Hollands Dagboek: Jan Hoet

Jan Hoet (1936), directeur van het Museum voor Actuele Kunst in Gent, is samensteller van de internationale beeldenexpositie Sonsbeek, die vandaag door koningin Beatrix wordt geopend. Deze week ruziede de Vlaamse curator met Arnhemse ambtenaren, de Nederlandse keuken en een kapotte kies.

Woensdag 23 mei

De eindstreep is in zicht, en de sprint van de lange laatste rechte lijn terdege ingezet. Op 2 juni wordt in Arnhem de internationale kunsttentoonstelling Sonsbeek 9 dan eindelijk voor geopend verklaard. En dit bovendien in aanwezigheid van Hare Majesteit koningin Beatrix, die meteen na de opening op staatsbezoek naar Rusland vertrekt.

Uiteraard staan de zenuwen hier hooggespannen. En dan doel ik vooral op de zenuwen van de stad Arnhem en de gemeentelijke `gezagsdragers' in het bijzonder, want hier in het Oolgaardthuis, hoofdkwartier van Sonsbeek, etaleert het Sonsbeek-team een uitzonderlijke mate van sereniteit en zelfbeheersing. Ook de kunstenaars, die hier achteloos in en uit lopen (ik tel er vijfentwintig vandaag), blaken van vertrouwen over het welslagen van hun actie, of toch tenminste over het welslagen van de acties van hun collega-kunstenaars.

Donderdag

Enige ongerustheid is alles bijeen niet van de lucht sinds enkele dagen geleden bekend werd dat de Duitse kunstenaar Thomas Schütte dreigt met het terugtrekken van zijn bijdrage aan Sonsbeek, een ensemble van vier reusachtige bronzen vrouwenbeelden.

De ronde weide in het park die hij reeds lang geleden als zijn `werkplek' uitkoos, blijkt te elfder ure te zijn toegewezen aan een theatergezelschap. Zonder ons daar voorafgaand ook maar minimaal over te informeren blijkt een zenuwknooppunt in het tentoonstellingsparcours zomaar te zijn uitbesteed aan de eerste de beste kaper op de kust. Een mooi staaltje van communicatief onvermogen (of is het politieke onwil?) van een stad die van zichzelf beweert reeds zeven jaar naar een nieuwe Sonsbeek-tentoonstelling uit te kijken.

Thomas Schütte, die sowieso al niet bekend staat om zijn makkelijke omgangsvormen, voelt er weinig voor zijn werk als een kermisattractie door het Sonsbeekpark te laten rondrijden. `Ik of Theater Vis-à-Vis', luidt zijn ultimatum, en ik val hem daar enigszins gegeneerd maar compromisloos in bij.

Een nieuwe procedureslag annex zenuwoorlog kan worden ingezet. Deze zomer moet minstens in Sonsbeekpark alles wijken voor de kunst of mijn naam is niet Jan Hoet.

Vrijdag

Het Sonsbeek-kantoor aan de Klingelbeekseweg, tien uur 's ochtends. Overal staan gekraakte busjes vitamine B op de twintig tafels van de Sonsbeek-ploeg. Welgeteld negen dagen scheiden ons nu van het grootse openingsfeest, en overal ter wereld beheerst dezelfde wet van de chaos het last-minute-tentoonstellingsmaken.

Gelukkig blijft midden in die chaos het betrouwbare houvast overeind staan van hen die gewoon heel consciëntieus en geconcentreerd hun werk doen en niet één keer van hun bureau opstaan voor de dagtaak om is en die werkdagen duren soms tot heel diep in de nacht. Sonsbeek 9 is wat je een labour of love kunt noemen, en mijn liefde gaat uit naar allen hier verzameld.

Zaterdag

Al twee dagen laat de stad niets van zich horen. De zaak-Schütte duurt voort, beide fronten graven zich in. Alsof het zo al niet volstond, laait ook het voortslepende conflict rond het kunstwerk van Bruna Esposito weer op. Deze Italiaanse maakte een vier bij vier metende swastika bestaande uit laag na laag van fijn bijeengeharkte peulvruchten en bonen, een mozaïek van monastieke concentratie waarvoor de kunstenares verscheidene weken op handen en voeten doorbracht. Het is een prachtige mandala van leven en groen waarin de rehabilitatie van een eeuwenoud symbool centraal staat (de armen van Esposito's swastika wijzen resoluut de tegenovergestelde richting uit van het twintigste-eeuwse Hakenkreuz). Maar uiteraard wenst de Arnhemse goegemeente hier slechts de zoveelste provocatie aan het adres van haar oorlogsverleden in te zien, en word ik voor de zoveelste keer gedwongen tekst en uitleg te verschaffen bij een werk dat toch voor zichzelf zou moeten spreken.

Gelukkig is er nog altijd het onuitputtelijke enthousiasme dat zoveel `gewone' Arnhemmers voor `Sonsbeek' opvatten. Met niet weinig trots en dito ontroering zie ik toe hoe Sonsbeek 9 zich en dat misschien méér dan ooit tevoren diep in de humus van het Arnhemse sociale weefsel heeft geworteld.

