wordt bedolven onder een duizelig makende classificatie van taart- en deegsoorten. Er is geen kookboek dat begint met de toch zo voor de hand liggende waarneming dat er eigenlijk maar twee soorten taarten bestaan: harde taarten en zachte taarten. En ook vergeten ze het geruststellende gegeven te vermelden dat vrijwel elke taart met slechts vier ingrediënten is te maken: bloem, eieren, suiker en boter.

We behandelen eerst de harde taart. Doe 200 gram bloem in een kom, snijd er 200 gram boter in stukjes doorheen, doe er 150 gram basterdsuiker bij en een ei. Kneed het snel tot een bal. Smeer een ronde springvorm in met boter, of koop een spuitbus met invetter voor de bakvorm (van Boukje) en spuit dat in de vorm.

Leg het deeg in de vorm, zorg dat de laag deeg ongeveer anderhalve centimeter hoog staat en duw de randen iets omhoog. Zet de vorm in een oven die al tien minuten op 180 graden staat. Na een half uur haal je de vorm eruit. Je hebt nu een lichtbruine koek. Om daar een echte taart van te maken beleg je de koek na afkoeling met gekookte pruimen, aardbeien of andere vruchten.

Je had het ook iets anders kunnen doen: in plaats van één koek met een opstaand randje had je ook twee platte kunnen bakken (in twee vormen). Je kunt ze dan op elkaar leggen en er een goede kwaliteit jam tussen smeren. Van dit deeg, dat eigenlijk zandtaartdeeg is, kun je ook gemakkelijk koekjes bakken. Je maakt er een rol van, snijdt er plakjes vanaf en legt die op een ingevette bakplaat.

Een zachte taart is iets ingewikkelder. Neem zes eieren, en scheid de dooiers van het eiwit. Dat doe je door het ei voorzichtig te breken en het eiwit eruit te laten lopen in een wijde kom of schaal. Je houdt dan steeds een halve eierschaal met een dooier erin over. Gooi de dooiers bij elkaar in een andere kom en roer er 100 gram suiker doorheen totdat het glad is. Zeef 100 gram bloem in nog weer een andere kom en snijd er met een mes 100 gram boter doorheen. We hebben nu drie kommen op het aanrecht staan, maar de apotheose nadert.

Klop het eiwit zo stijf mogelijk. Roer de dooiers erdoorheen, met maar een paar slagen, en daarna de bloem met de boter. Niet te veel roeren, want dan gaat de lucht eruit. Vet een vorm in met boter, en strooi er daarna wat bloem overheen. Deeg in de vorm, vorm in de oven die al een tijdje op 180 graden staat. Na een minuut of veertig is deze taart klaar. Je kunt hem gemakkelijk plat doorsnijden en er abrikozenjam tussen doen. Aardbeien en slagroom erop is ook heerlijk.

Verbluffend gemakkelijk, maar overheerlijk is een zacht-brosse taart. Voor de kenners: we hebben het hier over het zogeheten Mürbeteig. Kneed met je handen en een lepel vier kopjes bloem, een theelepel bakpoeder, 2 kopjes suiker, twee eieren en een heel pakje boter door elkaar. In de warme oven ermee en klaar. Je kunt door dit deeg allerlei lekkere dingetjes mengen: geraspte citroenschil, gehakte noten of dadels, stukjes chocola. Lukt altijd. Heel interessant is natuurlijk een bovenkant van chocolade: smelt au bain marie een flinke reep bittere chocola met een klontje boter en een lepeltje water en smeer de vloeibare massa dun over de taart. Hele families raken eraan verslaafd. Banketbakkers in de wijde omtrek worden brodeloos.