Platform

In de sociëteit van perscentrum Nieuwspoort in Den Haag vormde zich een groepje journalisten en prominenten uit het bedrijfsleven rond prins Willem-Alexander. De prins stond er tamelijk ontspannen bij. Hij rookte een lichte sigaar en dronk een glaasje witte wijn. De kleur van zijn gezicht was hoogrood het rood van iemand die een te dunne huid heeft voor scherp zonlicht.

,,Mag hij hier gequoot worden?'' vroeg een journalist bezorgd aan een collega. Quoten is jargon voor citeren. ,,Jazeker'', stelde de collega hem gerust.

Er was alleen een probleem: er viel niets te quoten. Kort tevoren had de prins tijdens een persconferentie in een belendend zaaltje ook al weinig citabels gezegd. Na het Waterbeheer had hij een nieuwe, zo neutraal mogelijke taak opgevat: die van voorzitter van het Platform Internet voor Alledag. Was hij van plan er veel tijd in te investeren? Nee, hij had wel wat anders te doen, zei de prins in veel diplomatiekere bewoordingen.

Maar hij vond het een geweldig plan, dat Platform. Waarom eigenlijk? Dat wilde maar niet duidelijk worden uit de inleiding die hij bekwaam voorlas. Het was vooral een geweldig váág plan. Het Platform moest kleinschalige internetprojecten steunen voor gewone mensen. Als bijvoorbeeld boeren, onderwijzers en thuiszorgers voor hun werk iets met internet wilden doen, konden ze zich wenden tot het Platform. Kregen ze dan financiële steun? Nee, het Platform zou alleen coördineren en stimuleren.

Terwijl de prins zijn wollige zinnen uitsprak, konden we onze ogen laten dwalen over het voorname gezelschap dat met hem het Platform vormde: onder anderen ex-minister Wijers, Unilever-topman Anthony Burgmans, ex-topman Ton Risseeuw van Getronics, ex-ambassadeur Terry Dornbush van de Verenigde Staten. Beleefdheidshalve werden ook hun enkele vragen gesteld, maar alles draaide verder om de prins. Zonder de prins zou dat zaaltje akelig leeg zijn geweest.

Toen we na afloop met de prins en de andere topmannen een glaasje wijn in de sociëteit mochten drinken, kreeg de situatie een nog hoger gehalte van onwezenlijkheid. Het onderwerp van gesprek was en bleef: het Platform. Je gaat aan de prins op zo'n moment niet vragen: nog een leuk weekend gehad? De journalisten bleven grote interesse veinzen voor het Platform, maar ze hoopten stiekem op dat ene vlaagje openhartigheid van de prins. Dat hij nóg een glaasje zou nemen en dat hij dan plotseling zou zeggen: ,,Wat Máxima en mij nu weer is overkomen...''

Maar nee. De journalisten stelden vragen over een onderwerp dat hen niet interesseerde, de prins gaf antwoorden die hemzelf evenmin interesseerden. Iedereen wilde dolgraag van dat Platform afstappen, maar niemand durfde.

Ik ging de schilderijen in de sociëteit bekijken. Er hing een prachtige Paul Citroen. Toen ik even later weer langs het groepje met de prins kwam, hoorde ik hem toegewijd uitroepen: ,,De internetapplicatie voor onderwijs...''

Buiten, achter twee hangerige veiligheidsmensen, wachtte een mooie zomeravond.

    • Frits Abrahams