Oversteekplaats voor coyotes

Mulholland Drive, de weg die Los Angeles verbindt met de San Fernando Valley, is half snelweg, half mythe en leende zijn naam aan de nieuwe film van David Lynch. Roel Bentz van den Berg kijkt naar weg en film in zijn maandelijkse serie.

Het was in alle vroegte, de nucleaire zon sliep nog in de woestijn en de heuvels en canyons boven Hollywood lagen in dichte mist verzonken. Ik had net de doorzichtige plastic zak met de Los Angeles Times en de blauwe plastic zak met de New York Times van het bedauwde gras geraapt, toen ik het tikken hoorde licht, snel en dwingend, als bij het aftellen voor een muziekstuk. Aan het tempo te horen waarmee de onzichtbare drummer zijn sticks tegen elkaar tikte, kon er elk moment een apocalyptische gitaarstorm over mij losbarsten en dus kromp ik, om de geluidsgolven beter te kunnen weerstaan, in elkaar als een egel. Maar alles bleef stil, op het ritmische tikken na dan dat nu snel dichterbij kwam. Ik keek op en zag nog net een wat mottige grijsbruine bontjas op hoge poten langs de asfalthelling van ons straatje naar beneden lopen met de nerveuze gang van een al wat ouder maar nog steeds dodelijk elegant party-meisje dat na een lange nacht terugkeert naar huis. Het was geen hond en geen vos en geen wolf, wist ik: het was een coyote die daar zo steels en koket tussen de slapende huizen doortrippelde mijn eerste confrontatie met dat veelbesproken droomdier op stilettohakken.

Een half jaar later zag ik in een film het omgekeerde gebeuren. Ik zag een vrouw een verschrikkelijk mooie vrouw, een die je het liefst in een doosje zou willen doen, een die een man beurtelings aanzet tot heftig geloei en wanhopig gebed als enige overlevende van een verschrikkelijk auto-ongeluk 's nachts in avondjurk en pumps de wildernis-kant van een helling afdalen. Als een coyote, dacht ik direct, want ik had de plek herkend. Die was nog geen tweehonderd meter verwijderd van de plek waar ik een coyote de gedaante van een vrouw had zien aannemen: een van de vele oversteekplaatsen tussen deze wereld en een andere die er te vinden zijn langs Mulholland Drive de smalle weg die over een afstand van honderd kilometer slingerend van oost naar west over de rug van de Santa Monica Mountains niet alleen Los Angeles verbindt met de San Fernando Valley, maar ook de Mojave met de oceaan, het heden met het verleden, hemel en aarde, droom en werkelijkheid. Net als bijvoorbeeld Route 66 en Highway 61 is Mulholland Drive half weg, half mythe. Wie er nooit zelf geweest is, kent in ieder geval uit tal van films het nachtelijke uitzicht over het horizonbrede tapijt van fonkelende lichtjes dat zich vanaf elke bocht in de diepte ontrolt.

Mulholland Drive, de nieuwe film van David Lynch die met dat auto-ongeluk begint is niet de eerste die naar die weg is genoemd, maar wel de beste. Hij telt drie parallelle verhaallijnen die elkaar kruisen in het oneindige, dat wil zeggen: waar fantoom en werkelijkheid voortdurend door elkaar lopen. Behalve met de vrouw van het ongeluk die haar geheugen is kwijtgeraakt en zich, naar een filmposter van Rita Hayworth, `Rita' noemt krijgen we vooral te maken met Betty die, blond en naïef, naar Hollywood is gekomen om actrice te worden maar tot alles bereid is om de bij haar ondergedoken Rita te helpen haar ware identiteit te achterhalen. De tweede verhaallijn draait om een jonge filmregisseur die door zijn maffiose geldschieters onder druk gezet wordt om de hoofdrol in zijn nieuwe film te vergeven aan een zekere Camilla Rhodes. En dan is er nog een onverzorgd type dat tijdens een slapstick-slachting een aantal mensen overhoop schiet om in het bezit te komen van het adressenboekje van een zekere Bob, `the history of the universe in phone-numbers'.

Tot zover zal alles duidelijk zijn.

Maar dan.

