Houvast zoeken in de stroom

`How does the real get into the made-up? Ask me an easier one.'

Het is een cruciale vraag die gesteld wordt in het gedicht `Known World', uit de nieuwe bundel van de Ierse dichter Seamus Heaney, Electric Light. De vraag hoe de werkelijkheid verzeild raakt in een verzinsel raakt aan de kern van literatuur en kunst, en roept allerlei ideeën op over Heaney's eigen poetica wie hem kan beantwoorden heeft in feite niets minder dan het mysterie van de scheppende verbeelding doorgrond.

Een eenduidig antwoord valt er dus niet direct te geven, maar wel is duidelijk dat in Heaney's eigen werk al sinds zijn eerste bundel een belangrijke rol is weggelegd voor de herinnering als vehikel om de `werkelijkheid' in zijn gedichten te verweven. Met name zijn landelijke jeugd op de ouderlijke boerderij, Mossbawn, in County Derry, vormt een onuitputtelijke bron van inspiratie voor Heaney's poëzie, waarnaar hij steeds weer terugkeert. Zo begint ook Electric Light met het gedicht `At Toomebridge', een brug over de rivier in zijn geboortestreek, beladen met historische associaties (`where the checkpoint used to be'), en eindigt de bundel met een verwijzing naar het verleden dat nog concreet aanwezig zou zijn `in the Derry ground.' Misschien nog meer dan in ander recent werk, betekent Electric Light voor Heaney een bewuste structurele terugkeer naar beginpunten, in de breedste zin van het woord, naar de fysieke, geografische, taalkundige of literaire bronnen van zijn bestaan.

Dit teruggrijpen naar de bron soms heel letterlijk, zoals wanneer Heaney beschrijft hoe hij zich laaft aan de heilige Castiliaanse bron van Apollo, bij Delphi in Griekenland krijgt in Electric Light een sterkere lading doordat de bundel tegelijkertijd is doortrokken van het onontkoombare besef van een einde. Waar geboorte een belangrijk motief is in de eerste helft van het boek, bestaat het tweede deel bijna volledig uit elegieën voor collega's en vrienden als Ted Hughes, Joseph Brodsky, Zbigniew Herbert, Norman MacCaigh, Sorley MacLean, en George Macay Brown, onder anderen. Heaney is zich terdege bewust van het bijna te symmetrische, kunstmatige contrast tussen beginpunten en eindes in zijn nieuwe bundel, neemt het zelfs op de hak in `The Fragment': `Since when, he asked,/ Are the first line and the last line of any poem/ Where the poem begins and ends?'

Toch hangt deze spanningsboog nauw samen met het thema dat als een rode draad door Electric Light heenloopt: het zoeken naar bestendigheid en houvast temidden van de vluchtigheid en vergankelijkheid van een wereld die in een staat van permanente, Heraclitische flux verkeert. `Perch', het tweede gedicht uit de bundel, over de baarzen die bewegingsloos in de rivierstroom achter Heaney's huis hingen, biedt hiervan een emblematisch beeld:

Guzzling the current, against it, all

muscle and slur

In the finland of perch, the fenland of

alder, on air

That is water, on carpets of Bann stream,

on hold

In the everything flows and steady go of

the world.

Duurzaamheid is bij Heaney in de eerste plaats te vinden in de aarde en het landschap van Derry zelf. Maar daarnaast kunnen literatuur en taal evengoed vaste grond onder de voeten bieden. In `The Loose Box', een gedicht over de stal uit zijn jeugd, citeert Heaney de Ierse dichter Patrick Kavanagh, die beweerde dat er `health and worth' is gelegen in het spreken over het land:

Mossy, heavy, cold, the actual soil

Almost doesnt matter; the main thing is

An inner restitution, a purchase come by

By pacing it in words that make you feel

Youve found your feet in what

`surefooted' means

And in the ground of your understanding

Versvoeten, geaard in de juiste woorden, vormen voor een dichter uiteraard het beste verweer tegen vergankelijkheid, en als om dit te onderstrepen plaatst Heaney zich in Electric Light nadrukkelijk in een lange literaire traditie, door tal van verwijzingen naar schrijvers zo divers als Auden, Vergilius, Leopardi, Gordimer, Hopkins, Dante, en de Beowulf-dichter. Heaney wijdt zelfs een heel gedicht, `The Bookcase', aan een liefdevolle opsomming van zijn belangrijkste literaire invloeden, simpelweg door zijn vroegere boekenkast te beschrijven. Daarin treffen we onder meer Elizabeth Bishop, Yeats, Robert Frost, Wallace Stevens, Hardy, Dylan Thomas, Caedmon, Bede en Synge aan. Het effect van zoveel literaire namedropping is vreemd genoeg dat er een beeld ontstaat van een levende schrijversgemeenschap, waar de relatief onbekende Schot David Thomas evenzeer deel van uitmaakt als Shakespeare. Bovendien bevestigen Heaney's elegieën telkens weer het belang van de herinnering bij het preserveren van de werkelijkheid.

Toch zijn deze schrijversgedichten niet de meest interessante uit de bundel. Ze dwingen bewondering af door hun technische vakkundigheid, treffende beelden of eruditie, maar het is pas wanneer Heaney weer put uit zijn Derry-herinneringen, en laat zien hoe die voortleven in het heden, dat er wonderbaarlijke juweeltjes ontstaan als `Out of the Bag', in meer opzichten het meest fantastische gedicht uit Electric Light. In `Out of the Bag' neemt Heaney ons mee naar de wereld van het kind dat hij ooit was, een kind dat thuis observeerde hoe Doctor Kerlin eens in de zoveel tijd langskwam met zijn dokterstas om een babytje te brengen: `All of us came in Doctor Kerlins bag.' Met die gesloten tas ging de dokter de kamer binnen, en als hij weer naar buiten kwam om zijn handen te wassen, kon iedereen zien dat de tas nu helemaal leeg was.

Een soort tovenaar was het, deze dokter, met zijn goddelijke vermogen leven te scheppen. Zijn kille ogen bezorgen de kleine Seamus echter nachtmerries. Twee kijkgaatjes waren het, `hyperborean, beyond-the-north-wind blue', die hem een blik boden op de ijskoude ruimte die erachter lag: witte tegels, stalen haken, porselein de kleur van magere melk en ijs, bloed op het zaagsel, en onderdelen van babylijfjes netjes opgehangen aan een waslijn langs het plafond het is de geheimzinnige plek waar de dokter de babytjes bouwt die hij aflevert. En de volwassen Heaney kan er nog altijd, wanneer hij aan dokters wordt herinnerd, onverwachts angstvisioenen over krijgen, want: The room I came from and the rest of us all came from/ Stays pure reality where I stand alone,/ Standing the passage of time.

De beste verzinsels, zo toont Heaney in Electric Light, vangen niet alleen de werkelijkheid in de verbeelding, ze geven op hun beurt door de kracht van die verbeelding de werkelijkheid op magische wijze kleur.

Seamus Heaney: Electric Light. Faber, 81 blz. ƒ42,95