Niet thuis?

,,Met Mats'', meldt zich een fiere jongensstem.

,,Met Cor. Zeg Mats, mag ik je vader?''

,,Nee!'' klinkt het zelfverzekerd.

,,Nou zeg, en waarom dan wel niet?''

,,Omdat hij er niet is!''

,,Waar is hij dan naar toe? Is hij naar Parijs soms?''

,,Nee, hij zit een week in... in Spanje!'' Lichte triomf klinkt door in zijn stemmetje. Op de achtergrond hoor ik Peter lachen.

,,Zeg Mats, hoe kan het dat ik je vader hoor lachen terwijl hij in Spanje zit?''

,,Dat is mijn vader niet!''roept hij, vastbesloten. Peter schatert...

,,Wie is hij dan wel?''

,,Dat is, dat is mijn... oppas!'' klinkt het, bijna juichend.

Peter lacht nóg harder.

,,Mats, luister 's. Hoe heet je oppas?''

,,Eh, die heet... Peter!'' Twijfel sluipt in zijn stem.

,,Mats, maar Peter is toch je vader?''

,,Ja, maar dit is de, eh eh, de broer van mijn vader!''

Ik geef geen antwoord. Dan verandert hij van gespreksonderwerp:

,,Cor...?''

,,Ja?''

,,Eh. Wanneer kom je weer eens bij ons op je hoofd staan?''

,,Dat weet ik nog niet. Maar je weet toch wel dat twee broers niet samen Peter kunnen heten? Je bent door de mand gevallen, Mats. Mag ik nu je vader even spreken?''

,,Ben ik gevallen? Nee hoor! Ik zit nog steeds!?''

,,Nee, Mats, door de mand ben je gevallen! En mag ik nu toch je vader even?''