Dan bedenkt Rita dat ze wel eens `Diane Selwyn' zou kunnen zijn. Wanneer Betty en zij het huis hebben gevonden waar een vrouw woont die zo heet, treffen ze die binnen dood aan. Die avond zet Rita een blonde pruik op en kruipt in bed bij Betty, die kort daarop of is het nu opeens veel later of misschien juist wel veel vroeger? als verbitterde, aan lager wal geraakte actrice zelf Diane blijkt te heten, terwijl haar geliefde Rita niemand anders dan de door de maffia beschermde Camilla blijkt te zijn en de regisseur die eerst Adam heette de Bob van het adressenboekje.

Verwarrend?

Welnee. Als je maar op tijd bent opgehouden met puzzelen of in ieder geval de bereidheid toont om zelf ook je steentje bij te dragen.

Waar het als in veel andere films van Lynch in Mulholland Drive om gaat is de zekerheid dat er in Amerika op elk moment letterlijk van alles kan gebeuren en hoogstwaarschijnlijk ook zál gebeuren bij voorkeur in een bui van gekte die lang niet iedereen zal overleven. `A love story in the city of dreams' is de ondertitel en met dat laatste doelt Lynch niet zozeer op Hollywood als droomfabriek of als de plek waar iedereen ervan droomt een ster te worden, als wel op het feit dat de werkelijkheid, ook in haar meest alledaagse vorm, er het soortelijk gewicht heeft van dromen, of liever gezegd: hetzelfde gebrek eraan, dezelfde vluchtigheid en vloeibaarheid.

Het wemelt in die stad in motelkamers, bars, limousines en auditieruimtes van de spiegels waar je, als je er weer eens per ongeluk doorheen bent gestapt, aan de andere kant uitkomt met een geheel nieuwe identiteit. Of juist helemaal zonder één. Het Los Angeles van Lynch is een stad waar iedereen altijd een act opvoert, of in ieder geval doet alsof, tegenover anderen maar ook tegenover zichzelf. Het is net als Amerika in zijn geheel geen duidelijk aanwijsbare plek met een vastomlijnde geschiedenis; het is een verhaal dat iedereen aan elkaar vertelt over hoe je ongeveer kunt verwachten dat de dingen zullen lopen, een fabeltje dat elke keer meer hiaten vertoont. Hiaten die opgevuld worden met nieuwe dromen, vaak samengesteld uit de resten van oude, nieuwe namen, of nachtmerries.

Net als in Lynch' Blue Velvet waarin Dean Stockwell als zwaar bepoederde hoerenbaas In Dreams playbackt wordt er in Mulholland Drive op een cruciaal moment een lied van Roy Orbison vertolkt. Nog in dezelfde nacht dat zij voor het eerst de liefde hebben bedreven raken Rita en Betty verzeild in een klein theater waar zij tot tranen toe geroerd worden door een veelkleurig geverfde vrouw (of is het een man?) die een Spaanstalige versie zingt van Cryin'. Op het moment suprême stort de zanger(es) ineen, maar het lied gaat door. Vanaf dat moment zijn de schotten opgeheven tussen wat wij denken dat gespeeld is en wat echt op en buiten het toneel. Of iets echt is hangt af van hoe het gespeeld wordt. That's life. We doen allemaal heel erg ons best om de dingen zo goed mogelijk te playbacken alleen is datgene waarbij wij onze bekken staan te trekken lang niet altijd de vertrouwde werkelijkheid. En soms wordt er ook opeens halverwege van band gewisseld.

Vrij aan het begin van de film, niet lang na de crash op Mulholland Drive en Rita's coyote-tocht door het struikgewas, zien we in een haveloze ontbijttent twee mannen tegenover elkaar zitten. ,,Ik heb van deze plek gedroomd'', zegt de ene man, ,,twee keer al en ook dat wij hier aan deze tafel zaten. Beide keren bleek er in de steeg hierachter een gevaarlijk monster te wonen.''

Om zijn vriend gerust te kunnen stellen, biedt de andere man aan om samen een kijkje te gaan nemen.

`Mulholland Drive' ging in première op het filmfestival in Cannes. Voor Nederland heeft zich nog geen importeur gemeld.