Artsen al te gevoelig voor beïnvloeding

Een betaalbare, doelmatige verstrekking van medicijnen wordt vooral belemmerd doordat huisartsen en specialisten zich laten beïnvloeden door medicijnfabrikanten.

Dit staat in een rapport van het College van Zorgverzekeraars dat binnenkort verschijnt. Het College schreef het rapport in opdracht van minister Borst (Volksgezondheid), die het medicijnbeleid van de zorgverzekeraars wil verbeteren.

Voorschrijvers van medicijnen (huisartsen en medisch specialisten) schrijven volgens het rapport niet consequent het goedkoopste, geschiktste geneesmiddel voor, doordat zij beïnvloed worden door de marketingmethodes van farmaceutische bedrijven. Daardoor schrijven artsen merkmiddelen voor, terwijl goedkopere, merkloze medicijnen ook zouden voldoen. De farmaceutische industrie zou jaarlijks ten minste 500 miljoen gulden uitgeven aan promotie onder artsen.

De Koninklijke Nederlandsche Maatschappij ter bevordering der Geneeskunst (KNMG) erkent dat beïnvloeding van artsen problemen oplevert. Zij is bezorgd over de doelmatigheid van de medicijnvoorschrijving en over de geloofwaardigheid van artsen. Over de mate waarin beïnvloeding daadwerkelijk plaatsvindt, wil zij geen uitspraak doen.

De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) vindt het ,,te ver gaan om te stellen dat huisartsen hun oren laten hangen naar de farmaceutische industrie''. De industrie speelt een belangrijke rol in met name het nascholingstraject van huisartsen. De LHV zegt echter dat het ,,de beïnvloeding door marketing van huisartsen heeft weten te beperken''.

Beide partijen – farmaceutische industrie en artsen – proberen al geruime tijd door zelfregulering het probleem aan te pakken. Enkele jaren geleden heeft de Stichting Code Geneesmiddelenreclame een gedragscode voor beide beroepsgroepen opgesteld. In deze stichting hadden zowel de KNMG als Nefarma zitting, die respectievelijk de huisartsen en medisch specialisten en de farmaceutische industrie vertegenwoordigden.

De gedragscode is volgens de KNMG aan vernieuwing toe, onder meer de regels over reclame en nascholing zouden ,,vaag'' zijn. De wetgeving op dit gebied zou aan hetzelfde euvel lijden en door het kabinet moeten worden aangepast. Een schriftelijke enquête onder KNMG-leden bevestigde haar idee dat aanscherping nodig is. Een overgrote meerderheid van de 696 ondervraagde artsen liet weten een gematigde rol van de farmaceutische industrie bij nascholing zoals congressen te willen. Zo wil 73 procent een uitnodiging voor een gezinsweekendje in een pretpark met één ochtend lezingen niet aannemen. Van de artsen maakt 45 procent bezwaar tegen nascholingscursussen in het buitenland op kosten van de farmaceutische industrie.