Grijp nu kans voor vrede in Midden-Oosten

Het rapport van de commissie-Mitchell biedt een uitgelezen kans het geloof in vrede tussen Israël en de Palestijnen terug te brengen. Het zou politieke dwaasheid en een menselijke tragedie zijn om uit deze gelegenheid geen concrete munt te slaan, meent Javier Solana.

De bittere geweldscyclus die sinds de afgelopen herfst al meer dan vijfhonderd levens heeft gekost en die de stabiliteit in het Midden-Oosten bedreigt, moet worden doorbroken. Dit trauma levert geen winnaars maar alleen verliezers op – Palestijnen die hun streven naar een eigen staat zien verbleken en Israëliërs die zich steeds onveiliger voelen. Beide partijen moeten samen met de internationale gemeenschap uit deze crisis zien te komen en de weg terug vinden naar de onderhandelingstafel. Die weg is er nu, maar om het geloof in vrede te herstellen moeten we nu zonder dralen handelend optreden.

Ik was lid van de onderzoekscommissie die afgelopen oktober werd ingesteld op de top van Sharm el-Sheikh, samen met de voormalige Amerikaanse senatoren George J. Mitchell en Warren B. Rudman, de Turkse oud-president Suleyman Demirel en de Noorse minister van Buitenlandse Zaken Thorbjörn Jagland.

Tijdens ons werk ontmoetten wij Israëlische en Palestijnse leiders en leden van de burgerij, maar ook familieleden van Palestijnse en Israëlische slachtoffers. Ze deelden allemaal dezelfde pijn, dikwijls geuit in vergelijkbare woorden. Ondanks de woede die in de twee gemeenschappen is gegroeid, staat het buiten kijf dat de overweldigende meerderheid van Palestijnen en Israëliërs in vrede wil leven. De enige weg naar vrede, gerechtigheid en veiligheid in het Midden-Oosten loopt via onderhandelingen op basis van een eerlijke uitvoering van de relevante resoluties van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Dat is altijd de kern geweest van het vredesproces dat tien jaar geleden in Madrid is ingezet.

Inmiddels heeft de onderzoekscommissie rapport uitgebracht. De zorgvuldigheid en onpartijdigheid van haar werk zijn in brede kring erkend. Bovenal heeft het rapport een diplomatieke basis gelegd die ongeëvenaarde internationale steun geniet. De aanbevelingen van het rapport zijn onderschreven door de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, door de Verenigde Staten, de Europese Unie en nog andere landen, zoals Rusland en Canada. Egypte en Jordanië treffen er dezelfde filosofie in aan als in het gezamenlijke initiatief dat zij een paar weken geleden presenteerden in een positieve poging om het diplomatieke vacuüm te vullen. En het allerbelangrijkste is dat zowel de Israëlische regering als de Palestijnse Autoriteit hebben aangegeven dat ze de aanbevelingen van het rapport aanvaarden.

Er zijn al veel rapporten over het Midden-Oosten verschenen. Zelden is er zo goed naar geluisterd door hun beoogde gehoor. Het zou politieke dwaasheid en een menselijk tragedie zijn om uit deze gelegenheid geen concrete munt te slaan. Het is hoog tijd om een stap vooruit te zetten.

Een rapport kan op zichzelf geen wonderen verrichten. Het vormt alleen een uitgangspunt waarop nu een actieplan moet worden gebaseerd. Daarom ben ik afgelopen week naar het gebied gereisd. Er is een pakket maatregelen nodig, gekoppeld aan een tijdschema. Dat principe wordt aanvaard door de partijen, die het eens zijn over vier `bouwstenen': een staakt-het-vuren; een afkoelingsperiode; vertrouwenwekkende maatregelen; en ten slotte een hervatting van de onderhandelingen – over nog openstaande vraagstukken en over een eindoplossing. Met dit actieplan moet snel een begin worden gemaakt: dat is geen kwestie van maanden maar van dagen, misschien weken. Anders zal de crisis voortduren. Dit heb ik tegen alle leiders in het gebied gezegd en iedereen is het daarmee eens.

De partijen moeten onmiddellijk en onvoorwaardelijk maatregelen nemen om de geweldscyclus te doorbreken. Ze moeten zich daar voor honderd procent voor inzetten en de leiders moeten bereid zijn de benodigde maatregelen te nemen. Het blijft mijn overtuiging dat de partijen om het patroon van aanval gevolgd door vergelding te doorbreken, een gedetailleerde wegenkaart nodig hebben die hen naar een hervatting van het vredesproces en naar onderhandelingen voert.

Om vooruitgang te boeken moeten we het vertrouwen herstellen. De commissie van Sharm el-Sheikh heeft in dat opzicht een aantal mogelijke maatregelen vastgesteld. Eén daarvan is een bevriezing van de nederzettingen. Ik begrijp het belang dat de Palestijnen daaraan hechten. Het feit dat het aantal kolonisten sinds de ondertekening van de Oslo-akkoorden is verdubbeld, heeft het zoeken naar een rechtvaardige en blijvende vrede niet bepaald vergemakkelijkt. Europa waarschuwt al lang voor de negatieve gevolgen van de nederzettingenpolitiek. Als ik dat Europese standpunt herhaal, merk ik dat de Israëliërs in meerderheid bereid lijken om in te zien dat bevriezing van de nederzettingen misschien wel in Israëls belang is.

Als de Palestijnse en Israëlische leiders zoals ze hebben verklaard met de aanbevelingen van het rapport kunnen instemmen, dan moeten ze die wel in hun geheel aanvaarden. Alleen zo kunnen we het geloof in vrede herstellen dat tussen de Israëliërs en Palestijnen ernstig is beschadigd.

Om afstand te nemen van het geweld en het proces weer vooruit te helpen is er een politiek perspectief nodig. Een doorbreking van de geweldscyclus en een hernieuwing van het vredesstreven vergen een nieuwe bilaterale verhouding die een waarborg biedt voor de veiligheid en het recht van beide volken om in vrede te leven. In het recente verleden bestond er samenwerking en die moet worden hersteld.

De Europese Unie speelt haar eigen rol bij de pogingen om de geweldsspiraal te doorbreken en het vredesproces weer op gang te brengen. Sinds Sharm el-Sheikh heb ik vrijwel dagelijks contact met de Israëlische, Palestijnse en Arabische leiders. De Speciale Afgezant van de Europese Unie in het gebied, Miguel Angel Moratinos, is ter plaatse eveneens actief. De samenwerking tussen de Unie en onze partners, met name de Verenigde Staten, is zodanig dat we elkaar aanvullen en onderling versterken. Centraal bij de Europese inspanningen staat een intensieve en doorlopende samenwerking met Washington.

De realistische en evenwichtige aanbevelingen van het rapport van de commissie van Sharm el-Sheikh bieden een rechtvaardig en serieus plan om aan de huidige crisis te ontsnappen. Als we deze kans niet aangrijpen, zullen we onherroepelijk weer het verlies van onschuldige levens moeten betreuren. Uiteindelijk zal de oplossing voor een wijze vrede lijken op datgene wat er nu op tafel ligt. Waarom nog langer gewacht als de Israëliërs en Palestijnen kunnen rekenen op een brede internationale coalitie voor de vrede?

De vereiste besluiten vergen moed. Die mogen de mensen in het gebied wel van hun leiders verwachten. De Europese Unie staat klaar om elke benodigde steun te verlenen.

Dr. Javier Solana is de Hoge Vertegenwoordiger van de Europese Unie voor het gemeenschappelijke buitenland- en veiligheidsbeleid