Franse justitie heeft meer macht gekregen

De straffen die zijn uitgesproken tegen oud-minister Roland Dumas en anderen laten zien dat de Franse justitie onafhankelijker is geworden van de politiek.

Nu Roland Dumas, oud-minister en oud-president van de Constitutionele Raad, veroordeeld is tot zes maanden gevangenisstraf lijkt het incident lichtjaren ver weg.

Toch is het slechts vijf jaar geleden dat de toenmalige minister van Justitie Jacques Toubon een helikopter op pad stuurde om de procureur van Évry tijdens diens vakantie van een berg in Nepal te plukken. Een van diens medewerkers had het bestaan een gerechtelijk onderzoek te beginnen tegen Xavière Tiberi, de echtgenote van de toenmalige burgemeester van Parijs en partijgenoot van Toubon. Of de procureur zijn ondergeschikte maar even tot de orde wilde roepen.

Het hoogst symbolische ministeriële ingrijpen had grote gevolgen. Jacques Chirac, de net aangetreden president van de Republiek, gelastte onder druk van een storm van protest een hervorming van de rechterlijke macht. De rechtspraak moest werkelijk onafhankelijk worden – wat in theorie wel al het geval was, maar in de praktijk geenszins.

Toubon handelde in een traditie: justitie was een instrument, op afroep van de politiek inzetbaar dan wel tot stilzwijgen te manen. En zelfs op de theoretische onafhankelijkheid moet worden afgedongen worden. De scheiding van de wetgevende, de uitvoerende en de rechtsprekende machten (trias politica) was weliswaar altijd al het hoogste goed, zoals het de bakermat van de mensenrechten betaamt. Maar in de Vierde Republiek lag het primaat van de macht bij het parlement. En in de Vijfde Republiek, ingesteld door generaal De Gaulle, verschoof die naar de president en de door hem bestierde regering. Ongeacht het regime was justitie het ondergeschoven kind.

Zelfs naar de letter van de wet was de derde macht een mythe. De Grondwet van 1958, die nog steeds van kracht is, verleent justitie ,,autoriteit'' en geen ,,macht''.

Wat dat betreft heeft de praktijk de theorie ingehaald, niet in de laatste plaats dankzij de regering-Jospin. Iedere keer als er een justitieel optreden dreigt tegen een politiek verantwoordelijke – zo ongeveer wekelijks – verklaart de premier zich onbevoegd tot een oordeel en brengt hij in herinnering dat de rechter volgens hem ,,zijn werk (moet) doen''.

Ook onder Jospin is de Staat vanzelfsprekend nog steeds verantwoordelijk voor de openbare orde, maar anders dan vóór zijn aantreden onthoudt het ministerie van Justitie zich van het uitvaardigen van richtlijnen ten aanzien van andere dossiers. Sinds de door zijn minister Elisabeth Guigou gerealiseerde hervorming hebben ook machthebbers geen ander toevluchtsoord tot hun beschikking dan het nieuwe wettelijk vastgelegde begrip ,,vermoeden van onschuld''.

Dat verhindert het justitiële apparaat niet gebruik te maken van zijn nieuwe vrijheid, en tegen de ene na de andere gezagsdrager een onderzoek te openen. [Vervolg DUMAS: pagina 5]

DUMAS

Vrees voor 'spektakel-justitie'

[Vervolg van pagina 1] ,,Spektakel-justitie'', in gang gezet door magistraten die van de weeromstuit doorschieten, is één van de mogelijke gevolgen van de tot nu toe onbekende vrijheid die de Franse justitie zich permitteert. President Chirac heeft dat inderdaad goed gezien – wat niet automatisch betekent dat daar in zijn geval ook sprake van is.

De justitiële ,,ennuis'' (moeilijkheden) van de huidige president van de Republiek vormen een tot voor kort ondenkbaar symptoom van de vrijheid van de Franse rechtspraak. Dumas, alom gerespecteerd compagnon de route van nota bene François Mitterrand, oud-president van mystieke afmetingen, is een ander voorbeeld.

Tegen wie loopt er géén onderzoek, kan men zich beter afvragen, zo lijkt het soms. Pierre Moscovici, minister van Europese Zaken, zag zich deze week nog gedwongen te verklaren ,,geen angst voor de waarheid'' te hebben naar aanleiding van een oproep van de rechter te komen getuigen in een sociale woningbouw-affaire. Oud-minister Charles Pasqua is sinds kort onderwerp van een gerechtelijk onderzoek – de notie op zichzelf is zo nieuw als de vrijheid van justitie. Ook oud-minister Strauss-Kahn zal zich tegenover justitie moeten verantwoorden. .

Inmiddels dreigt de rechter op een andere manier toch weer ingezet te gaan worden door de politiek: nu als kruiwagen. De socialist Arnaud Montebourg ijvert voor opheffing van de juridische onschendbaarheid van de president, in de verwachting, dat de onafhankelijke rechter dan de president niet zal sparen.

De voorzitster van Chiracs partij, Michèle Alliot Marie, dringt ook aan op aanpassingen van de juridische status van de president, maar juist om hem daarmee in bescherming te nemen. Want volgens haar, en Chirac zelf, kan een onschendbare president zich niet verdedigen.

    • Pieter Kottman