Rotterdam sluit boek-Peper

De gemeenteraad van Rotterdam heeft een einde gemaakt aan de affaire-Peper. Er komt geen vervolging, maar een verzoek om privé-uitgaven terug te betalen.

Met een moreel beroep op ex-burgemeester Peper om 64.000 gulden terug te betalen, heeft de Rotterdamse gemeenteraad gisteravond een punt gezet achter de affaire-Peper. Dit bedrag is volgens een onderzoek van B en W de som van `strikte privé-uitgaven' van Peper op kosten van de gemeente in de periode dat hij burgemeester was.

Alleen de SP en de Stadspartij spraken zich uit voor een civielrechtelijke procedure tegen de oud-burgemeester. De grote meerderheid van de raad vond echter een `moreel appèl' voldoende, zoals eerder ook was gedaan op enkele ex-wethouders die privé-uitgaven ten onrechte hadden gedeclareerd.

Uit het onderzoek van de raadscommissie COR en het accountantsbureau KPMG naar de Rotterdamse bestuursuitgaven bleek vorig jaar dat Peper privé-uitgaven ten koste van de gemeente had gedaan. Peper trad kort voor de publicatie van het COR-rapport af als minister van Binnenlandse Zaken. Het openbaar ministerie stelde vervolgens vast dat de ex-burgemeester 7.500 gulden ,,wederrechtelijk'' ten koste van de gemeente had uitgegeven. Peper stortte dit bedrag terug, waarna het openbaar ministerie besloot van vervolging af te zien.

B en W van Rotterdam stelden daarna een onderzoek in om de omvang van Pepers privé-uitgaven definitief vast te stellen. Het college kreeg geen inzage in het rapport van het openbaar ministerie, omdat Peper weigerde daarvoor toestemming te verlenen. Hij ging evenmin in op herhaalde verzoeken van burgemeester Opstelten medewerking te verlenen. Op 13 mei noemde Peper in een brief aan B en W als reden voor zijn weigering onder meer ,,de nog steeds uitblijvende ecartering van uw diffamerende acties''.

De raad had gisteren geen goed woord voor de opstelling van Peper in de kwestie. VVD-Fractieleider Van Duin, verwijzend naar een nota van Peper over integriteit van openbaar bestuur: ,,Er is geen sprake van eerherstel na afkoop van strafrechtelijke vervolging.'' Bert Cremers, fractieleider van de PvdA, stelde vast dat Peper categorisch weigert verantwoording af te leggen. Hij zei dat ,,tonnen zijn uitgegeven aan reizen naar Oslo en Indonesië, in het belang van de Rotterdamse haven, hetgeen nauwelijks aannemelijk kan worden gemaakt''. De PvdA-zegsman hekelde politici als Wiegel (VVD) en Ed. van Thijn (PvdA), die Peper steun gaven ,,ondanks onweerlegbare feiten''. Cremer: ,,Cameraderie van de oude-heren-sociëteit is niet de grondslag van het democratisch stelsel''.

Burgemeester Opstelten zei dat het bedrag van 64.000 gulden aan privé-uitgaven is vastgesteld na ,,onderzoek dat niet beter kan op basis van de beschikbare gegevens''. Hij zei dat het te betreuren is dat gegevens uit het OM-rapport ,,wel met sommige journalisten, maar niet met ons zijn gedeeld''. Het Rotterdams Dagblad publiceerde onlangs delen uit het OM-rapport die voor Peper ontlastend waren. Opstelten heeft de hoop niet opgegeven dat hij nog eens met Peper in gesprek zal komen, ,,maar ik verwacht niet dat dit zeer snel zal gebeuren''.

Gisteravond bleek verder dat de Rotterdamse wethouder S. Korthuis (Financiën) mag blijven. Ze moest zich in de gemeenteraad verantwoorden voor de grote problemen die waren ontstaan rondom de invoer van een automatiseringssysteem van de gemeentelijke belastingdienst.

De gemeente liep mede daardoor miljoenen guldens aan inkomsten mis. Het was, voor een deel, aan het nieuwe systeem te wijten dat de nieuwe waardetaxatie van woningen en bedrijven voor de onroerendzaakbelasting nog niet is voltooid.

Wethouder Korthuis moest, evenals haar voorganger S. van der Tak, de raad duidelijk maken waarom zij veel te laat op de hoogte waren van de problemen. Al eerder werd bekend dat de leiding van de belastingdienst DGB beide wethouders onvoldoende had geïnformeerd.

Korthuis zei dat ze niet op de hoogte was en het niet kón weten, omdat ze niet was geïnformeerd. De gemeenteraad nam daar in meerderheid genoegen mee. Mede omdat de wethouder de raad in het verleden meestal vlot had geïnformeerd, toen er andere problemen waren bij de DGB.