Will Self laat doden spreken

De doden zijn van alle leeftijden. Zo ook in het hiernamaals dat Will Self in zijn laatste roman How the Dead Live heeft verzonnen: een kind van tien dat onvoorzichtig overstak, de slachtoffers van een ramp die aan hun spectaculaire dood een `benijdenswaardig cachet' ontlenen en de ongeboren vruchten die postuum toch de status van nageslacht hebben verworven.

Centraal staat Lily Bloom, een vrouw die even vloekend en tierend door de dood gaat als ze door het leven ging. Met haar heeft Self gedeeltelijk een portret van zijn moeder geschreven – en het is waarschijnlijk dat hij dan in de verslaafde dochter Natasha iets van zichzelf heeft gestopt.

Wanneer moeder Bloom uit het ziekenhuis wordt ontslagen om thuis te sterven, is Natasha er snel bij om van de pijnstillers te snoepen. Moeder staat het toe om zo de dealers buiten de deur te houden, en ook omdat Natasha in nuchtere toestand onuitstaanbaar is.

De passages waarin Lily's gang naar het hiernamaals wordt beschreven, vormen het hoogtepunt van de roman. Self weet hier het voor de buitenwereld onbegrijpelijke ijlen voor de lezer glashelder te verklaren. Na haar dood volgt niet alleen de traditionele overtocht, maar ook een met humor beschreven inburgeringsprogramma voor het hiernamaals. Het bestaan wordt vanaf dat moment gewichtloos, geurloos en seksloos – alleen zien en horen blijven over.

Self speelt een virtuoos spel, maar daarin schuilt ook het enige bezwaar: soms dreigt het allemaal wel wat erg veel van het goede te worden. Hij wil de lezer overdonderen, en het geheel is niet altijd meer dan de som der delen.

De dodenwereld is met een ijzeren consequentie neergezet, maar de talloze vondsten (`een man die van mijn leeftijd blijft') gaan op den duur vermoeien. Dat neemt niet weg dat How the Dead Live zeer geslaagd is, ook dankzij het verrassende slot, en dat met Lily een overtuigend portret is neergezet van een cynische en toch liefdevolle vrouw.

Will Self: How the Dead Live.Penguin Books, 404 blz. ƒ23,70