Bellini's Norma mist bij Reisopera stijl en dramatiek

Het vroeg-19de eeuwse tragische Italiaanse belcanto heeft de grote liefde van het publiek, maar niet van de operagezelschappen. Vóór de Nederlandse Opera in 1986 naar het Amsterdamse Muziektheater verhuisde, zong de absolute wereldster Joan Sutherland hier hoogtepunten uit dit belangrijke romantische repertoire in geënsceneeerde voorstellingen: Lucia di Lammermoor en Maria Stuarda van Donizetti en Norma van Bellini, met onder andere het fameuze Casta Diva.

Sindsdien is bijvoorbeeld Norma, met al die meeslepende duetten en terzetten een van de aansprekendste en melodierijkste opera's die er bestaan, taboe bij de reguliere gezelschappen die eigentijdse ensceneringen willen brengen. Alleen Groningen zag in 1996 op de gerenoveerde markt een particulier georganiseerde Norma in zeer ouderwetse stijl. Nelly Miricioiu zong in 1999 met succes twee concertante uitvoeringen in Amsterdam en Eindhoven. Verder doen de liefhebbers het met de legendarische platen van Callas en Sutherland, twee totaal verschillende visies op het stuk.

Nu tourt de Nederlandse Reisopera met een concertant gebrachte Norma, mét zeer nuttige boventitels. Deze Norma is een bezuinigingsmaatregel omdat complete voorstellingen van Verdi's Simone Boccanegra te duur waren. Artistiek leider Guus Mostart wil wel een èchte Norma-voorstelling doen, maar wacht op regisseurs die een `interessant regieconcept' hebben. Zó moeilijk is dat toch niet. Het jaloezie- en wraakrijke verhaal van Norma, waarin twee vrouwen aanvankelijk onwetend een verhouding hebben met dezelfde man Pollione en zich vervolgens samen tegen hem keren, kan moeiteloos een aflevering vormen van de SBS6-serie Sex in the City.

Muzikaal en vocaal is deze wisselvallige concertante uitvoering helaas geen wervende reclame voor Norma. De Poolse sopraan Elzbieta Szmytka, die hier in de titelrol haar roldebuut zingt, is beroemd om haar kernachtige lichte stem, vooral in Mozartrepertoire. Ze wil haar repertoire verbreden en deed daarop gisteravond bij de eerste uitvoering in Maastricht zeer haar best. Bij vlagen kwam Szmytka tot fraaie of zelfs bijna roerende resultaten, maar ze miste de wat bredere en diepere dramatische expressie die hier volgens de traditie is vereist, hoe incidenteel die traditie ook op topniveau wordt ingevuld of uitgebreid.

Natuurlijk kan men Szmytka's prestatie `hoogstpersoonlijk' noemen, maar ze klonk niet vanzelfsprekend op haar plaats en meestal te eenvorming opgeschroefd. Dat opgeschroefde past overigens in principe wel bij de telkens weerkerende boosheid, woede en verachting voor Pollione, maar af en toe verlangt men naar wat mildere, minder furieuze passages. Hopelijk wordt dat de komende uitvoeringen beter.

De omstandigheden waren ook verre van ideaal. De Maastrichtse zaal heeft in een concertopstelling een ongenadig harde en scherpe akoestiek. Dirigent Patrick Davin leidde het Orkest van het Oosten op soms bruuske wijze met weinig stijlgevoel. Hij leek telkens over te schakelen van Gluck naar de jonge Verdi, alsof Bellini daar niet tussen zat. En Harrie van der Plas was een kaal klinkende schreeuwerige Pollione. Annelies Lamm, destijds ook in Groningen als Adalgisa te horen, en Jaco Huijpen (Oroveso) kwamen tot passende prestaties.

Concert: Norma van V. Bellini door de Nationale Reisopera en het Orkest van het Oosten o.l.v. Patrick Davin. Gehoord: 31/5 Theater aan het Vrijthof Maastricht. Herh.: 2, 16/6 Enschede; 6/6 Heerlen; 8/6 Leeuwarden; 12/6 Den Bosch.