In)tolerantie 3

Van der Vlies wordt verweten intolerant te zijn met name betreffende homoseksualiteit en euthanasie, terwijl iedere overtuiging zijn grenzen heeft, en ook zijn tegenstanders dus op enig moment intolerant zullen blijken. Hij heeft gelijk. Iedere overtuiging stelt zijn grenzen aan wat je anderen toestaat.

Het beste voorbeeld vind ik de vrouwenbesnijdenis. Hoe zeer dit ook een eerbiedwaardige traditie mag zijn in het land van herkomst, en hoezeer dit ook geworteld is in godsdienstige of andere wezenlijke overtuigingen, ik ben niet van plan dat toe te staan. Wat mij betreft mag het strafbaar worden gesteld. Mijn argument is evenwel niet dat het een verkeerde overtuiging is, maar dat de meisjes die zo behandeld worden er hun hele leven door verminkt zijn. Ik zou het niet verbieden omdat de overtuiging waaruit het voortkomt verkeerd, zondig of misdadig is, maar ter bescherming van vrouwen. Dat is een wezenlijk verschil.

De (extreme) tegenstanders van euthanasie gebruiken wel het argument dat euthanasie moord is. De argumentatie luidt: het leven is de mens door God gegeven. God blaast, met het geschenk van het leven, in de mens ook diens onsterfelijke ziel. Het past de mens niet om zelf in dat leven op een of andere wijze in te grijpen. Het is duidelijk dat dit argument alleen kan gelden voor wie in God gelooft.

De niet-gelovige en natuurlijk de vele gelovigen die iets anders geloven dan Van der Vlies en de zijnen, zien euthanasie als een menselijke handeling, die gerechtvaardigd wordt uit bekommernis voor het lijden van wie om euthanasie vraagt. Als Van der Vlies zijn zin zou krijgen dan zou hij anderen verbieden naar hun overtuiging en voorkeur te leven, op gronden die door die anderen als irreëel zouden worden gezien. Van der Vlies zou zich terdege moeten realiseren dat zijn verbod op euthanasie en homoseksualiteit anderen zou verbieden naar hun overtuiging te leven.

    • Tweede-Kamerfractie Vvd
    • Elisabeth Meijer