Meer dopinggevallen in Nederland in 2000

Dopingcontrole Nederland (DoCoNed), het instituut dat de controles uitvoert, heeft in het jaar 2000 22 sporters positief getest. Dat werd vanochtend op het nationaal sportcentrum Papendal bekend gemaakt.

In vergelijking met 1999 is het getraceerde aantal verboden stoffen gestegen van zeven naar vijftien. De stijging wordt toegeschreven aan de verhoging van het aantal controles van 1.061 naar 1.757. Bovendien werd in meer takken van sport geconroleerd.

Werden in 1999 nog voornamelijk stoffen als salbutamol, nandrolon, testosteron, pseudo-efedrine en cocaïne opgespoord, vorig jaar kwamen daar bij: terbutaline, efedrine, cafeïne, canrenoïnezuur, hydrochloortiazide, chloortalidon, atenolol, stanozolol, menthenolon en MDMA.

NOC*NSF onderzoekt of er voor dopingzondaars een onafhankelijk rechtsprekend instituut moet komen.

Gebleken is dat vooral kleine bonden tekortschieten in de tuchtrechtspraak bij positieve gevallen en dat op brede schaal de wens leeft voor een onafhankelijk rechtsprekend instituut. Ook grote bonden als de atletiekunie en wielrenunie zijn voorstander van zo'n instituut.