Peru mag kiezen maar wantrouwt de kandidaten

Beide kandidaten bij de presidentsverkiezingen van zondag in Peru kampen met een gebrek aan geloofwaardigheid. Een kwart van de kiezers ziet geen van beiden zitten.

In de eetafdeling van de immense shoppingmall Jockey Plaza waar Lima's welgestelden hun merkkleding kopen, hangt Louisa aan een formica tafeltje dat veel te klein lijkt voor haar grote, in een kleurige pullover gehesen lijf. Zij zit daar omgeven door boodschappentasjes, met goudkleurige oorknijpers en roodgeverfd haar. Haar ogen staan op argwaan. Op wie zij zondag gaat stemmen, luidde de vraag.

Peru staat aan de vooravond van presidentsverkiezingen na het overhaaste vertrek, afgelopen najaar, van de autocraat Fujimori. Op 8 april mondde de eerste ronde van de verkiezingen uit in de huidige twee ronde tussen favoriet Alejandro Toledo en uitdager Alan García. Opiniepeilingen geven echter aan dat een kwart van het electoraat (44 procent) eigenlijk geen van beiden ziet zitten.

Daar zit in ieder geval ook Louisa bij. En haar blondgeverfde vriendin Helga gaat nog verder. Zij is van plan de stemplicht te negeren. Helga: ,,Ik betaal nog liever de boete dan op een van dat stelletje te stemmen.'' De boete bedraagt 120 soles (ongeveer 90 gulden). O nee, vindt ook Louisa, ze deugen geen van beiden. ,,Alan García kennen we nog van vroeger'', zegt Louisa. Zijn presidentschap, in de tweede helft van de jaren tachtig, werd gemarkeerd door hyperinflatie, werkloosheid en een hausse aan terreuraanslagen van guerrillagroepen als het maoïstische Sendero Luminoso (`Lichtend Pad') en de Marxistische Revolutionaire Beweging Tupac Amarú (MRTA). En voor Toledo, een `cholo' – zoals leden van de gemengdbloedige meerderheid van de 26 miljoen Peruanen genoemd worden – halen de dames hun neus op: een leugenaar.

Gelukkig zijn de beide presidentskandidaten niet afhankelijk van de klanten van Jockey Plaza. Belangrijker zijn de 6 miljoen mensen in Lima die zich onder de armoedegrens staande proberen te houden in de uitgebreide sloppengebieden. Maar ook daar wordt de mening van Louisa en Helga gedeeld door vele anderen. Reina, bijvoorbeeld, die waakt over een sigarettenstalletje in Miraflores, een `betere' wijk, zegt Alan García noch Toledo te vertrouwen. Maar Toledo is toch net als zij een `cholo'? ,,Juist, daarom. Ik discrimineer niet. Maar Toledo heeft geld binnengesleept waar zijn eigen volk niets van terugziet. Nee, ik vertrouw hem niet. En dat geldt voor alle gezinnen in mijn buurt.''

Ook het personeel van een van de hamburgertenten in het luxe winkelcomplex van Louisa en Helga heeft gemengde gevoelens. Alleen Nuna, de cheffin, heeft haar keuze bepaald: zij gaat voor Toledo stemmen. Maar de kok en twee serveersters met indiaanse trekken schudden ook al van nee. ,,Fujimori was voor ons helemaal niet zo slecht'', zegt de kok. Fujimori maakte een eind aan de terreur van Sendero Luminoso en MRTA (daarbij kwamen 30.000 mensen om het leven), zorgde voor elektriciteit, onderwijs en gezondheidszorg in kleine dorpen.

Het lijkt erop dat de zogenoemde `vuile publiciteitsoorlog' tussen beide kandidaten de oorsprong is van de weerzin bij de kiezers. Zo is Toledo beschuldigd van het niet erkennen van een kind uit een buitenechtelijke relatie en het liegen daarover. Net zoals hij zou liegen over het feit dat hij eens gearresteerd is toen hij onder invloed van cocaïne was. Tot slot zijn er vraagtekens gerezen over de wijze waarop hij omgaat met campagnefondsen. Ook Alan García wordt achtervolgd door beschuldigingen van corruptie. Hij wordt bovendien gekweld door het hardnekkige gerucht dat hij behandeld zou zijn wegens psychiatrische problemen.

De verkiezingscampagne is een geloofwaardigheidswedstrijd tussen de beide kandidaten in plaats van een strijd tussen verschillende ideologieën of politieke agenda's. Gisteren weet Toledo zijn geloofwaardigheidsprobleem aan ,,het feit dat de mensen al zo vaak gedesillusioneerd geraakt zijn''. Daarmee doelde hij op recente strapatsen van de Peruaanse politieke klasse, die ook een dankbaar onderwerp zijn van het gevierde satirische radio- en tv-programma `Grapjassen'. Maar ook de acteurs van dat programma moesten onlangs toegeven dat zij vaak de politieke werkelijkheid in absurditeit bij lange na niet kunnen overtreffen. Zie het het schandaal, vorig jaar, rond de zogeheten Vladivideos: videoopnames die Vladimir Montesinos, Fujimori's rechterhand en chef van de inlichtingendienst, had gemaakt tijdens het omkopen van parlementariërs, rechters, mediamagnaten en anderen. Montesinos nam de benen. De politie trof onder zijn roze ligbad een geheime gang aan die uitmondde in een ondergrondse garage. En toen Fujimori in november zelf de benen nam naar het land van zijn ouders, Japan, bleek dat hij al die tijd gewoon een Japanner was geweest en dus volgens de Peruaanse grondwet helemaal geen president had kunnen worden.

Een van de weinige positieve ontwikkelingen is de overgangsregering van president Paniagua en diens premier Pérez de Cuellar, oud-VN-chef. De hoofdtaak, het organiseren van verkiezingen, voeren zij naar behoren uit. Fujimori's aanpassingen van de grondwet zijn teruggedraaid, corruptie en mensenrechtenschendingen worden onderzocht. En Fujimori's hele legertop zit in voorarrest.

Peilingen hebben uitgewezen dat García zijn achterstand heeft ingelopen tot slechts vier procent. Het hoofd van de waarnemers van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), Eduardo Stein, was deze week weinig optimistisch over de uitslag. Stein somde drie scenario's op: als Toledo nipt wint komt het tot gewelddadigheden door aanhangers van García; omgekeerd gebeurd hetzelfde als García wint; en ook in het derde scenario – het blijft een tijd lang onduidelijk wie er heeft gewonnen – voorspelde Stein onrust.