SMEEROLIE

Ooit was ik te laat met het verlengen van mijn `vreemdelingenregistratiekaart' bij het bevolkingsregister in Tokio. Biljetten van tienduizend yen om de ambtenaar te overreden mijn kleine overtreding door de vingers te zien, waren niet nodig. De vriendelijke dame aan de balie vroeg mij slechts een brief te ondertekenen aan de minister van Justitie waarin ik spijt betuigde. Zonder problemen maakte zij daarna de verlenging in orde. De gewone Japanse burger loopt niet tegen corruptie aan. De bureaucratie functioneert zonder irritaties en de treinen rijden op tijd. In alles lijkt de Japanse samenleving een goed geoliede machine.

Maar in de hogere regionen bestaat de smeerolie wel degelijk uit pakken geld. Elk jaar arresteert Justitie wel een parlementslid wegens corruptie. En politici met een veroordeling wegens corruptie achter de kiezen keren zonder problemen terug in het parlement.

Een geliefde methode onder politici om beschuldigingen van corruptie af te wentelen, is wijzen naar de secretaris. ,,Mijn secretaris is zo ijverig, hij zal het geld wel met de beste bedoelingen hebben aangenomen. Ik zelf wist nergens van'', zo kan een verklaring luiden. Het zal duidelijk zijn: secretarissen van politici worden vaker gearresteerd dan politici.

De kern van deze corruptie is cliëntelisme. Mensen kloppen aan bij (de secretarissen van) politici voor een baan voor hun zoon, hulp bij het verkrijgen van financiering voor hun zaak, het annuleren van een verkeersovertreding of overheidsopdrachten. Toen Japanse banken het halverwege de jaren negentig moeilijk kregen en hun uitstaande leningen terugschroefden, kreeg ook de Tokiose vestiging van een Nederlandse bank een brief van een parlementslid of men niet een lening kon verstrekken aan een bevriend bedrijf.

Transparante regels met toetsing achteraf behoren niet tot de Japanse traditie. Men is gewend aan een allesbeheersende overheid die naar goeddunken wikt en beschikt. Om de weegschaal de goede kant uit te laten slaan, is nu en dan wat smeerolie nodig. Elke Japanner begrijpt dit. Dus is er enerzijds ophef en verontwaardiging over corruptieschandalen, waarop politici steevast reageren met de bezweringsformule dat ze hun ,,best zullen doen om het vertrouwen in de politiek te herstellen.'' Anderzijds keert een veroordeelde politicus zonder problemen terug in het parlement.