De betrokkenheid op het lokale, persoonlijke niveau is vaak totaler dan we hadden durven of mogen dromen: de tuinarchitect die de spiraalvormige tumulus van Peter Santino heeft aangelegd; de parkwachter die onvermoeibaar heen en weer rent tussen de planeten van Henrietta Lehtonen, de paarden van Berlinde De Bruyckere, en de reusachtige metalen spelden van Rui Chafes; de tulpenplantende tienermeisjes die in Justine Kurlands bucolische, paradijselijke fotoreeks figureren; de parafinefabrikanten die Carlos Garaicoas en Susanne Tunns aanwezigheid in de Eusebiuskerk vorm geven. Allen wijden zij zich met grote passie en overgave aan een tentoonstelling die langzamerhand helemaal de hunne is geworden: Sonsbeek is coming home.

Zondag

De laatste dag des heren vóór de opening volgende week staat helemaal in het teken van de protestantse arbeidsmoraal. Niet dat ik daar problemen mee heb, natuurlijk. Na het ontwarren van de dagelijkse portie administratieve en bureaucratische knopen is er snel even tijd voor een bezoek aan de Eusebiuskerk. Op het Eusebiusplein brommen de motoren van een Harley Davidson-treffen, maar binnen in de kerk heerst een verkwikkende stilte: in het hart van de kerk oefent Beverly Semmes haar performance. In een zijbeuk troont het monumentale fresco van haar landgenote Jessica Diamond, in de crypte ordent Ebru Öszeçen haar landschap van puin en steenresten. De Eusebiuskerk is een vrouwelijk bolwerk geworden.

's Avonds word ik in Amsterdam verwacht voor een live radio-interview bij Opium. Een vluchtig tussendoortje, want daarvoor moest ik nog snel een buslading Oostenrijkse kunststudenten te woord staan. En om 21.15 uur was ik alweer terug in het Oolgaardthuis om de klachten van de bezoekende kunstenaars in ontvangst te nemen. Voor de zoveelste keer bleek het geserveerde eten niet te vreten. Waarom gaan de Nederlandse koks niet eens een maandje bijscholen in België, waar ze tenminste kaas hebben gegeten van de kunst om gasten te ontvangen? Uit pure ergernis en wraakzucht trakteer ik een paar mensen op een succulent eetfestijn in het Turkse restaurant Troya. Jawel, 't is van de vreemdelingen dat ge 't moet hebben!

Maandag

Pas laat op de avond strijken we opnieuw in het Oolgardthuis neer. Een kort maar krachtig televisieoptreden bij Barend & Van Dorp, compleet met snedige commentaren aan het adres van de Oranje-hofhouding, heeft me helemaal verkwikt.De luidruchtige bijval van het studiopubliek sterkt me in mijn overtuiging dat ik het misschien niet helemaal bij het verkeerde eind heb.

Onverklaarbaar maar waar bleken de blinde vinken vanavond een schot in de roos.Of waren mijn smaakpapillen verdoofd door de endorfinerush van mijn euforie? Ja, natúúrlijk kent de traditionele avonddis ook zijn prachtige momenten: dag na dag schuiven steeds grotere kunstenaarsaantallen bij elkaar aan, hier en daar zonderen zich kleine eilandjes af waarop men moe maar voldaan de orde van de dag nog eens doorneemt. Het Oolgaardthuis is een wereld op zich, maar ook een wereld-in-het-klein, waar de lingua franca voorspelbaar Engels in de oren klinkt, maar evengoed flarden Frans, Italiaans, Spaans en Duits in naar boven drijven. Leve de Internationale!

Dinsdag

Vandaag zal om twee redenen de geschiedenis van de Sonsbeek 9 avant-ski ingaan. Een glorieus hoogtepunt was het om Maria Roosens fenomenale pièce de résistance Mirakel de lucht in te zien gaan: een zeven meter hoge, vijf ton zware houten replica van Arnhems Eusebiuskerk die dertig meter boven de begane grond aan het moederschip wordt gehecht. Twee dagen lang al reutelen de motoren van drie gigantische kraanmachines op het Eusebiusplein, en pas in de vroege vooravond gaat de wind voldoende liggen om het schattige gevaarte zonder al te veel problemen op te hijsen.

Een blakende Roosen, zelf inmiddels in blijde verwachting, legt het hele gebeuren uitgebreid op video vast. Heel even voel ik me, zoniet de vroedvrouw, dan toch de dooppeter van Maria's geniale spektakelstuk.

Een verschroeiend zwarte bladzijde – en ik wil hier echt niet onnodig in herhaling vallen – betreft de geserveerde kost bij het thuiskomen na zoveel doorstane emotie. Een derde keer ronduit on-ver-teer-baar. Zie ik de spoken van een samenzwering in de lokale horeca-ondergrondse, wil iemand ons iets duidelijk maken, of hebben we gewoon onwaarschijnlijk veel pech? In ieder geval niet zoveel als de geteisterde Hanneke van Tongeren, die een kroon op de beenharde kippenbout stukbijt en morgen een aantal belangrijke afspraken moet afbellen voor een spoeddienst bij de tandarts.

Woensdag 30 mei

De koninklijke wandeling moet vandaag een laatste keer worden hernomen in het gezelschap van de burgemeester van Arnhem – hij neemt ook maar één keer majestatisch afscheid van de stad die hij zo lang heeft bestierd.

Een interview met TV Gelderland kan nog net, als ook ik ineens een tand stukbijt. In het tandtechnisch laboratorium waar ik vervolgens met haast en spoed naar toe moet is de tijd zichtbaar vooroorlogs stil blijven staan. Het welslagen van het op handen zijnde Sonsbeek-openingsweekend blijkt steeds meer van de lokale orthodontie te zullen afhangen. Als je haar maar goed zit.

Waarom gaan de Nederlandse koks niet een maandje bijscholen in België?